H17 Vreemd Vermogen

H17 Vreemd Vermogen
1 / 55
volgende
Slide 1: Tekstslide
EconomieBasisschoolGroep 1

In deze les zitten 55 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 1 min

Onderdelen in deze les

H17 Vreemd Vermogen

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

§ 16.2 Emissie van aandelen
Leerdoel:
Je kunt het agio berekenen bij plaatsing van aandelen

Slide 2 - Tekstslide

3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.

H17 Vreemd vermogen
17.1 Onderhandse lening
17.2 Hypothecaire lening
17.3 Obligatielening
17.4 Converteerbare obligatielening
17.5 Leverancierskrediet
17.6 Afnemerskrediet
17.7 Rekening-courantkrediet
17.8 Leasing


Slide 3 - Tekstslide

3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.

§ 17.1 Onderhandse lening/17.2 Hypothecaire lening
Leerdoel:
Je kunt de onderhandse lening, de achtergestelde lening en de hypothecaire lening omschrijven.



Slide 4 - Tekstslide

3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.

17.1 Je kunt de onderhandse lening omschrijven
Algemeen: Een lening is tijdelijk vermogen: het moet altijd terugbetaald worden; dit noemen we aflossen.
Daarnaast betaalt de lener een vergoeding voor het lenen; dit noemen we rente.
De hoogte van de rente is met name afhankelijk van het risico dat de geldgever loopt dat de lening (deels) niet wordt afgelost. Hoe groter dat risico, des te hoger de rente.

Slide 5 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

17.1 Je kunt de onderhandse lening omschrijven
Onderhandse lening: Een lening op lange termijn die door één geldgever wordt verstrekt.
De geldgever en geldnemer overleggen rechtstreeks met elkaar om de leningsvoorwaarden onderling te regelen.
--> Bij startende onderneming vaak verstrekt door familieleden
Achtergestelde lening: Een lening waarop pas hoeft te worden betaald als alle andere schulden zijn betaald. Dit is voor de geldverstrekker een hoger risico; bij faillissement wordt hij als laatste VV-verschaffer terugbetaald.

Slide 6 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

17.2 Je kunt de hypothecaire lening omschrijven
Hypothecaire lening: Een lening onder de voorwaarde dat de bank de onroerende zaak (huis/gebouw/grond, maar ook vliegtuigen/schepen) mag verkopen als de lener niet aan de rente- en aflossingsverplichtingen voldoet.

De lener krijgt de onroerende zaak in onderpand (waarborg)




Slide 7 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

17.2 Je kunt de hypothecaire lening omschrijven
Let op: De geldgever (bank) is de hypotheeknemer en de geldnemer is de hypotheekgever.
De hypotheeknemer is degene die de woning als onderpand aanvaardt. De hypotheeknemer is degene die de lening verstrekt (de bank of financieringsmaatschappij) en daarvoor hypotheek als onderpand laat vestigen op de woning

Deze terminologie komt geregeld terug op eindexamens

Slide 8 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

17.2 Je kunt de hypothecaire lening omschrijven

Slide 9 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

17.2 Je kunt de hypothecaire lening omschrijven
Lineaire hypotheek: Een hypothecaire lening waarbij de aflossing jaarlijks gelijk blijft.

Annuïteithypotheek: De ondernemer betaalt een periodiek gelijkblijvend bedrag aan interest en aflossing samen.

Annuïteit: Een periodiek gelijkblijvend) bedrag aan interest en aflossing samen. (Koop op afbetaling is ook vaak een annuïteit)

Slide 10 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

17.2 Je kunt de hypothecaire lening omschrijven
1) Lineaire hypotheek: Een hypothecaire lening waarbij de aflossing jaarlijks gelijk blijft.
2) Annuïteithypotheek: De ondernemer betaalt een periodiek gelijkblijvend bedrag aan interest en aflossing samen.

Annuïteit: Een vast periodiek bedrag bestaand uit een deel interest en een deel aflossing, waarbij de verhouding tussen deze twee gedurende de looptijd verandert (Koop op afbetaling is ook vaak een annuïteit)

Slide 11 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

17.2 Je kunt de hypothecaire lening omschrijven
Aflossing en rentebetaling bij annuiteit
- De jaarlijkse rentebetaling daalt met (de aflossing van het afgelopen jaar x het renteperunage).
- De jaarlijkse aflossing: aflossing afgelopen jaar x (1 + het renteperunage)

Slide 12 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

17.2 Je kunt de hypothecaire lening omschrijven
Totale rentebetaling bij annuiteit:
periodieke annuiteit x aantal termijnen - lening.

Voorbeeld: lening € 100.000; jaarlijkse annuiteit € 13.586,80; looptijd 10 jaar.
Totale rentebetaling: 10 x € 13.586,80 - € 100.000 = € 35.868

Slide 13 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

17.2 Je kunt de hypothecaire lening omschrijven

Slide 14 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

17.2 Je kunt de verhouding tussen risico voor de geldgever en de hoogte van de rente verklaren
Hypothecaire lening hebben een relatief lage rente; als de geldnemer niet aan zijn aflossingsverplichtingen kan voldoen, mag de geldgever het onderpand verkopen en met de opbrengst de lening (deels) aflossen.

Achtergestelde leningen hebben over het algemeen een hoge rente. Er is een relatief grote kans dat de geldgever (een deel van) zijn geld niet terugkrijgt.

Slide 15 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

Aan de slag
Maak 17.1 (t/m g) en 17.3

En 17.2
Noot: De aflossing in de jaarlijkse annuïteit neemt ieder jaar met de factor (1+i) toe



Slide 16 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

§ 17.3 Obligatielening
Leerdoelen:
Je kunt
- obligaties omschrijven
- de verschillen noemen tussen aandelen en obligaties
- agio en disagio op obligaties bij een emissie berekenen.




Slide 17 - Tekstslide

3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.

17.3 Je kunt de obligatielening omschrijven
Obligatielening: Een geldlening op lange termijn die in kleine bedragen is opgedeeld.

Obligatie: Een bewijs van deelneming in een obligatielening.
- Rente wordt betaald over de nominale waarde van de obligatie.

Obligaties worden op de effectenbeurs verhandeld.
- De beurskoers wordt weergegeven in procenten van de nominale waarde


Slide 18 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

17.3 Je kunt de obligatielening omschrijven
De hoogte van de beurskoers is met name afhankelijk van de marktrente (de rentestand voor vergelijkbare obligaties).
Daarbij geldt: een stijgende marktrente leidt tot een daling van de beurskoers. En een daling van de marktrente tot een stijging van de beurskoers.

Slide 19 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

17.3 Je kunt de obligatielening omschrijven

Slide 20 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

17.3 Je kunt de obligatielening omschrijven
Aflossen: het terugbetalen van de lening
- in één keer aan het einde van de looptijd
- in gedeelten gedurende een aantal jaren
- door inkopen van de eigen obligaties.

Bij aflossen aan het einde van de looptijd krijgt de belegger de nominale waarde uitgekeerd.


Slide 21 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

17.3 Je kunt de obligatielening omschrijven
Plaatsen obligaties (emissiekoers)
- a pari (tegen nominale waarde),
- boven pari (boven de nominale waarde, er ontstaat agio)
- onder pari (beneden de nominale waarde, er ontstaat disagio).


Evenals bij een aandelenemissie stelt de uitgevende instelling een prospectus op. Hierin staan bijzonderheden over de instelling of onderneming en de obligatielening.

Slide 22 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

17.3 Je kunt de obligatielening omschrijven
Knot bv emitteert 4.000 4% obligaties. De obligaties hebben een nominale waarde van € 1.000. De emissiekoers bedraagt 103%.
Vragen:
- Hoeveel geld haalt Knot bv op?
- Hoeveel lost Knot bv in totaal af?
- Hoeveel rente betaalt Knot bv in het eerste jaar?
- En als Knot bv 25% van de lening heeft afgelost??
- Wat kun je, gegeven de emissiekoers, zeggen over de marktrente op het moment van de emissie?



Slide 23 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

17.3 Je kunt de obligatielening omschrijven
Knot bv emitteert 4.000 4% obligaties. De obligaties hebben een nominale waarde van € 1.000. De emissiekoers bedraagt 103%.Vragen:
- Hoeveel geld haalt Knot bv op? 4.000 x 1.000 x 1,03 = 4,12 mln
- Hoeveel lost Knot bv in totaal af? de nominale waarde: 4.000 x 1.000 = 4 mln
- Hoeveel rente betaalt Knot bv in het eerste jaar? rente betaal je over de nominale waarde: 4 mln x 0,04 = 160.000
- En als Knot bv 25% van de lening heeft afgelost?? aflossing: 1 mln. restschuld: 3 mln. rente: 3 mln x 0,04 = 120.000
- Wat kun je, gegeven de emissiekoers, zeggen over de marktrente op het moment van de emissie? die is lager dan 4%. beleggers zijn bereid meer dan 100% voor de obligatie te betalen

Slide 24 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

17.3 Je kunt de obligatielening omschrijven
Overeenkomsten aandelen en obligaties
- voor de onderneming allebei lang vermogen
- voor de belegger alternatieve beleggingspapieren
- allebei te koop via de effectenbeurs


Slide 25 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

17.3 Je kunt de obligatielening omschrijven
Verschillen aandelen en obligaties



Slide 26 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

§ 17.4 Converteerbare obligatielening
Leerdoel:
Je kunt converteerbare obligaties omschrijven.



Slide 27 - Tekstslide

3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.

17.4 Je kunt converteerbare obligaties omschrijven
Converteerbare obligatielening: een obligatielening waarbij de obligatiehouder zijn obligaties, vaak met een bijbetaling, kan omruilen tegen aandelen.
--> Vreemd vermogen wordt Eigen vermogen.
Recht tot converteren (omzetten) kan bij het bedrijf liggen, maar ook bij de belegger

Slide 28 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

17.4 Je kunt converteerbare obligaties omschrijven
Conversieprijs: Het totaal van de om te ruilen obligaties plus bijbetaling voor één aandeel.
Formule: (Aantal converteerbare obligaties x nominale waarde + bijbetaling) : aantal aandelen waar je recht op hebt.




Slide 29 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

17.4 Je kunt converteerbare obligaties omschrijven
Conversieprijs: Het totaal van de om te ruilen obligaties plus bijbetaling voor één aandeel.
Formule: (Aantal converteerbare obligaties x nominale waarde + bijbetaling) : aantal aandelen waar je recht op hebt.

conversieprijs: (10 x 50 + 100) / 4 = € 150.
als de aandelenkoers hoger dan € 150 is kan het aantrekkelijk zijn voor beleggers om te converteren naar aandelen

Slide 30 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

Aan de slag
Obligaties: 17.5
Converteerbare obligaties: 17.9
Combi-sommen: 17.7 en 17.8




Slide 31 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

§ 17.5 Leverancierskrediet
Leerdoelen:
Je kunt
- de kenmerken van leverancierskrediet noemen
- de kosten van leverancierskrediet berekenen




Slide 32 - Tekstslide

3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.

17.5 Je kunt de kenmerken van leverancierskrediet noemen
Leverancierskrediet: De leverancier levert goederen die pas later door de afnemer hoeven te worden betaald.

Slide 33 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

17.5 Je kunt de kenmerken van leverancierskrediet noemen
Consumptief leverancierskrediet
Krediet dat een leverancier verleent aan een consument.


Productief leverancierskrediet
Krediet dat een bedrijf verleent aan een ander bedrijf.


Slide 34 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

§ 17.6 Afnemerskrediet
Leerdoel:
Je kunt de kenmerken van afnemerskrediet noemen





Slide 35 - Tekstslide

3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.

17.6 Je kunt de kenmerken van afnemerskrediet noemen
Afnemerskrediet: Krediet dat de afnemer verstrekt aan de leverancier. Dit komt met name voor bij
- dienstverlenende bedrijven
- speciale orders
- opkopende handel.


Slide 36 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

17.6 Je kunt de kenmerken van afnemerskrediet noemen
Dienstverlenende bedrijven: Abonnementen/verzekering betaal je vooraf

Speciale orders: Specifieke machines, op maat gemaakte woningen/jachten

Opkopende handel: Boeren verkopen hun oogst voor die van het land is



Slide 37 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

§ 17.7 Rekening-courantkrediet
Leerdoel:
Je kunt de redenen voor het rekening-courantkrediet beschrijven





Slide 38 - Tekstslide

3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.

17.7 Je kunt de redenen voor het rekening-courantkrediet beschrijven
Rekening-courant: Een bankrekening die gebruikt wordt voor de dagelijkse betalingen en ontvangsten.

Rekening-courant krediet is relatief duur; waarom dan toch?
- Klein bedrijf komt moeilijk aan ander krediet
- Seizoenspiek opvangen
- In anticipatie op andere financieringsvorm



Slide 39 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

17.7 Je kunt de redenen voor het rekening-courantkrediet beschrijven
Kredietplafond: Het maximumbedrag dat een onderneming van de bank rood mag staan bij rekening-courantkrediet.

Dispositieruimte: Het bedrag dat de onderneming maximaal kan opnemen van de bankrekening rekening houdend met het kredietplafond.




Slide 40 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

17.7 Je kunt de redenen voor het rekening-courantkrediet beschrijven
Voorbeeld: Burak heeft een rekeningcourant krediet afgesloten bij zijn bank. Het kredietplafond op de rekening bedraagt € 15.000. Hij staat op dit moment € 8.500 ‘rood’ op deze rekening.
Vraag: Bereken de dispositieruimte van Burak






Slide 41 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

17.7 Je kunt de redenen voor het rekening-courantkrediet beschrijven
Voorbeeld: Burak heeft een rekeningcourant krediet afgesloten bij zijn bank. Het kredietplafond op de rekening bedraagt € 15.000. Hij staat op dit moment € 8.500 ‘rood’ op deze rekening.
Vraag: Bereken de dispositieruimte van Burak

15.000 - 8.500 = 6.500. hij kan 6.500 extra rood staan op zijn rekening-courant




Slide 42 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

§ 17.8 Leasing
Leerdoelen:
Je kunt
- het onderscheid tussen operational en financial leasing beschrijven
- de voor- en nadelen van operational en financial leasing noemen.






Slide 43 - Tekstslide

3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.

17.8 Je kunt het onderscheid tussen operational en financial leasing beschrijven
Leasing: Huren van duurzame productiemiddelen.
Voordelen:
- Geen grote uitgave in een keer (aanschaf)
- Bij snelle technologische verandering is risico van veroudering bij verhuurder (leasemaatschappij)






Slide 44 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

17.8 Je kunt het onderscheid tussen operational en financial leasing beschrijven
Operational leasing: Een leaseovereenkomst die op korte termijn opzegbaar is.De verhuurder (lessor) draagt het risico van economische veroudering en zorgt voor het onderhoud en de verzekering van het goed.




Slide 45 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

17.8 Je kunt het onderscheid tussen operational en financial leasing beschrijven
Financial leasing: Een leaseovereenkomst die niet tussentijds opzegbaar is op lange termijn.
De huurder (lessee) is verantwoordelijk voor het economisch risico, het onderhoud en de verzekering van het goed.

Financial leasing is ‘on balance’:
- Debet: Gehuurd object. Huurder mag afschrijven op het gehuurd object
- Credit: (langjarige) verplichting aan leasemaatschapij




Slide 46 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

17.8 Je kunt het onderscheid tussen operational en financial leasing beschrijven
Sale-and-lease back: Het verkopen van een vast actief, bijvoorbeeld een gebouw, en het direct terugleasen.


Voordeel: onderneming krijgt geld voor bv investeringen




Slide 47 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

Huiswerk

Slide 48 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Weet je het nog?
Jason wil een nieuwe scooter kopen. De scooter kost € 2.200. Met de winkelier spreekt hij een 'koop op afbetaling'-regeling af. Twee jaar lang betaalt hij een maandelijkse annuiteit van € 200. 
Vraag: bereken de kredietkosten.

Slide 49 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

Weet je het nog?
Nilfisk bv geeft een 3,5% obligatielening uit; Nominale waarde € 4.000.000. De nominale waarde van een obligatie is € 200. De emissiekoers bedraagt 106%.
Vraag: Geef de balansmutaties

Slide 50 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

Weet je het nog?
Nilfisk bv geeft een 3,5% obligatielening uit; Nominale waarde € 4.000.000. De nominale waarde van een obligatie is € 200. De emissiekoers bedraagt 106%.
Vraag: Geef de balansmutaties

Bank + 4.240.000                     Obligatielening          + 4.000.000
                                                 Agio op obligatielening   + 24.000

Slide 51 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

Aan de slag
Obligaties: 17.5
Converteerbare obligaties: 17.9
Combi-sommen: 17.7 en 17.8




Slide 52 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

Huiswerk 17.8
de nominale waarde van een aandeel is € 20





Slide 53 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

Aan de slag, opgave 17.11

Slide 54 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

Aan de slag, Z 17.2 en Z 17.1
Z staat voor zelftoets, pagina 150

Slide 55 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.