THEO Les 7. Degeneratieve huidafwijkingen

Degeneratieve afwijkingen
Les 1
Talgklieren en talgklierafwijkingen
1 / 34
volgende
Slide 1: Tekstslide
SchoonheidsverzorgingMBOStudiejaar 1

In deze les zitten 34 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 135 min

Introductie

Les 1 uit de module dieptereiniging

Onderdelen in deze les

Degeneratieve afwijkingen
Les 1
Talgklieren en talgklierafwijkingen

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Huidafwijkingen
Talgklierafwijkingen
Zweetklierafwijkingen
Verhoorning van de huid
Pigmentafwijkingen
Bloedvatafwijkingen
Degeneratieverschijnselen
Haarafwijkingen

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Vandaag
Herhalen: pigment-, verhoorning-, talgklier- en bloedvatafwijkingen

Nieuwe stof: degeneratieve afwijkingen
  • 20 minuten Instructie
  • 45 minuten opdracht
  • 10 minuten nabespreking 
  • Afsluiting 

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Koppel de huidafwijkingen aan het juiste vakje.
Talgklieren
Verhoorning
Bloedvat
Pigment
Comedonen
Erytheem
Rosacea
Milia
Ichtyosis
Vitiligo
Psoriasis
Teleangiectasieen
Wijnvlek
Albinisme

Slide 4 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Leerdoel
Aan het einde van deze les kun je het degeneratieproces in de huid uitleggen en degeneratieve afwijkingen  herkennen, benoemen en onderscheiden op basis van kenmerken en oorzaken.

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Degeneratie
Degeneratieproces in de huid
Het proces van ouder worden noemen we huiddegeneratie. Een oudere huid noemen we ook wel - rijpere huid!

Ouder worden doen we allemaal. Is het mogelijk om het proces te beïnvloeden negatief/ positief!

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Beïnvloedende actoren die het verouderingsproces kunnen versnellen:
  • Uv-straling
  • Roken
  • Eetgewoonte - suiker - alcohol
  • Weinig beweging

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat verandert er in de huid:
  • achteruitgang anatomische processen in de huidlagen
  • achteruitgang fysiologische processen 

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Anatomische verandering:
De lederhuid is opgebouwd uit dicht bindweefsel. De aanwezige cel, fibroblast, in de lederhuid zorgt voor de aanmaak van collageen, elastine en reticuline. Deze zorgen voor de stevigheid. Tijdens het verouderingsproces vertraagt de aanmaak van deze belangrijke vezels waardoor de huid verslapt.

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Huidspanning - turgor - geeft aan hoe strak de huid is. 
Een huid met weinig onderhuisvet heeft een lage huidspanning - oudere huid

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Naast verslapping van de huidlagen treedt er ook verslapping  van de mimische - en skeletspieren.

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Fysiologische veranderingen:
Naast huidverslapping en spierverslapping treedt er langzaam een vertraging op in fysiologische huidprocessen:
  • vochtgehalte wordt minder
  • talgproductie wordt minder
  • circulatie bloed en lymfe vertraagt

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Atrofie
Elastosis
Rimpels en plooien
Dehydratie
Contourvervaging


Gezicht:
Wallen
  • vetwallen
  • vochtwallen
Kringen

Lichaam:
Striae
Panniculose

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Opdrachten
Lees paragraaf beautylevel:
13.6 Degeneratieverschijnselen

Opdracht beautylevel:
Les Degeneratieverschijnselen

Presentatie opdracht: in groepjes
- Degeneratieverschijnselen



Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welke degeneratieve afwijkingen heb je vandaag geleerd?

Slide 15 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Welk advies geef je de klant om het degeneratieproces te vertragen?

Slide 16 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Extra uitleg

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Elastosis
Verminderde elasticiteit v/d huid
Degeneratie en afname van elastine vezels
Collagene vezels gaan overheersen en de huid wordt stugger

Elastosis solaris: door zon

Slide 18 - Tekstslide

Elastosis is een ander aspect van de huidveroudering.
De elastine vezels in de huid degenereren en nemen in aantal af.
De collagene vezels gaan overheersen en de huid wordt stug en minder elastisch. De huid voelt leerachtig.
Elastosis solaris -> door zon (versnelt door de zon)
Elastosis sinilis -> door ouderdom

Atrofische huid 
Letterlijk: verschrompeling
Vale, dunne verslapte huid met rimpels.
Bij het ouder worden neemt de celdeling af.


Slide 19 - Tekstslide

Als je ouder wordt neemt de celdeling af en verschrompelen de cellen door waterverlies. Dit noemen wij atrofie. Dit proces speelt zich af in het gehele lichaam, maar is aan de huid goed te zien. De lederhuid is verdund, het onderhuidse vetweefsel neemt af en de spiermassa vermindert. Als gevolg hiervan ontstaan er rimpels en verslapt de huid. De huiddoorbloeding neemt af en de huid gaat er grauw uitzien. Een huid die deze kenmerken vertoont noemt je atrofisch.

Gedehydrateerde huid - vochtarme huid
Craquelé-achtige nerfjes in de hoornlaag.
Huid is vaak dun.

Interne factoren:
Talgklier- en zweetklierwerking nemen af
Cellen bevatten minder vocht

Extern factoren: 
Guur weer, zonnebrand
en centrale verwarming



Slide 20 - Tekstslide

Naarmate je ouder wordt :
  • Bevatten de cellen in je lichaam steeds minder vocht.
  • De functie van de talgklieren verminderd
  • De werking van de zweetklieren neemt af.
  • De celdeling vermindert -> er treedt minder bestanddelen buiten de cel die invloed hebben op de huidvochtigheid.
Factoren van buitenaf (guur weer, zonnebrand, centrale verwarming) -> hoornlaag wordt steeds vochtarmer.
Beh: hoornlaag vochtrijker maken.

Rimpels en plooien
Van fijne rimpels tot grove rimpels en plooivorming.

Als gevolg van atrofie en elastosis.




Slide 21 - Tekstslide

Agv atrofie en elastosis -> rimpels en plooien.
De fijne mimische rimpels ontstaan vooral op plaatsen waar het gezicht heeft beweeglijk is. (bv rondom ogen en mond -> dunne huidlaag)
Diepere rimpels noem je plooien. Denk aan neus lippenplooi. (mimische spieren overdekt met dikkere huidlaag)

Kringen onder de ogen
Blauw zwart van kleur
  • Chronische kringen:
  • Skelet bouw
  • Pigmentatie
Tijdelijke kringen:
  • Vermoeidheid
  • Ziekte
  • Slaaptekort
  • Verdriet en zorgen








Slide 22 - Tekstslide

Bloed schijnt door dunne huid rondom de ogen.
Chronisch ; bij magere mensen met een benig skeletbouw
Tijdelijk kringen door ziekte, weinig slaap, verdriet en zorgen.
Ook door agv vermeerderde pigmentatie onder de ogen. Dit zie je meer bij mensen met een donkere huidskleur.

Behandeling kringen 
Chronische kringen
  • Camoufleren

Tijdelijke kringen
  • Oogmasker / -kompressen
  • Bloedcirculatie bevorderen met pincements en vingertapotements
  • Camoufleren









Slide 23 - Tekstslide

Bloed schijnt door dunne huid rondom de ogen.
Chronisch ; bij magere mensen met een benig skeletbouw
Tijdelijk kringen door ziekte, weinig slaap, verdriet en zorgen.
Ook door agv vermeerderde pigmentatie onder de ogen. Dit zie je meer bij mensen met een donkere huidskleur.

Wallen onder de ogen
Tijdelijke wallen
  • Vochtophoping -lymfevocht niet voldoende afgevoerd.
  • Liggen blijven wallen zichtbaar
  • Lymfdrainage
Chronische wallen
  • Door vetcellen
  • Alleen chirurgisch weg te halen









Slide 24 - Tekstslide

Bloed schijnt door dunne huid rondom de ogen.
Chronisch ; bij magere mensen met een benig skeletbouw
Tijdelijk kringen door ziekte, weinig slaap, verdriet en zorgen.
Ook door agv vermeerderde pigmentatie onder de ogen. Dit zie je meer bij mensen met een donkere huidskleur.

Rokershuid
Giftige stoffen tasten haarvaatjes aan. 
Zuurstof komt niet meer aan bij de cellen. 
Verminderde aanmaak collageen.





Slide 25 - Tekstslide

Niet in het boek!
Sigrettenrook -> bevat giftige stoffen -> tasten haarvaatjes aan -> doorbloeding verslechterd
Ook zorgen bepaalde stoffen voor de afbraak van bindweefsel -> huid minder stevig en flexibel wordt -> sneller rimpels en vroegtijdige veroudering

Rokershuid
Kenmerken:
Vale, doffe, gelige huidkleur
Dunnere huid, tele’s
Comedonen
Huidveroudering,
Diepere rimpels, vooral rond mond






Slide 26 - Tekstslide

Niet in het boek!
Sigrettenrook -> bevat giftige stoffen -> tasten haarvaatjes aan -> doorbloeding verslechterd
Ook zorgen bepaalde stoffen voor de afbraak van bindweefsel -> huid minder stevig en flexibel wordt -> sneller rimpels en vroegtijdige veroudering

Panniculose
Sinaasappelachtige structuur huid door verandering in het onderhuids bindweefsel
Vet gaat samen klonteren in bindweefsel en komt vocht vrij tussen cellen (putjes)
Kan ontstaan door:
  • te weinig bewegen
  • hormonale invloeden
  • Voeding
Voorkeursplaatsen: billen, heupen
     en bovenbenen

Slide 27 - Tekstslide

Cellulitis = ontsteking van de onderhuidse bindweefsel, terwijl bij panniculose geen ontsteking is.
In de onderhuid zitten vetcellen tussen de bindweefselvezels. Die vetcellen nemen vet op en kunnen overvol raken en te gronde gaan. Het vet blijft aanwezig en hoopt zich op in de huid. Het vet houdt veel vocht vast. Hierdoor beschadigen de bindweefselvezels en zit het huidoppervlak er hobbelig uit. Iemand met overgewicht heeft meestal meer last van panniculose dan een slank iemand.
SS ->Verbeteren stofwisseling en afvoer in de huid. Erg moeilijk te bestrijden want zit diep in de huid, in de onderhuid.

Volgende les: haarafwijkingen

Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welke pigment-afwijkingen heb je vandaag geleerd?

Slide 29 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Wat heeft deze informatie je gebracht voor de praktijk

Slide 30 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Welk advies kun je geven aan de klant die gevoelig is voor hyperpigmentatie door de zonschade

Slide 31 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat zou je nog verder willen leren over dit onderwerp?

Slide 32 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Leerdoel
Aan het einde van deze les kun je het pigmentproces in de huid uitleggen en pigmentafwijkingen  herkennen, benoemen en onderscheiden op basis van kenmerken en oorzaken.

Slide 33 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Na de vakantie

Slide 34 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies