3T periode 2 de naamvallen

♥lich Willkommen!
1 / 23
volgende
Slide 1: Tekstslide
DuitsMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 3

In deze les zitten 23 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

♥lich Willkommen!

Slide 1 - Tekstslide

Programma
  • Start
  • LOGO-uitzending kijken
  • Korte herhaling haben/ sein v.t 
  • Uitleg naamvallen
  • Oefening LessonUp
  • Oefening boek 

Slide 2 - Tekstslide

Am Ende der Stunde:
  • Ik weet wat de 1e, 3e en 4e naamval is en kan deze toepassen.
  • Ik weet hoe ik de persoonlijke vnw in de 1e, 2e en 3e naamval zet.  

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Link

5 Fakten über Feuerwerk

Slide 5 - Woordweb

Weißt du noch?

Slide 6 - Tekstslide

Slide 7 - Tekstslide

<b>Ich</b>
<b>du</b>
<b>er/sie/es/man</b>
<b>wir</b>
<b>ihr</b>
<b>sie/Sie</b>
war
waren
waren
wart
war
warst

Slide 8 - Sleepvraag

<b>Ich</b>
<b>du</b>
<b>er/sie/es/man</b>
<b>wir</b>
<b>ihr</b>
<b>sie/Sie</b>
hatte
hatten
hatten
hattet
hatte
hattest

Slide 9 - Sleepvraag

Wo <b>wart ihr</b>?
<b>Wir waren</b> am Strand
<b>Hattet ihr</b> gutes Wetter?
Ja, <b>es war</b> warm.
Wo <b>warst du</b>?
<b>Ich war</b> in der Stadt.
<b>Hatten Sie</b> schon reserviert?
<b>Meine Frau hatte </b>einen Tisch reserviert.
<b>Sie war</b> hier gestern.
Aber<b> wir hatten </b>ihm geholfen.
<b>Ich hatte </b>Autopanne.
waren jullie
wij waren
hadden jullie
het was
was jij
ik was
had u
zij had
zij was
we hadden
ik had

Slide 10 - Sleepvraag

Slide 11 - Video

Slide 12 - Tekstslide

Koppel de juiste vertaling van de voorzetsels met de vierde naamval aan elkaar
door
voor
zonder
om
tot
tegen
durch
für
ohne
um
bis
gegen

Slide 13 - Sleepvraag

Koppel de juiste vertaling van de voorzetsels met de vierde naamval aan elkaar
door
voor
zonder
om
tot
tegen
durch
für
ohne
um
bis
gegen

Slide 14 - Sleepvraag

sleep de voorzetsels naar de juiste naamval.
3e&nbsp; naamval
4e naamval
aus

bei
mit
nach
seit
von
zu
außer
durch
für
ohne
um
bis
gegen
entlang

Slide 15 - Sleepvraag

Slide 16 - Tekstslide

Die Eltern schenkten (hem) Geld.

Slide 17 - Open vraag

Morgen gebe ich ('jou')
einen
Blumenstrauß.

Slide 18 - Open vraag

Josef kauft (haar)
Blumen.

Slide 19 - Open vraag

Willst du dich zu (mij)
setzen?

Slide 20 - Open vraag

Jungs, ich möchte ich mich bei (jullie)
bedanken.

Slide 21 - Open vraag

„Ich bin gleich bei (jou)
“, sagte der Kellner zu den Gästen.

Slide 22 - Open vraag

Hausaufgaben


Aufgaben 18 t/m 24 (23 overslaan) 
Seite 67-71)

Slide 23 - Tekstslide