les 16 AcI

Les 16 AcI
Na deze les kun je de AcI-constructie in het Latijn herkennen en vertalen. 
1 / 33
volgende
Slide 1: Tekstslide
LatijnMiddelbare schoolvwoLeerjaar 3

In deze les zitten 33 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Les 16 AcI
Na deze les kun je de AcI-constructie in het Latijn herkennen en vertalen. 

Slide 1 - Tekstslide

Wat betekent de A in AcI?
A
accusativus
B
ablativus

Slide 2 - Quizvraag

Wat betekent de I in AcI?
A
imperativus
B
infinitivus
C
imperfectum

Slide 3 - Quizvraag

Met wat voor bijzin vertaal je een AcI?
A
die-bijzin
B
als-bijzin
C
dat-bijzin
D
omdat-bijzin

Slide 4 - Quizvraag

Na welke werkwoorden verwacht je een AcI?
A
dederat, perficiunt
B
dixit, audivit
C
custodiebat, vidit
D
portare, colligere

Slide 5 - Quizvraag

De A in de AcI wordt in je vertaling ... in je dat-bijzin
A
het onderwerp
B
het lijdend voorwerp
C
de persoonsvorm
D
een bijwoordelijke bepaling

Slide 6 - Quizvraag

De I in de AcI wordt in je vertaling ... in je dat-bijzin
A
het onderwerp
B
het lijdend voorwerp
C
de persoonsvorm
D
een bijwoordelijke bepaling

Slide 7 - Quizvraag

De AcI
Een AcI is een accusativus en een infinitivus:
  • puellam currere > het meisje rennen.
  • puellam currere video > Ik zie het meisje rennen. / Ik zie dat het meisje rent.

Slide 8 - Tekstslide

Een AcI in het wild
Een AcI voel je meestal aankomen. Dit komt omdat een AcI altijd afhangt van de persoonsvorm. Je wilt achter sommige persoonsvormen in het Nederlands ook graag 'dat' denken.

Ik zeg dat..., ik zie dat..., ik hoor dat..., ik ben blij dat...

Al deze werkwoorden hebben in het Latijn een AcI bij zich!

Slide 9 - Tekstslide

Bedenk nog minstens 3 werkwoorden waarna je een AcI kunt verwachten.

Slide 10 - Open vraag

Hoe vertaal je een AcI?
  • Maak een bijzin die begint met 'dat'.
  • De accusativus wordt je onderwerp in de bijzin.
  • De infinitivus wordt je persoonsvorm in de bijzin.

Caesar dicit hostes timere.
= Caesar zegt dat de vijanden bang zijn.
Hostes = acc mv van groep 3
timere = infinitivus praesens (herkenbaar aan de uitgang -re)
onderwerp in de bijzin.
persoonsvorm in de bijzin.

Slide 11 - Tekstslide

Alles tussen A en I...
Algemene regel:

ALLE WOORDEN DIE IN HET LATIJN TUSSEN DE A EN DE I IN STAAN, HOREN IN DE DAT-BIJZIN! 

Slide 12 - Tekstslide

Maar wat als er twee accusativi in de zin staan?
Dan is één van de twee accusativi de onderwerpsaccusativus (subjectsaccusativus) en de andere de lijdend-voorwerpsaccusativus (objectsaccusativus). 

Meestal is de eerste accusativus je onderwerp in de dat-bijzin en de tweede je lijdend voorwerp (maar niet altijd!). Let dus op de context.

Slide 13 - Tekstslide

Voorbeeld
Caesar dicit Romanos hostes vincere posse

=

Caesar zegt dat de Romeinen de vijanden kunnen overwinnen.
Romanos = acc mv van groep 2.
hostes = acc mv van groep 3.
vincere = infinitivus praesens 
posse = infinitivus praesens 
Eerste accusativus, dus waarschijnlijk onderwerp in de dat-bijzin. 
Tweede accusativus, dus waarschijnlijk lijdend voorwerp in de dat-bijzin. 
Er staan in deze zin twee infinitivi, alleen posse kan logischerwijs de persoonsvorm in de dat-bijzin worden.. 

Slide 14 - Tekstslide

Gelijktijdigheid
Een infinitivus praesens (-re) in de AcI is altijd gelijktijdig.

Dit betekent dat je de persoonsvorm in de dat-bijzin in dezelfde tijd zet als de persoonsvorm in de hoofdzin.

Senex dicit puerum lacrimare. = De oude man zegt dat de jongen huilt.
Senex dixit puerum lacimare. = De oude man zei dat de jongen huilde.

Slide 15 - Tekstslide

tijdsverhouding hoofdww. en ACI
inf. perfectum: voortijding
video servos fulloniam intravisse = ik zie dat de slaven de vollerij binnengegaan zijn
videbam servos fulloniam intravisse= ik zag dat de slaven de vollerij binnengegaan waren. 

Slide 16 - Tekstslide

Hoe vorm je de infinitivus van het perfectum?
Je neemt de 1e persoon van het perfectum
Je vervangt de -i door -isse
vocavi wordt vocavisse
terrui wordt terruisse

Slide 17 - Tekstslide

Hoe vertaal je de infinitivus van het perfectum in de A.c.I
vocavisse = te hebben geroepen
fuisse = te zijn geweest
dus: dico me Romae fuisse = ik zeg dat ik in Rome ben geweest
Voortijdig t.o.v. het hoofdwerkwoord

Slide 18 - Tekstslide

gebruik van se in de ACI
se als acc. in de ACI slaat altijd terug op het onderwerp van het werkwoord waarvan de ACI afhangt.

dominus dicit se venire
servi dixerunt se dominum vidisse


Slide 19 - Tekstslide

tibi dicit pater se me vidisse
A
mijn vader zegt dat hij mij heeft gezien
B
vader zegt tegen jou dat ik hem heb gezien
C
vader zegt tegen jou dat hij mij heeft gezien
D
vader zegt tegen mij dat jij hem hebt gezien

Slide 20 - Quizvraag

maak zelf een ACI: vader zegt dat de slaven hebben gewerkt in de vollerij.
(pater/servus/laborare/fullonia

Slide 21 - Open vraag

Rex dicit magistrum discipulos laudare
Wat is de subiectsaccusativus?
A
Rex
B
magistrum
C
discipulos
D
dicit

Slide 22 - Quizvraag

Rex dicit magistrum discipulos laudare
Wat is de objectsaccusativus?
A
Rex
B
magistrum
C
discipulos
D
dicit

Slide 23 - Quizvraag

Rex dicit magistrum discipulos laudare
Wat is de juiste vertaling van de Latijnse infinitivus?
A
prijst
B
prijzen
C
prees
D
prezen

Slide 24 - Quizvraag

Rex dicit magistrum discipulos laudare
Wie prijst of prees wie?
A
de koning de leraar
B
de koning de leerlingen
C
de leraar de leerlingen
D
de leerlingen de leraar

Slide 25 - Quizvraag

Rex dicit magistrum discipulos laudare
Wat is waar?
A
pv = nu / inf = nu
B
pv = nu / inf = eerder
C
pv = eerder / inf = nu
D
pv = eerder / inf = eerder

Slide 26 - Quizvraag

Rex dixit magistrum discipulos laudare
Wat is waar?
A
pv = nu / inf = nu
B
pv = nu / inf = eerder
C
pv = eerder / inf = nu
D
pv = eerder / inf = eerder

Slide 27 - Quizvraag

Rex dixit magistrum discipulos laudavisse
Wat is waar?
A
pv = nu / inf = nu
B
pv = nu / inf = eerder
C
pv = eerder / inf = nu
D
pv = eerder / inf = eerder

Slide 28 - Quizvraag

Nummer de vertaalstappen van de A.c.I. in de juiste volgorde door de nummers ernaartoe te slepen
Vertaal de PV van het werkwoord van zeggen/menen/waarnemen en het onderwerp daarvan
Voeg het woord 'dat' toe
Vertaal de subjectsaccusativus als onderwerp van de dat-zin
Vertaal de objectsaccusativus als LV van de dat-zin
(als er een tweede accusativus is)
Vertaal de infinitivus als PV van de dat-zin, passend bij het onderwerp
1.
2.
3.
4.
5.

Slide 29 - Sleepvraag

Vertaal:
Mater liberos in silva cum amicis ludere dicit.

Slide 30 - Open vraag

Vertaal:
Senex uxorem in atrio dormire vidit.

Slide 31 - Open vraag

Vertaal:
Iuvat me omnem familiam apud lararium adesse.

Slide 32 - Open vraag

Vertaal:
Puella patrem fabulam fratri narrare audiebat.

Slide 33 - Open vraag