PA1-H6-5v-LUNES 4 Y MARTES 5-10-21

BEB
BUENOS DÍAS
1 / 17
volgende
Slide 1: Tekstslide
SpaansVoortgezet speciaal onderwijsLeerroute VLeerroute 5

In deze les zitten 17 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 120 min

Onderdelen in deze les

BEB
BUENOS DÍAS

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

EL DÍA
LA FECHA

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

¿QUÉ PLANES TIENES PARA
EL FIN DE SEMANA?
timer
3:00
ESCRIBE 4 FRASES SOBRE TUS PLANES PARA EL FIN DE SEMANA

USA IR A + INFINITIVO

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

ESCUCHAMOS Y RECONOCEMOS
WB PG. 83 10 A/B

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

TRABAJAMOS
WB PG. 83 10 B
WB PG. 84 10 C
timer
10:00

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

MARTES 5-10-21

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

¿QUÉ PLANES TIENES PARA
EL FIN DE SEMANA?
timer
3:00
ESCRIBE 4 FRASES SOBRE TUS PLANES PARA EL FIN DE SEMANA


Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

EXPRESAR OBLIGACIÓN 

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

TB PG. 52 - 
BUSCA LAS ESTRUCTURAS
DE OBLIGACIÓN
¿QUÉ SIGNIFICA ' SI' EN LA FRASE 'SI HACE MAL TIEMPO'?
Durante el camino tienes que seguir un recorrido por el bosque.
¿Qué hay que llevar?

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

¿QUÉ TIENEN QUE HACER?
TIENE QUE TRABAJAR
TIENE QUE DAR CLASES
TIENE QUE LIMPIAR
TIENE QUE PASAR LA ASPIRADORA
TIENE QUE COCINAR
TIENE QUE PREPARAR LA CENA
TIENE QUE HACER LA COMPRA
TIENE QUE IR AL SUPEMERCADO
TAREA FINAL
AHORA PIENSA EN 3 CONSEJOS PARA APRENDER ESPAÑOL. USA LA ESTRUCTURA TENER QUE/ HAY QUE + INFINITIVO.

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

PRACTICAMOS

timer
8:00
SO MARTES 12-10-21 40'
VOCABULARIO:
  • FRASES ÚTILES PARA LA CLASE
  • PA1 H6 6.5V
  • SIGNAALWOORDEN PRETÉRITO PERFECTO
GRAMMATICA: 
  • VERBOS EN PRESENTE (REGULARES/IRREGULARES)
  • FUTURO INMEDIATO (IR A + INFINITIVO) 
  • EXPRESAR OBLIGACIÓN: TENER QUE / HAY QUE+ INFINITIVO
  • PRETÉRITO PERFECTO
  • FRASES PARA ESCRIBIR UN E-MAIL



Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

CÓDIGO DE CORRECCIÓN
ROSA: spelling
AMARILLO: grammatica
VERDE: tijd van de werkwoord/en
XXXXAZUL: er ontbreekt iets
VIOLETA: hier moet je een ander woord gebruiken

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies