H7 - §7.1 Constante snelheid

Welkom in de les
Vandaag:
  • lesdoelen §7.1 en §7.2
  • instructie §7.1 en §7.2
  • Werken aan PO

 


H7 - Kracht en beweging
1 / 38
volgende
Slide 1: Tekstslide
NatuurkundeMiddelbare schoolvmbo b, k, gLeerjaar 4

In deze les zitten 38 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Welkom in de les
Vandaag:
  • lesdoelen §7.1 en §7.2
  • instructie §7.1 en §7.2
  • Werken aan PO

 


H7 - Kracht en beweging

Slide 1 - Tekstslide

§7.1 - Je leert ...
  • eigenschappen noemen van een eenparige beweging;
  • bij een eenparige beweging berekeningen maken met afstand ,snelheid en tijd;
  • een afstand,tijd-diagram tekenen en aflezen;
  • een snelheid,tijd-diagram tekenen en aflezen.

Slide 2 - Tekstslide

Schrijf 3 voorbeelden op van voorwerpen / machines die met een constante snelheid bewegen

Slide 3 - Open vraag

Discussievraag
Bedenk waar het van af hangt
hoe lang je moet wachten, 
totdat je koffer weer langs komt.

Slide 4 - Tekstslide

Eenparige bewegingen
De koffer maakt een eenparige beweging: iedere seconde wordt dezelfde afstand afgelegd.

snelheid = afstand per seconde

Slide 5 - Tekstslide

Eenparige bewegingen
De koffer maakt een eenparige beweging: iedere seconde wordt dezelfde afstand afgelegd.
v=ts

Slide 6 - Tekstslide

Eenheid van snelheid
De standaardeenheid van snelheid (BINAS) =
 meter per seconde (m/s)

In het dagelijks leven gebruik je de eenheid km/h.

Hoe kan je deze makkelijk omrekenen?


Slide 7 - Tekstslide

Km/h naar m/s
1375 km/h, hoeveel meter legt Felix dan af per seconde?


Daar is een hele simpele
regel voor:
1375 km/h : 3,6 = 381,94 m/s

Slide 8 - Tekstslide

Waarom 3,6?

Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Tekstslide

Slide 11 - Tekstslide

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Tekstslide

Slide 14 - Tekstslide

Slide 15 - Tekstslide

Slide 16 - Tekstslide

Slide 17 - Tekstslide

Snelheid omrekenen

Slide 18 - Tekstslide

We hebben zojuist geleerd hoe je kan omrekenen. 1375 km/h, hoeveel meter legt Felix dan af per seconde?

Slide 19 - Open vraag

3uur en 20 min = ..... h
A
3,2 h
B
3,33 h
C
32 h
D
3,1 h

Slide 20 - Quizvraag

Even oefenen!
Een  vogel legt 200 meter af in 18 seconden.
Bereken de snelheid van de vogel 
in m/s en km/h.

Maak gebruik van de formule.

Slide 21 - Tekstslide

Even oefenen!
G: s = 200 m,     t = 18 s
G: v = ?
F: 

B:


A: de snelheid is 11,11 m/s     of     40 km/h
v=ts
v=18200=11,11
v=11,11  3,6=40

Slide 22 - Tekstslide

Even oefenen!
Een fietser heeft een snelheid van 18 km/h.
Hij legt een stuk weg af van 1,2 km.
Bereken het aantal minuten dat de fietser
over dit stuk weg doet.

Slide 23 - Tekstslide

Even oefenen!
G: s = 1,2 km,     v = 18 km/h
G: t = ?
F: 

B:


A: de fietser heeft een tijd nodig van 4 minuten.
v=ts
t=181,2=0,067 h
t=0,067  60=4min
t=vs

Slide 24 - Tekstslide

Welke grootheden moet je weten om de snelheid te kunnen berekenen
A
meter en tijd
B
kilometer en uur
C
afstand en tijd
D
meter en seconde

Slide 25 - Quizvraag

Juist of onjuist.
De snelheid bereken je door de tijd te delen door de afgelegde afstand.
A
juist
B
onjuist

Slide 26 - Quizvraag

Een fietser legt 20 kilometer af in 60 minuten met constante snelheid
Wat was zijn constante snelheid?
A
20 km/uur
B
20 km/minuut
C
60 minuut/km
D
1 uur/km

Slide 27 - Quizvraag

Afstand,tijd-diagram
Hoe een beweging verloopt kun je zichtbaar maken in een:

afstand,tijd
-diagram = s,t-diagram

Slide 28 - Tekstslide

Afstand,tijd-diagram
Dit is het s,t-diagram van een 
trainingsrit van een wielrenner.
a. Bij welk stuk van het diagram
hoort de hoogste snelheid en 
waarom?
b. Bereken de snelheid van de 
wielrenner in deel A-B van het diagram.

Slide 29 - Tekstslide

Afstand,tijd-diagram
a. Bij welk stuk van het diagram
hoort de hoogste snelheid en 
waarom?

De hoogste snelheid hoort bij het
steilste stuk van de grafiek, 
dus bij C-D

Slide 30 - Tekstslide

Afstand,tijd-diagram
b. Bereken de snelheid van de 
wielrenner in deel A-B van het diagram.
G: s = 30 km,        t = 3 h
G: v = ?
F: 

B:
A: de snelheid van de wielrenner is 10 km/h
v=ts
v=330=10

Slide 31 - Tekstslide

Snelheid,tijd-diagram
Hoe groot de snelheid is tijdens een beweging kun je zichtbaar maken in een:

snelheid,tijd
-diagram = v,t-diagram

Slide 32 - Tekstslide

Snelheid,tijd-diagram
Dit is het v,t-diagram van onze wielrenner.
Bereken de afstand die de wielrenner 
aflegt in deel C-D van het diagram.

Slide 33 - Tekstslide

Peter gaat wandelen!
Peter woont dicht bij school. Hij komt altijd lopend naar school. Op een morgen besluit hij een grafiek te maken van zijn wandeling.


Slide 34 - Tekstslide

Aan de slag!
  • Lezen §7.1 uit je boek


  • Maak opgaven: 5; 6 t/m8; 18 t/m 20; 22 t/m 23 en  25
Zs

Slide 35 - Tekstslide

Wat weet je al???

Slide 36 - Tekstslide

Je kunt ...
  • eigenschappen noemen van een eenparige beweging;
  • bij een eenparige beweging berekeningen maken met afstand ,snelheid en tijd;
  • een afstand,tijd-diagram tekenen en aflezen;
  • een snelheid,tijd-diagram tekenen en aflezen.

Slide 37 - Tekstslide

Ja, dat kan ik!
😒🙁😐🙂😃

Slide 38 - Poll