Volume met onderdompelmethode

Welkom 
Natuurkunde wordt in het dagelijks leven vaak toegepast. 
Electriciteit is bijvoorbeeld  een onderdeel van de natuurkunde. 
Onderzoeken naar licht, geluid, lucht, water en andere materialen en vloeistoffen valt onder de natuurkunde.

1 / 19
volgende
Slide 1: Tekstslide
Natuurkunde / ScheikundeMiddelbare schoolvmbo k, g, t, mavoLeerjaar 2

In deze les zitten 19 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Welkom 
Natuurkunde wordt in het dagelijks leven vaak toegepast. 
Electriciteit is bijvoorbeeld  een onderdeel van de natuurkunde. 
Onderzoeken naar licht, geluid, lucht, water en andere materialen en vloeistoffen valt onder de natuurkunde.

Slide 1 - Tekstslide

Volume of Inhoud bepalen 
Het volume  is hoeveel ruimte een bepaalde stof inneemt . 
Volume = l x br x h 


Slide 2 - Tekstslide

Volume of Inhoud bepalen 
Het volume is hoeveel ruimte een bepaalde stof inneemt (lijkt een beetje op inhoud). Kun je uitrekenen met l x b x h of met de onderdompel methode


Slide 3 - Tekstslide

Het volume van een onregelmatig voorwerp

Slide 4 - Tekstslide

Bereken het volume

Slide 5 - Tekstslide

V = Veind - Vbegin

Slide 6 - Tekstslide

Onregelmatige vaste vorm

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Tekstslide

Onregelmatige vaste vorm

Slide 9 - Tekstslide

Bereken het volume

Slide 10 - Tekstslide

Antwoord

Slide 11 - Tekstslide

Voor volume worden verschillende eenheden gebruikt. 1 mL is gelijk aan:
A
1 mm3
B
1 cm3
C
1 dm3
D
1 m3

Slide 12 - Quizvraag

Wat is de grootheid die bij uur hoort?
A
Lengte
B
Tijd
C
Massa
D
Hoelang

Slide 13 - Quizvraag

Omrekenen !
(kilo - hecto - deca - .......................... - deci - centi - milli)

Hoeveel gram is 3,5 kg
A
35
B
350
C
3500
D
35000

Slide 14 - Quizvraag

Welke grootheid wordt bij Kubieke meter?
A
Massa
B
Gewicht
C
Volume
D
Tijd

Slide 15 - Quizvraag

Omrekenen !
(kilo - hecto - deca - .......................... - deci - centi - milli)

Hoeveel kiloWatt (kW) is 600 W
A
6000
B
0,006
C
0,6
D
6

Slide 16 - Quizvraag

Doel van de les
De leerling kan het verschil tussen gewicht en massa uitleggen.
De leerling kan 2 manieren benoemen hoe je het volume van een stof kunt bepalen

Slide 17 - Tekstslide

Paragraaf 2.3
Als we met stofjes werken moeten hebben vaak een bepaalde hoeveelheid nodig (bv 300 gram).  Om de juiste hoeveelheid
af te meten maken we gebruik van een weegschaal.

Zo'n weegschaal meet het gewicht van de stof,
maar hij geeft de massa van de stof weer.
Gewicht: kracht waarmee de aarde trekt
massa: hoeveelheid deeltjes van een stof

Slide 18 - Tekstslide

Zelfstandig aan de slag
Wat: Maken paragraaf 2.3
Hoe: digitaal, als je denkt dat je klaar bent dan "test jezelf"
Klaar?: kijk het na. Noteer wat  je moeilijk/lastig vindt. 

Slide 19 - Tekstslide