les 3 - lezen (3/5)

Leerjaar 2 - periode 4
- start en aanwezigheid
- planning en afspraken periode
- nieuwe theorie: standpunt en argumenten
- opdrachten (alleen of samen)
- afronding en huiswerk. 
Boek nodig! 
1 / 14
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMBOStudiejaar 2

In deze les zitten 14 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Leerjaar 2 - periode 4
- start en aanwezigheid
- planning en afspraken periode
- nieuwe theorie: standpunt en argumenten
- opdrachten (alleen of samen)
- afronding en huiswerk. 
Boek nodig! 

Slide 1 - Tekstslide

Deze periode:
2x per week Ned 
Deel 1: Lezen (Boek nodig!) - TOETS
Deel 2: Spreken - presentatie (alleen)
Dus nog twee cijfers op je rapport

Planning in teams-lesmateriaal-Nederlands
Lessen in Lessonup. Altijd samen starten: dan de keuze zelfstandig of samen. 

ma 27-5

Slide 2 - Tekstslide

welke communicatiedoelen kan een schrijver hebben?

Slide 3 - Woordweb

communicatiedoelen (blz 515)
  • informeren - De schrijver geeft informatie of levert gegevens (feiten)
  • uiteenzetten - De schrijver geeft op een neutrale, zakelijke manier informatie, legt uit hoe iets werkt, beschrijft of verklaart iets. 
  • beschouwen - De schrijver wil dat de lezer zijn mening kan vormen en geeft daarom allerlei meningen en invalshoeken van het onderwerp. NIET zijn eigen mening.
  • overtuigen - De schrijver wil dat de lezer het eens is met zijn mening. 
  • instrueren - De schrijver legt uit hoe iemand iets moet doen, stapsgewijs 
  • activeren - De schrijver wil de lezer aanzetten of stimuleren om actie te ondernemen. (reclame) 
  • amuseren - De schrijver wil de lezer vermaken. (niet bij schoolteksten) 






Slide 4 - Tekstslide

Geef een voorbeeld van een tekst met een hoofddoel en een subdoel

Slide 5 - Open vraag

standpunt en argumenten 
bekijk achter in je boek theorie 43+44
deze ook leren voor de toets! 

Slide 6 - Tekstslide

Geef jouw standpunt/stelling over het onderwerp "elektrisch rijden"

Slide 7 - Open vraag

een argument dat je kunt controleren is een:
A
objectief argument
B
subjectief argument
C
drogreden

Slide 8 - Quizvraag

een argument dat is gebaseerd op een mening (waarderende uitspraak) is een:
A
objectief argument
B
subjectief argument
C
drogreden

Slide 9 - Quizvraag

aan de slag 
we maken opdracht 6 +9  van taak 26 (3f)
maak de keuze: alleen of samen verder 

Slide 10 - Tekstslide

Ik wil graag:
A
alleen de opdracht maken op laptop
B
met Kyra de opdracht maken in het boek

Slide 11 - Quizvraag

Aan de slag! 

Door Nederlands - thema Omgaan met Klachten -taak 26 3F 

Maak opdracht 6 (samen met mij of alleen op de laptop) 
Maak opdracht 9 (iedereen alleen op de laptop) 

Klaar? Ga naar extra oefenen - woordenschat: omgaan met klachten + omgaan met de doelgroep 

Slide 12 - Tekstslide

Wat ga je onthouden van de les?

Slide 13 - Open vraag

tot slot
- zorg dat je opdracht 5, 6 en 9 af hebt 

Volgende les: opdracht 8

Slide 14 - Tekstslide