Module Techniek Energie en elektriciteit

Module Techniek 
Energie en elektriciteit
1 / 48
volgende
Slide 1: Tekstslide
PraktijkSecundair onderwijs

In deze les zitten 48 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Module Techniek 
Energie en elektriciteit

Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Video

waarvoor gebruik
je energie?

Slide 3 - Woordweb

waar halen we
die energie?

Slide 4 - Woordweb

We hebben groene energie:
Hier zie je enkele voorbeelden: 

Slide 5 - Tekstslide

Slide 6 - Tekstslide

windenergie
--> windmolens

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Tekstslide

zonne-energie
--> zonnepanelen

Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Tekstslide

waterkrachtenergie
--> waterkrachtcentrale

Slide 11 - Tekstslide

groene energie 
- is energie die we halen uit de natuur
- is energie die goed is voor het milieu
   - is energie die we altijd verder kunnen 
gebruiken

Slide 12 - Tekstslide

Maar we hebben ook grijze energie : 

Slide 13 - Tekstslide

Slide 14 - Tekstslide

aardolie

Slide 15 - Tekstslide

Slide 16 - Tekstslide

steenkool

Slide 17 - Tekstslide

Slide 18 - Tekstslide

aardgas

Slide 19 - Tekstslide

grijze energie
- is energie die we halen uit de bodem 
       - is energie die niet goed is voor het milieu
         - is energie die we niet altijd verder kunnen 
 gebruiken 

Slide 20 - Tekstslide

een belangrijk vorm van

 energie is
elektriciteit

Slide 21 - Tekstslide

Hoe komt die elektriciteit in ons huis?

Slide 22 - Tekstslide

Slide 23 - Tekstslide

elektriciteitscentrale
de energie van een krachtbron ( groene of grijze energie : steenkool, gas, olie, wind, water, zon) wordt omgezet in
elektriciteit in de centrale

Slide 24 - Tekstslide

Slide 25 - Tekstslide

elektriciteitsmasten met kabels
De elektrische stroom loopt van de centrale door de leidingen naar de eletriciteitscabine.

Slide 26 - Tekstslide

Slide 27 - Tekstslide

elektriciteitscabine
Vanuit deze cabine vertrekken verschillende kabels naar de huizen en andere gebouwen in de buurt. 

Slide 28 - Tekstslide

Slide 29 - Tekstslide

stopcontacten
De stroom gaat van de cabine naar de stopcontacten in de gebouwen. Zo kan je dan elektriciteit gebruiken voor al je elektrische toestellen of apparaten. 

Slide 30 - Tekstslide

welke apparaten?

Slide 31 - Woordweb

Hoe werkt elektrische stroom?
Om elektriciteit in een voorwerp te krijgen moet je een gesloten kring hebben en een energiebron. 
Dit kan bijvoorbeeld een een lamp zijn met een batterij. 

Slide 32 - Tekstslide

Slide 33 - Tekstslide

Slide 34 - Video

Wat heb ik dus nodig voor elektrische stroom?

Slide 35 - Open vraag

Let op ! 

Elektriciteit kan gevaarlijk zijn:
pas op voor elektrocutie!

Slide 36 - Tekstslide

Slide 37 - Tekstslide

Hier zie je enkele voorbeelden:

Slide 38 - Tekstslide

Slide 39 - Tekstslide

Pas op met water!
Hou elektrische toestellen uit de buurt van water.

Slide 40 - Tekstslide

Slide 41 - Tekstslide

Pas op met kabels!

Stop niet teveel kabels in een verlengsnoer
Zorg dat je kabels niet beschadigd zijn. 
Pas op voor kabels die op de grond liggen. 

Slide 42 - Tekstslide

Slide 43 - Tekstslide

Pas op met stopcontacten!

Stop je vingers niet in het stopcontact.
Zorg dat je handen droog zijn als je in de buurt
van een stopcontact komt. 

Slide 44 - Tekstslide

Slide 45 - Tekstslide

Blijf weg van elektriciteitsmasten!

Speel niet in de buurt van deze masten
Klim niet op dez masten

Slide 46 - Tekstslide

Wat maken doen wij met 
elektriciteit? 

Wij maken een bibberspiraal.

Slide 47 - Tekstslide

Slide 48 - Tekstslide