les 5 - groentesoep

1 / 43
volgende
Slide 1: Tekstslide
GesMiddelbare schoolmavoLeerjaar 1

In deze les zitten 43 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

week 5 groentensoep
klein apparatuur en gereedschappen

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

startklaar
start van de les: 
- jas/tas bij kapstok
- jas en haarnetje aan
- handen wassen
- werkbank schoon 


klaar? recept gaan lezen

Slide 4 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

Overzicht Periode 1 j 1
  • Thema: hygiene en keukenmaterialen
  • Benodigde lesmaterialen: powerpoint, werkboek, receptenboek
Week 1
Week 2
Week 3
Week 4
Week 5
intro/vlaflip
fruitsalade
appelflap
snijtechnieken
groentesoep
Week 6
Week 7
Week 8
Week 9
Week 10
tomatensoep
macaroni
br kruidenboter
kruidnoten
inhaalles

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

JdW-kijkwijzer
Lesopbouw:
  1. VOORAF: Startklaar, Voorkennis activeren
  2. INSTRUCTIE: Leerdoelgericht werken, Inclusieve didactiek, Concrete en herkenbare voorbeelden
  3. TOEPASSING: Actieve verwerking, Formatief handelen 
  4. EVALUATIE: Afsluiting

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Terugblik-opdracht

Slide 7 - Woordweb

2. Voorkennis activeren
De docent activeert relevante voorkennis aan de hand van een terugblik-opdracht, waarbij eventueel een beroep op de thuistalen wordt gedaan. Op deze manier biedt de docent een kapstok om nieuwe stof te verbinden aan de eerder geleerde stof en richting te geven aan het verdere verloop van de les. Tegelijkertijd worden hiermee misconcepties van leerlingen zichtbaar gemaakt, waar de docent vervolgens gericht op in kan spelen.

      Leerdoelen
  1. Ik kan minimaal 5 keukengereedschappen benoemen die bij keukentechnieken worden gebruikt.
  2. Ik kan uitleggen waarom het belangrijk is om producten goed te wegen en/of te meten.
  3. Ik kan afwegen met behulp van een weegschaal
  4. Ik kan afmeten met behulp van een maatbeker


Slide 8 - Tekstslide

3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.

              Inleiding
Wanneer je soep kookt, heb je verschillende kleinere materialen nodig. 
Daarnaast heb je verschillende soorten soepen. Vorige week heb je de heldere soep gemaakt, deze week gaan we een gebonden soep maken

Slide 9 - Tekstslide

Inleiding
Door een goede inleiding voelen leerlingen zich betrokken en begrijpen ze het belang van wat ze gaan leren. Dit vergroot hun motivatie en leerresultaten. 
Kleine apparatuur
Bain marie -Warm houden van eten
Keukenmachine -Hakken, opkloppen, mengen, kneden
Snijmachine - Snijden van vlees en kaas
Blender - Pureren van producten
Staafmixer - Kan in de pan pureren



Slide 10 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

keuken gereedschappen
Koksmes (20cm) - snijden divers
Officemes (10cm) - schillen
Tourneermes - krom snijvlak, tourneren
Fileermes - Dun en flexibel, fileren
Kartelmes (20cm) - brood snijden, zagen





Slide 11 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

keuken gereedschappen
Appelboor -klokhuizen uit appels of peren boren
Dunschiller - dun schil verwijderen
Parisienneboor - Hiermee kan je balletjes boren
Aanzetstaal - messen weer scherp maken




Slide 12 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

Wanneer kookt mijn water?
  • Alleen damp => tussen de 50-90 graden
  • Kleine bubbeltjes => tussen de 90-100 graden
  • Grote bubbels => 100 graden

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Dus wanneer kookt water?
A
50 graden
B
90 graden
C
100 graden
D
200 graden

Slide 14 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

wat doet een dunschiller?
A
klokhuis boren
B
schillen
C
bolletjes boren
D
messen scherp maken

Slide 15 - Quizvraag

7. Formatief handelen
De docent geeft de leerlingen gedurende de verschillende lesfasen gerichte feedback, feedup en feedforward op de op de inhoud van het werk, de leerstrategie, het gedrag en op zelfsturing. De docent bevraagt leerlingen willekeurig met open vragen. Hierbij stimuleert de docent het kwaliteitsbesef onder leerlingen door bijvoorbeeld leerlingen werk met elkaar te laten vergelijken of uitgewerkte voorbeelden in te zetten.

Aan de slag
De volgende slides staat stap voor stap wat je moet doen om het gerecht te maken. 
stap 1: kijk goed naar het plaatje
stap 2: lees de tekst

Deze stappen staan ook op je receptblad geschreven

Slide 16 - Tekstslide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Materialen
  • Steelpan
  • Soepkom
  • Eetlepel 
  • Bekken 2x
Materialen
  • Maatbeker
  • snijplank groen
  • pollepel
  • bolzeef

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

ingredienten
  • 500 ml water
  • 20 grvermicelli
  • 1 stuks bouillonblokje
  • 1 eetlepel olie
  • nootmuskaat, peper en zout

ingredienten
  • 50 gr halal gehakt
  • 1/2 ui
  • 2 takjes peterselie
  • 1/3 wortel
  • 1/6 prei

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Mise en place

Koude verwerking

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

eminiceren
  1. snij de prei in de lengte door. 
  2. leg de prei plat (mag niet rollen)
  3. hand ik kattenklauw
  4. snij dunne plakjes van de prei. 

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

wassen
Was je prei in je bolzeef. 

op deze manier gaan bacteriën en zand weg.

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

brunoise
snij brunoise
0,5 cm X 0,5 cm
  1. schillen
  2. rechthoek snijden
  3. plakken
  4. repen
  5. blokjes

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

snipperen
  1. snij de ui verticaal door
  2. schil de ui, laat wortels zitten.
  3. snij verticaal in
  4. snij horizontaal in
  5. snij nu van boven naar beneden blokjes

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

hakken
  1. leg je hand op het uiteinde van je mes.
  2. beweeg je mes snel op en neer.
  3. beweeg je mes van links naar rechts

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

bij een ui snipperen snij je hem verticaal door. Welke ui is goed gesneden?
A
B

Slide 25 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Warme verwerking

Slide 26 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stap 1
Doe 1 eetlepel olie in de pan. 

Zet het vuur aan op de lage vlam. 

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stap 2
Doe de soepgroenten in de pan. 

Verwarm de groente tot ze zacht zijn. 

Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stap 3
Doe het water in de pan. Doe het bouillonblokje erin. 

Breng dit aan de kook (grote vlam)

Slide 29 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stap 4
Als de soep kookt: Voeg de vermicelli toe. 

Roer dit even door. 

Slide 30 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stap 5
Doe het gehakt in het bekken. 

Doe er zout, peper en nootmuskaat bij. 

Slide 31 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stap 6
Meng het gehakt 1 hand

Slide 32 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stap 7
Draai hier 10 gelijke balletjes van in het bekken.

Slide 33 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stap 8
Doe de gehakballetjes in de soep. 
Was je handen!
Zet een timer voor 10 minuten.
timer
10:00

Slide 34 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stap 9
Proef de soep.

voeg peper en zout toe, ALLEEN als dit nodig is. 

Slide 35 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stap 10
schenk de soep met de soeplepel in je soepkom. 
zorg dat de rand schoon blijft. 

Slide 36 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

afwassen
  1.  eten weg
  2. voorspoelen
  3. afwassen
  4. naspoelen 
  5. drogen
  6. opruimen

Slide 37 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

taken einde van de les
  • vloer (3P)
  • controle (3P)
  • weegtafel (1 a 2P)
  • was (2P)
  •  doekjes (1 a 2P)
  • kruidenkar (1 a 2P)
  • verwarming (1 a 2P)'
  • afwas tafel (1 a 2 P)

Slide 38 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

           Begrippen
           uit deze les
  • eminiceren
  • jullienne
  • brunoise
  • snipperen
  • hakken
  • kokend water

Slide 39 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

           Afsluiting
doelen: keuken materiaal herkennen en eigenschap beschrijven

volgende week: groentensoep
gedrag: 

Slide 40 - Tekstslide

8. Afsluiting
De docent controleert in de slotfase van de les of de leerdoelen door alle leerlingen behaald zijn en plaatst de les in de context van de betreffende periode. De docent evalueert samen met de leerlingen het leren en het gedrag en blikt vooruit aan de hand van de JdW-planner. 
Waarom moeten de balletjes gelijke grootte zijn?
A
Dat ziet er mooier uit
B
Dan garen ze gelijk
C
Dan kom je beter uit bij het maken
D
Al deze antwoorden

Slide 41 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is het verschil tussen een koksmes en officemes?

Slide 42 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Eindslide.

Slide 43 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies