In deze les zitten 45 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.
Lesduur is: 60 min
Onderdelen in deze les
Oefentoets H5
Nationalisme en Imperialisme
Slide 1 - Tekstslide
Instructie
Deze oefentoets maak je zelfstandig ter voorbereiding van de eindtoets van H5. Belangrijk: niet gokken als je een antwoord niet weet! Als je iets niet weet zoek je het antwoord op in de betreffende paragraaf; op die manier leer je!
Slide 2 - Tekstslide
H5 Algemeen
Slide 3 - Tekstslide
Zet in de goede volgorde. Van vroeg (links) naar laat (rechts). Niet gokken als je niet zeker bent, zoek het dan op in je boek.
<b>1</b>
<b>2</b>
<b>3</b>
<b>4</b>
<b>5</b>
<b>6</b>
A: De belangrijkste leiders van Europa herstellen het Ancien Régime
B: De kolonisatie van Afrika is voltooid
C: In Nederlands-Indië wordt het cultuurstelsel ingevoerd
D: Koning Willem I erkent België als onafhankelijke staat
E: Landen in Europa beginnen aan de verovering van het Afrikaanse binnenland
F: Napoleon wordt definitief verslagen
Slide 4 - Sleepvraag
Paragraaf 1
Liefde voor het Vaderland
Slide 5 - Tekstslide
Herstel van de politiek-bestuurlijke situatie van vóór de Franse Revolutie, waarbij veel landen weer een vorst aan het hoofd kregen.
Ondernemers mogen eigen plantage of fabriek beginnen
Boeren moeten 20% van land verbouwen voor NL
Javanen werken in loondienst voor Europeaan
Slide 34 - Sleepvraag
Een deel van de opbrengst van het cultuurstelsel ging naar de inheemse vorsten.
Om welke reden gaven de Nederlandse aan de inheemse vorsten een deel van de opbrengst?
A
De Nederlanders wilden dat de inlandse vorsten hiermee spoorrails aanlegden, omdat de Nederlanders dit zelf niet deden
B
De Nederlanders wilden de lokale heersers met geld helpen, zodat ze hun eigen cultuur verder konden ontwikkelen
C
De Nederlanders wilden de lokale vorsten te vriend houden, want zij hielpen hen met het lokale bestuur
D
De Nederlanders zagen de lokale vorsten als gelijken en vonden het daarom alleen maar eerlijk dat zij mee konden profiteren van de winst
Slide 35 - Quizvraag
Paragraaf 4
De Wedloop om Afrika
Slide 36 - Tekstslide
Op een gegeven moment gingen Europeanen zich interesseren voor de binnenland in Afrika en werden er expedities gemaakt door Europese ontdekkingsreizigers.
Wanneer vond deze ontwikkeling plaats?
A
Begin 17e eeuw
B
Begin 18e eeuw
C
Begin 19e eeuw
D
Begin 20e eeuw
Slide 37 - Quizvraag
Welke uitspraken over Afrika vóór 1800 zijn waar?
A
Afrika kende vooral jagers-verzamelaars en rondtrekkende veetelers.
B
De VOC had een kolonie in Zuid-Afrika.
C
Europeanen waren diep doorgedrongen in het Afrikaanse binnenland.
D
Afrika kende vooral jagers-verzamelaars en rondtrekkende veetelers.
De VOC had een kolonie in Zuid-Afrika.
Een deel van de Afrikanen was islamitisch en een deel was christelijk.
De Europeanen waren in de 19e eeuw verrast door de schitterende steden die zij in de Afrikaanse binnenlanden tegenkwamen. Met welk begrip kun je deze verbazing verklaren?
A
Superioriteitsdenken
B
Exploitatie
C
Kolonisatie
D
Modern Imperialisme
Slide 40 - Quizvraag
De Afrikaanse bevolkingsgroei voor 1850 was veel lager dan die van Europa.
Welke reden zou dit onder andere kunnen hebben gehad?
A
Afrika was niet geïndustrialiseerd, terwijl in Europa de bevolking snel groeide door de Industrialisatie
B
Afrika was sterk verstedelijkt en in steden was het sterftecijfer door o.a. ziektes hoog
C
Door de Europese veroveringen in Afrika na de conferentie van Berlijn stierven veel Afrikanen in de strijd tegen Europese legers
D
Europa trok onlogische grenzen in Europa, waardoor veel Afrikaanse stammen in oorlog raakten
Slide 41 - Quizvraag
Zet in de juiste chronologische volgorde (van links naar rechts).
<b>A</b>
<b>B</b>
<b>C</b>
<b>D</b>
<b>E</b>
Ontdekkingsreizigers proberen Afrikaanse gebieden te bemachtigen
Duitsland organiseert de conferentie van Berlijn
Bijna heel Afrika is door Europese landen gekoloniseerd
In West-Afrika kopen Europeanen voor het eerst ivoor, goud en slaven
De Islam verspreidt zich over Noord-Afrika
Slide 42 - Sleepvraag
Waarom deed Nederland niet mee aan de Wedloop om Afrika?
Slide 43 - Open vraag
Waarom zou juist Duitland de conferentie van Berlijn hebben georganiseerd?
A
Duitsland had als nieuw land nog weinig koloniën en wilde zo veel mogelijk invloed uitoefenen op de verdeling van Afrika om deze achterstand in te halen
B
Duitsland wilde voorkomen dat Afrika gekoloniseerd werd, omdat het als nieuw land veel waarde hechtte aan de onafhankelijkheid van landen
C
Duitsland vond het belangrijk dat er vrede bleef in Europa en wilde met de conferentie van Berlijn de chaos en rondom de kolonisatie van Afrika oplossen
D
Duitsland was een zeer Christelijk land en wilde tijdens de conferentie van Berlijn doordrukken dat er vooral werd gericht op de verspreiding van het Christendom in Afrika
Slide 44 - Quizvraag
Zet de gevolgen voor Afrika bij de juiste categorie.