H1.1 Atoombouw
H1.1 Atoombouw
Leerdoelen 1.1
Je kan van een willekeurig atoom het atoommodel beschrijven volgens Bohr: welke en hoeveel deeltjes zijn aanwezig en waar bevinden deze zich.
Je kan een beschrijving geven van het begrip isotoop.
Je kant de opbouw van het periodiek systeem beschrijven en gebruiken om van elementen de atoombouw te geven en chemische eigenschappen te voorspellen
Deze les
Uitleg + oefenen atoommodellen
Uitleg opbouw van atomen
Maken begrippenoverzicht paragraaf 1.1
Maken opdrachten paragraaf 1.1
5 min: kijk en beantwoord de vraag
Bekijk Binas tabel 25. Wat zie je (niet laatste kolom)?
Wat denk je dat isotopen zijn?
Kun je de getallen terug vinden in het periodiek systeem, Binas tabel 99? (atoomnummer, massagetal, atoommassa)
Isotopen
Sleep de begrippen naar de juiste plek. Het gaat om de grootte van de deeltjes.
Grootste
Kleinste
Tussenin
Atoomtheorie van Democritus (ca. 400 v. Chr.)
Atoommodel van Dalton (1803)
Atoommodel van Rutherford (1911)
Rutherford experiment: is een atoom een harde zware bal of juist een wolk ?
1908: nobelprijs voor onderzoek aan radioactieve elementen (halveringstijd)
Atoommodel van Rutherford (1911)
Kern bepaalt de massa en is positief geladen;
Elektronen zitten in een wok om de kern heen.
Atoommodel van Bohr (1913)
Ontwikkelde het model van Rutherford verder;
Kwantificeert voor het eerst energie en banen om de kern;
banen bevinden zich om de kern van het atoom (zoals de rokken van een ui).
Ontstaan van huidige atoom
Lees in je boek meer over het ontstaan van het huidige atoommodel.
Het atoommodel is nog steeds in ontwikkeling en richt zich nu op nog kleinere deeltjes dan protonen en neutronen
Dus een atoom bestaat uit protonen, elektronen en neutronen, maar hoeveel?
Atoomnummer = aantal protonen = aantal elektronen
Massagetal = aantal protonen + aantal neutronen
In Binas tabel 25 is dit te vinden van de meeste isotopen.
Isotopen hebben een gelijk aantal elektronen en protonen, maar een verschillend aantal neutronen.
Voorbeeld: chloor
Twee isotopen van chloor in de natuur: Cl-35 en Cl-37
Verdeling van elektronen (elektronenconfiguratie) in Binas tabel 99.
Natrium heeft atoomnummer 11 en massagetal 23. Hoeveel protonen heeft natrium?
11
12
23
34
Natrium heeft atoomnummer 11 en massagetal 23. Hoeveel neutronen heeft natrium?
11
12
23
34
Atoommodel van Bohr
elektronenconfiguratie = 2, 8, 0
Wat is de elektronenconfiguratie van magnesium (atoomnummer 12)? Gebruik Binas 99.
24,31
12
2,8,2
+2
Wat is de elektronenconfiguratie van calcium (atoomnummer 20)? Gebruik Binas 99.
40,08
20
8,2
2,8,8,2
Maak een schets van de isotoop beryllium-9 volgens het atoommodel van Bohr.
Reactiviteit
De reactiviteit van een element kun je vaak voorspellen aan de hand van het atoommodel van Bohr.
Alle elementen streven naar de edelgasconfiguratie.
Voorbeeld: natrium (filmpje op volgende slide).
Natrium is zeer reactief. Leg uit hoe dit komt aan de hand van de elektronenconfiguratie.
Reactiviteit natrium
Elektronenconfiguratie natrium: 2, 8, 1
Elk element streeft naar edelgasconfiguratie, dus natrium wil van het buitenste elektron af (valentie-elektron).
Heeft een andere stof nodig die het elektron opneemt, in dit geval water.
periodiek systeem
- hoe heten de horizontale rijen?
- hoe heten de verticale kolommen
* kolom 1 = * kolom 2 =
* kolom 17 = * kolom 18 =
- metalen/niet-metalen (en metalloïden)
- wat weet je (nog) van de elementen in de kolommen onder elkaar?
- periodiek systeem der elementen wordt nog steeds verder uitgebreid
periodiek systeem
- in Binas T99 vind je de info die je nodig hebt van de elementen.
- in Binas T25 vind je de info die je nodig hebt van de isotopen.
Applet atoombouw
In de volgende slide zie je een link naar een website. Je hebt hier wel Java voor nodig.
Op die website kan je atomen in elkaar zetten en kan je ook zien van welke stof het een atoom is.
Ga vooral lekker spelen met deze applet, daar is die voor bedoeld!
Isotopen
Wat zijn isotopen?
Isotopen en radioactiviteit
Relatieve atoommassa: boor (B)
Twee isotopen van boor in de natuur: B-10 en B-11.
Relatieve atoommassa berekenen door atoommassa's te vermenigvuldigen met de factor (uit het percentage) hoe vaak het voorkomt in de natuur:
10,012937*0,199+11,009305*0,801 = 10,81 u
Antwoord staat in Binas 99
Molecuulmassa: C2H4
Bestaat uit 2 C-atomen en 4 H-atomen
Gebruik relatieve atoommassa's (Binas 99)
Molecuulmassa = 2*12,01+ 4*1,008 =28,052 u
Veel voorkomende molecuulmassa's in Binas 98.
Leerdoelen 1.1
Je kan van een willekeurig atoom het atoommodel beschrijven volgens Bohr: welke en hoeveel deeltjes zijn aanwezig en waar bevinden deze zich.
Je kan een beschrijving geven van het begrip isotoop.
Je kan de opbouw van het periodiek systeem beschrijven en gebruiken om van elementen de atoombouw te geven en chemische eigenschappen te voorspellen
Huiswerk
Maken begrippenoverzicht paragraaf 1.1
Maken opdrachten paragraaf 1.1 (zie planner)