Opdracht 1:
Maak een woordweb
Algoritmes & filterbubbels
Met algoritmes kan de maker van tevoren bepalen wat er gebeurt in een bepaalde situatie. Zo weet een zelfrijdende auto dat deze moet remmen als er een kind oversteekt. En zo weet YouTube dat wanneer jij veel kattenfilmpjes kijkt, het je meer kattenfilmpjes kan aanbevelen omdat je die waarschijnlijk leuk vindt.
Wat betekent Algoritme?
Bekijk deze video
Opdracht 2:
Zet een cirkel om het juiste antwoord
Sociale media maken gebruik van algoritmes om sociale media feeds aantrekkelijker te maken (JA/nee)
Door cookies op websites te accepteren verdien ik punten waarmee ik korting krijg (ja/NEE)
Een filterbubbel is de situatie wanneer algoritmes jouw FYP page aanpast op basis van eerder online gedrag (JA/nee)
Ik kan mijn algoritmes omzeilen door nepaccounts aan te maken (ja/NEE)
Door algoritmes kom ik terecht in een ander filterbubbel dan mijn vrienden (JA/nee)
Ik kan mijn eigen algoritme beïnvloeden (JA/nee)
Dopamine en filterbubbels
Mensen zijn sociale wezens: ons brein beloont ons met dopamine wanneer we nieuwe connecties maken. Daarnaast gaat het dopaminesysteem aan wanneer we iets nieuws zien. Dat komt doordat het onze ‘zoek-en-ontdekkingsfunctie’ aanwakkert: er is iets nieuws, onvoorspelbaars of interessants in de omgeving waar we op moeten letten.
Bovendien blijven mensen langer kijken als er sensatie is. Een kop met “opnieuw explosie in Amsterdam-West” trekt meer de aandacht dan “Gezond veulentje geboren op kinderboerderij in Alphen”.
Dit gecombineerd met een sterk algoritme maakt social media extreem verslavend voor jongeren.
Ook dreigen jongeren in filterbubbels terecht te komen met steeds meer extreme content of polariserende algoritmes.
Opdracht 3 - Schermtijd
Wat denk je dat je schermtijd is?
Wat is je echte schermtijd?
?
Als jouw schermtijd hoger is dan wat je dacht, dan moet je een screenshot sturen in de appgroep.
Opdracht 4:
Wat is waar over algoritmes en filterbubbels?
Privacy: je deelt vaak meer data dan je denkt. (waar/niet waar)
Filterbubbel: is handig wat je ziet vooral wat anderen leuk vinden (waar/niet waar)
Invloed: algoritmes sturen je keuzes zonder dat je het doorhebt. (waar/niet waar)
Nepnieuws: verkeerde informatie wordt automatisch gefilterd door mijn filterbubbel (waar/niet waar)
Verslaving: oneindig scrollen houdt je langer online dan goed voor je is. (waar/niet waar)
Bekijk deze video
Opdracht 4:
Waarom is stoppen zo moeilijk?
Dopaminebeloning: Elke nieuwe video of like geeft je hersenen een kleine dosis dopamine. Je brein wil steeds meer van dat fijne gevoel. (WAAR/niet waar)
Oneindig scrollen. Ik voel me altijd goed nadat ik een uurtje heb zitten doomscrollen (waar/NIET WAAR)
Door de ‘infinite scroll’ weet je nooit wat het volgende filmpje is. Juist dat onvoorspelbare maakt stoppen lastig. (WAAR/niet waar)
Opdracht 5:
We gaan geld verdienen met de algoritmes van jongeren
Kruip in de huid van een bedrijf of een merk. Door de cookies op hun telefoon en de likes die jongeren hebben gegeven hebben we informatie over hen weten te vinden. Nu gaan we advertenties gooien op hun feed zodat we kunnen cashen. Welke advertenties zou jij op hun feed gooien? Bedenk er 3.
Extra opdracht
Maak content over dit onderwerp!
Gebruik handige hashtags zoals #fyp #viralpost.. welke kan jij bedenken?
Bedankt voor je aandacht!