curso de español 2

Hola! Buenos días!
1 / 27
volgende
Slide 1: Tekstslide
SpaansMiddelbare schoolvwoLeerjaar 1

In deze les zitten 27 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Hola! Buenos días!

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 2 - Video

Deze slide heeft geen instructies

¿Cómo se escribe tu nombre?
¿Cómo se escribe tu nombre y apellido?
,,    ,,       la palabra pizarra?
,,      ,,     el nombre de tu país?

Slide 3 - Tekstslide

Preguntar a varios alumnos. Profesor escribe su nombre/apellido en la pizarra.
Vertaal: aprender español
A
Spaans leren
B
Spaans spreken
C
Spaans maken
D
Spaanse les

Slide 4 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Yo ...................... Español
A
hablas
B
hablamos
C
hablo
D
hablan

Slide 5 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Hablo español
A
yo también
B
yo tampoco

Slide 6 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

ser + estar

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Beroepen:
"..... profesora de español"
A
soy
B
estoy

Slide 8 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Kies je ser of estar?
Mi padre es/está en casa
A
es
B
está

Slide 9 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Ser/Estar: zijn
Hay: er is, er zijn

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

SER                                   ESTAR

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Kies je ser of estar?
El perro es/está grande
A
es
B
está

Slide 12 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

SER of ESTAR?
¿De dónde es/está Jorge?
A
es
B
está

Slide 13 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

SER of ESTAR?
La fiesta es/está en la case de María
A
es
B
está

Slide 14 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Ser & Estar

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Es / está un chico simpático.
A
es
B
está

Slide 16 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Mi tío gana mucho dinero.
Es / está muy rico.

A
es
B
está

Slide 17 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Mi tío es / está alto y fuerte.
Es / está muy guapo.
A
es / es
B
está / está
C
es / está
D
está / es

Slide 18 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Estoy cansado.
A
Zij is streng
B
Jij bent aardig
C
Ik ben moe
D
Ik ben boos

Slide 19 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is "Yo estoy" in het Nederlands?

A
Jij bent
B
Jullie zijn
C
Ik ben
D
Zij is

Slide 20 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Estoy triste
A
I'm happy
B
I'm afraid
C
I'm sad
D
I'm in love

Slide 21 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

SER of ESTAR?
Yo soy/estoy española
A
soy
B
estoy

Slide 22 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

ESTAR: Hoe vertaal je:
Estoy en el tercer año
A
Ik ga naar de derde klas
B
Ik zit in de derde klas

Slide 23 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat betekent ESTOY?
A
ik ben
B
jij bent
C
hij is
D
zij is

Slide 24 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welke antwoord hoort bij deze vraag:

¿Eres español / española?
A
Muy bien.
B
No, soy holandés / holandesa.
C
Me llamo Bart.
D
No, hablo holandés.

Slide 26 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Los países hispanohablantes
Welke Spaanstalige landen ken jij?
Ken jij Spaanstalige beroemdheden?
Wat meer weet je?

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies