Les 4: Academische woordenschat

Les 4: Academische woordenschat

1 / 43
volgende
Slide 1: Slide
newEditorNederlandsSecundair onderwijs

In deze les zitten 43 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 51 min

Onderdelen in deze les

Les 4: Academische woordenschat

Lesdoelen

Je leert …

… wat morfologie is en uitleggen wat een morfeem is. (LPD 9)

… het onderscheid maken tussen vrije morfemen en gebonden morfemen. (LPD 9)

… prefixen en suffixen herkennen en hun betekenis verklaren in woorden. (LPD 9, 10)

… de betekenis van onbekende woorden afleiden op basis van woorddelen (bv. analyseerbaar, contrabassist). (LPD 10, 11)

… klassieke woorddelen (bv. bio, geo, morf, -logie) herkennen en gebruiken om de betekenis van complexe woorden te verklaren. (LPD 9, 10)

… woorden ontleden in vrije en gebonden morfemen. (LPD 9)

… prefixen en suffixen herkennen en hun betekenis toepassen. (LPD 9, 10)

… de betekenis van complexe woorden afleiden op basis van klassieke woorddelen. (LPD 10, 11)

Morfologie= studie van vormen

  • morf = vorm

  • logie = studie van

  • studie van de vorm


biologie → bio + logie

  • studie van het leven

  • Artsen en biologen bestuderen in de morfologie de vorm en opbouw van lichamen, organen en weefsels.


In taal:
→ studie van de opbouw van woorden


Noem nog woorden die eindigen op -logie

Woordopbouw

Woordleerstrategie

Wanneer je een woord niet kent, kan je morfologie toepassen om de betekenis te achterhalen:


Je kan het woord opdelen in delen die je misschien wel kent. Dit kan vaak met samenstellingen of afleidingen. Als je een deel van het woord kent, is het mogelijk om de betekenis af te leiden.

Morfologie= studie van vormen

Morfologie is dus de leer van de woordvorming.


Ze bestudeert de manier waarop in een taal woorden worden gevormd door afleiding en samenstellingen.


De morfologie houdt zich ook bezig met verbuigings- en de vervoegingsvormen van een taal, zoals de werkwoordsvervoeging of de manier waarop bijvoeglijke naamwoorden in het Nederlands soms een buigings-e krijgen en soms niet.

vb. een blije man - een blij kind

Welk woord past niet in het rijtje?

A

poolster

B

dwaalster

C

monster

poolster

dwaalster

pool + ster

dwaal + ster

(planeet)

grondwoord + grondwoord

= samenstelling

twee delen die ook als afzonderlijke woorden bestaan

monster

voorvoegsel/ prefix + grondwoord

grondwoord + achtervoegsel/ suffix

= afleiding

ondankbaar

A

samenstelling

B

afleiding

openhartoperatie

A

samenstelling

B

afleiding

langetermijnplanning

A

samenstelling

B

afleiding

tv-programma

A

samenstelling

B

afleiding

driewieler

A

samenstelling

B

afleiding

Geef woorden die eindigen op het achtervoegsel -aar

Welke betekenis heeft het achtervoegsel 'aar'?

Wat betekent "wanvoeding" en hoe gebruik je de strategie om de betekenis te achterhalen?

Wat betekent "wantoestand" en "wanbetaler"?

Wat is een morfeem?

Morfeem = kleinste betekenisdragende woorddeel


  • Voorbeeld: badhanddoek

    • -> 3 morfemen

    • -> bad + hand + doek


  • Kan gebonden of vrij voorkomen

Vrij en gebonden morfeem

Vrij morfeem of lexeem

  • kan zelfstandig voorkomen

  • voorbeeld: stoel


Gebonden morfeem of affix

  • kan niet zelfstandig voorkomen

  • voorbeeld: -en (stoelen)

Voorbeelden

vriend + in

  • vriend → zelfstandig woord → vrij morfeem

  • -in → vrouwelijke variant → gebonden morfeem

    • de -in in vriendin ≠ het voorzetsel in

  • vriendin → is geen morfeem want dit is splitsbaar

boekje

  • boek → zelfstandig woord → vrij morfeem

  • -je → verkleinwoord → gebonden morfeem

    • de -je in boekje ≠ het woord je

    • Je werkt → je = vrij morfeem

  • boekje → is geen morfeem want dit is splitsbaar

Verschillende soorten “in”

1. -in (achteraan)
→ vrouwelijke vorm


2. in- (vooraan)
→ betekent “niet”

Voorbeelden:

  • inefficiënt

  • inhumaan

  • incompetent


Prefix en suffix

Prefix (voorvoegsel)

  • staat vooraan

  • vb: in-, on-, ont-, her-


Suffix (achtervoegsel)

  • staat achteraan

  • vb: -in, -ist, -baar, -er


Gebonden morfemen
→ hebben een vrij morfeem nodig

Voorbeelden prefix

  • in + efficiënt

  • on + mogelijk

  • ont + wapenen

  • her + beginnen

  • ont + ploffen


Betekenis verandert door toevoeging

Voorbeelden suffix

  • vriend + in

  • viool + ist

  • eet + baar

  • drum + er


Let op:
spellingsaanpassingen mogelijk

  • violist

  • drummer

Waarom is dit nuttig?

Woordvorming helpt bij:

  • nieuwe woorden begrijpen

  • betekenis afleiden

  • woordenschat uitbreiden

Voorbeeld:
bassist
→ bas + ist (betekenis: iemand die iets doet, beoefent of bespeelt.)

→ iemand die bas speelt

analyseerbaar
→ analyse + baar (betekenis: kan worden - mogelijk om te)

→ in staat om geanalyseerd te worden

Klassieke woorddelen

morfologie

  • morf = vorm

  • logie = studie van

  • o = bindmorfeem of interfix


De -o-
→ verbindt woorddelen
→ geen zelfstandige betekenis
→ zorgt voor vloeiende uitspraak


Sommige woorden bestaan uit Griekse delen. → 33 Griekse morfemen

→ honderden woorden verklaren → zelfs duizenden combinaties mogelijk


Klassieke woorddelen

Wat betekenen deze woorden?

  • bioscoop

  • geografie

  • telefonie

→ ontleed in morfemen

Samenvattend schema

Morfologie

  • studie van woordopbouw

Morfeem

  • kleinste betekenisdragende deel

Vrij

  • zelfstandig

Gebonden

  • prefix / suffix

Klassieke delen

  • vaak Grieks

  • combineerbaar

In de morfologie splitsen we woorden op in de kleinste betekenishoudende deeltjes. We noemen deze deeltjes...

A

affixes

B

morfemen

C

afleidingen

D

lettergrepen

Een ander woord voor 'gebonden morfeem' is...

A

affix

B

prefix

C

lexeem

D

afgeleide

Een gebonden morfeem dat achteraan een vrij morfeem wordt gekoppeld is...

A

een prefix

B

een interfix

C

een suffix

D

een circumfix

Juist of fout? Een woord kan bestaan uit een combinatie van vrije en gebonden morfemen.

A

juist

B

fout

C


D


Hoeveel vrije morfemen bevat het woord 'onbetaalbaar'?

A

één

B

twee

C

drie

D

vier

Hoeveel gebonden morfemen bevat het woord 'betoverd'?

A

één

B

twee

C

drie

D

vier

Het woord 'betonboor' bestaat uit...

A

één vrij morfeem

B

twee vrije morfemen

C

twee gebonden morfemen

D

één vrij en één gebonden morfeem

Juist of fout? Het woord 'theatervoorstellingen' bevat zowel een samenstelling als een afleiding.

A

juist

B

fout

C


D


Samenstelling of afleiding? onschuldig

A

samenstelling

B

afleiding

Samenstelling of afleiding? weglopen

A

samenstelling

B

afleiding

Samenstelling of afleiding? verplicht

A

samenstelling

B

afleiding

Samenstelling of afleiding? huidskleur

A

samenstelling

B

afleiding

Wat is de betekenis van het voorvoegsel 'pro'

Maak woorden met het voorvoegsel 'pro'

Oefeningen in de cursus p. 18.