11.1 Het interne milieu

11.1 Het interne milieu
1 / 15
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieMiddelbare schoolvwoLeerjaar 5

In deze les zitten 15 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 3 videos.

time-iconLesduur is: 80 min

Onderdelen in deze les

11.1 Het interne milieu

Slide 1 - Tekstslide

11.1 Leerdoelen 
1. Een regelkring, inclusief de norm, effector, receptor en regelcentrum, afleiden uit een beschrijving van de regulatie van lichaamsprocessen en de principes van een regelkring toelichten.

2. Uitleggen wat homeostase is en hoe door het principe van negatieve terugkoppeling homeostase gerealiseerd wordt. 

3. De warmteregulatie beschrijven en de werking van de huid bij de regeling van de lichaamstemperatuur omschrijven.


Slide 2 - Tekstslide

Homeostase
Homeostase is het constant houden van het inwendige milieu in je lichaam, bijvoorbeeld je lichaamstemperatuur, zuurstofconcentratie, glucoseconcentratie of je waterhuishouding.

Voor al deze variabelen geldt dat je lichaam het beste functioneert op een bepaalde constante waarde, deze waarde noemen we de norm waarde. 

Regelkringen in je lichaam houden die normwaarde constant, een regelkring bestaat uit een receptor, een regelcentrum en een effector.

Homeostase is het in dynamisch evenwicht (schommelend rond een constante) houden van het inwendige milieu in je lichaam, bijvoorbeeld je lichaamstemperatuur, zuurstofconcentratie, glucoseconcentratie of je waterhuishouding.

Voor al deze variabelen geldt dat je lichaam het beste functioneert op een bepaalde waarde, deze waarde noemen we de norm.



Homeostase

Slide 3 - Tekstslide

Homeostase

Slide 4 - Tekstslide

Slide 5 - Video

Regelkringen bestaan uit receptoren (zintuigen) en effectoren (klieren of spieren):

sensor/receptor - meet hoe het er voor staat

controle centrum/regelcentrum - checkt of het nog binnen de norm is

effector - komt in actie als de norm niet meer klopt
Regelkring

Slide 6 - Tekstslide

Slide 7 - Tekstslide

Regelkring
Veel regelcentra liggen in de hypothalamus.

Vaak komt een waarde weer terug op de norm door negatieve terugkoppeling. Bij negatieve terugkoppeling is er een tegengestelde actie om terug te komen op de norm.

Bv. Je staat onder de douche en je vindt het water te koud. Je draait dan de warme kraan verder open waardoor het water minder koud wordt.. wordt het water te heet, dan draai je de warme kraan weer terug ( = tegengestelde actie)

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Video

Slide 11 - Video

Hoe zorgen rillingen ervoor dat de lichaamstemperatuur constant blijft?

Slide 12 - Open vraag

Is hier sprake van en negatieve of een positieve terugkoppeling? Leg uit.

Slide 13 - Open vraag

Welke effectoren worden aangestuurd wanneer de kerntemperatuur de bovengrens bereikt? En de ondergrens?


Slide 14 - Open vraag

Opdrachten
maken 11.1 opdr. 1, 4, 5 en 6

Slide 15 - Tekstslide