Paragraaf 3.4 Landschap, klimaat en vegetatie

3.4 Landschap, klimaat en vegetatie

Hoofdstuk 3
Domein Gebieden
5H
1 / 32
volgende
Slide 1: Tekstslide
AardrijkskundeMiddelbare schoolhavoLeerjaar 5

In deze les zitten 32 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

3.4 Landschap, klimaat en vegetatie

Hoofdstuk 3
Domein Gebieden
5H

Slide 1 - Tekstslide

Lesdoel
  • Je kent de fysisch-geografische gebiedskenmerken van Brazilië.
  • Je begrijpt hoe de ruimtelijke spreiding van klimaten, landschappen en vegetatietypen in Brazilië met elkaar in verband staan.
  • Je kunt op basis van fysisch-geografische gebiedskenmerken verschillende Braziliaanse regio’s aanwijzen en de verschillen tussen deze beschrijven en verklaren.

Slide 2 - Tekstslide

Slide 3 - Kaart

Landschap

Slide 4 - Tekstslide

Slide 5 - Link

Landschap
  1. Hoogland van Guyana
Hoogland van Guyana
- noordelijk deel van Brazilie
- hoogvlakte heeft weinig relief en ligt > 500 NAP

Slide 6 - Tekstslide

Slide 7 - Link

Landschap
  1. Hoogland van Guyana
  2. Amazonebekken
Laaglanf met stroomgebied van de Amazone.
De laagste gebieden staan onder water als de Amazone buiten haar oevers treedt.

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Link

Landschap
  1. Hoogland van Guyana
  2. Amazonebekken
  3. Hoogland van Brazilië
Hoogland van Brazilie of Planalto
- centraal / zuidelijk deel van het land
- verschillende vlakke plateau's
- relief langs de kust
- tafelbergen

Slide 10 - Tekstslide

Landschap
  1. Hoogland van Guyana
  2. Amazonebekken
  3. Hoogland van Brazilië
  4. Vlakke kuststrook
Kustvlakte:
- bountystranden
- uitlopers kustgebergte

Slide 11 - Tekstslide

Landschap
  1. Hoogland van Guyana
  2. Amazonebekken
  3. Hoogland van Brazilië
  4. Vlakke kuststrook
  5. Pantanal
Pantanal
- laaggelegen moerasgebied
- gebied stroomt vol in de regentijd

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Link

Slide 14 - Link

Paragraaf 3.4
Landschap
Heb je nog vragen over deze theorie?
Zo ja, welke vragen?

Slide 15 - Open vraag

Klimaat

Slide 16 - Tekstslide

Slide 17 - Tekstslide

Droge tijd bij A = minder dan 60 mm neerslag per maand. 

Slide 18 - Tekstslide

Klimaat
1. Welk klimaat is groen?
  • Savanne

2. Wat is het verschil tussen lichtroze en lichtpaars?
  • Lichtroze (Cw) heeft nog een korte, droge winter. Paars (Cfa) heeft geen droog seizoen.


Slide 19 - Tekstslide

Slide 20 - Link

Slide 21 - Tekstslide

Slide 22 - Video

ITCZ
  • Het lagedrukgebied rondom de evenaar verschuift
  • dus de windrichting veranderd ook gedurende het jaar (m.n. rondom de evenaar) 
  • Dit heeft invloed op het weer (natte en droge seizoenen)


Slide 23 - Tekstslide

Slide 24 - Tekstslide

Paragraaf 3.4
Onderdeel klimaat
Extra uitleg klimaatsysteem Koppen nodig
Extra uitleg windsysteem nodig
Lesstof even weer ophalen, snap het wel
Extra uitleg Koppen en windsysteem
Ik snap alles

Slide 25 - Poll

Vegetatie

Slide 26 - Tekstslide

Selva: 
tropisch regenwoud
biodiversiteit enorm

Cerrado: vochtige savanne
Caatinga: witte woud, steppeklimaat
Llanos: drogere savanne
Mangrove: tropische kust, bomen met wortels in zee

Slide 27 - Tekstslide

Samen even oefenen
Pak allemaal je werkboek + schrift (in de klas en thuis)
De mensen thuis ook de telefoon antwoorden geven in LessonUp

Slide 28 - Tekstslide

Slide 29 - Video

Vraag 3B
Wat is de juiste volgorde?
A. Voor de kust bevindt zich een warme zeestroom
B. De passaten drijven de lucht in westelijke richting
C. Hierdoor wordt de luchtmassa boven het water ook opgewarmde
D. Boven land koelt de lucht af en het gaat regenen
E. Deze warme lucht kan relatief veel vocht bevatten
A
D - C - A - B - E
B
A - C - B - D - E
C
A - C - E - B - D
D
A - E -C - D - B

Slide 30 - Quizvraag

Bekijk de kaart.
De ligging van hoge- en lage luchtdrukgebieden heeft invloed op het Braziliaanse klimaat. Leg uit hoe het subtropisch hogedrukgebied in juli
het weer in het zuidelijke en centrale deel van Brazilië beïnvloed.
Gebruik in je antwoord een oorzaak-gevolg relatie
timer
4:00

Slide 31 - Open vraag

Aan de slag
maak de opgaven van § 3.4 

Slide 32 - Tekstslide