Perfecto VS indefinido

¡Bienvenidos a la clase de español!
Hoy es........
1 / 28
volgende
Slide 1: Tekstslide
SpaansMiddelbare schoolvwoLeerjaar 1

In deze les zitten 28 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

¡Bienvenidos a la clase de español!
Hoy es........

Slide 1 - Tekstslide

¿Qué hacemos hoy?
  • ¿Qué hemos hecho?

  • ¡A trabajar!

  • Fin de la clase








  • El objetivo (5)
  • Conjucaciónes (10)
  • Biografía (10)
  • Evaluación (5)

Slide 2 - Tekstslide

¿Qué hemos hecho?

Slide 3 - Woordweb

El objetivo
  • Ik kan praten in de verleden tijd die is afgesloten en die nog niet is afgesloten. 
El verano pasado viajé a Italia.
Este fin de semana he viajado a Italia.

Slide 4 - Tekstslide

Wat is de pretérito perfecto vorm van de volgende werkwoorden? 

Slide 5 - Tekstslide

emigrar, yo

Slide 6 - Open vraag

asistir, él

Slide 7 - Open vraag

conseguir, ellos

Slide 8 - Open vraag

firmar, vosotros

Slide 9 - Open vraag

hacer, nosotros

Slide 10 - Open vraag

decir, él

Slide 11 - Open vraag

Wat is de indefenido vorm van de volgende werkwoorden? 

Slide 12 - Tekstslide

tener, él

Slide 13 - Open vraag

estar, yo

Slide 14 - Open vraag

poder, vosotros

Slide 15 - Open vraag

ser, nosotros

Slide 16 - Open vraag

querer, ella

Slide 17 - Open vraag

traer, ella

Slide 18 - Open vraag

decir, nosotros

Slide 19 - Open vraag

Slide 20 - Tekstslide

indefenido <--> perfecto
Hoe kan je zien welke vorm je moet gebruiken?
De tijdsaanduidingen die in de zin staan. 

Slide 21 - Tekstslide


Penélope Cruz (nacer)____el 18 de abril de 1974 en Alcobendas, Madrid.

Slide 22 - Open vraag


Pronto (sentirse) atraída por el mundo del arte.

Slide 23 - Open vraag


(decidir)_____ser actriz para llegar a cumplirun sueño: trabajar con Pedro Almodóvar.

Slide 24 - Open vraag

En 2006 (ser)___ primera actriz española candidata a los Premios Óscar.

Slide 25 - Open vraag

Ik begrijp de lesstof....
A
onvoldoende
B
redelijk
C
voldoende
D
goed

Slide 26 - Quizvraag

Fin de la clase...



  • ¿Preguntas?

  • Wat ging goed?

  • Wat kan er verbeteren?









    Volgende les?

    ¿Qué? 

    * Imperfecto

    ¿Deberes?

    * Estudiar tarea 1 en 2

    Slide 27 - Tekstslide

    ¿Qué tal la clase?

    Slide 28 - Tekstslide