2.5 Tijd
Niveau 4
2.5 Tijd
Niveau 4
Inhoud
Uitleg
Voorbeeld
Opdrachten maken
Schattend rekenen met tijd
Als je schattend rekent met tijd, dan bepaal je hoelang iets ongeveer duurt of hoeveel tijd iets ongeveer kost.
Van sommige activiteiten weet je hoelang ze ongeveer duren:
Een wandeling van 5 kilometer duurt ongeveer 1 uur.
Je fietst 15 tot 20 kilometer in ongeveer 1 uur.
Je rijdt met de auto op de snelweg 100 tot 130 kilometer in ongeveer 1 uur.
Een zachtgekookt ei leg je ongeveer 4 minuten in kokend water. Een hardgekookt ei kook je ongeveer 10 minuten.
Een gerecht met bladerdeeg bak je in ongeveer 15 tot 20 minuten in de oven.
Uitleg
Voor tijd zijn een aantal vaste eenheden
Uitleg
Rekenen met dagen en maanden op de kalender
Stopwatch
Op de stopwatch zie je de tijd waarin Nancy 10 km heeft hardgelopen. Ze heeft de afstand binnen een uur kunnen lopen: in 58 minuten, 37 seconden en 41 honderdsten van een seconde.
Voorbeeld
Irem doet mee aan een fitchallenge. Ze probeert in 10 weken zo veel mogelijk uren te bewegen. Met een app op haar telefoon houdt ze bij hoeveel minuten ze sport. Aan het eind van de challenge bekijkt ze haar minutenaantal, dat zijn 4.290 minuten. Hoeveel uur en minuten heeft ze bewogen?
71 uur en 30 minuten
66 uur en 15 min
75 uur en 45 minuten
71 uur en 50 min
Uitwerking
4.290 : 60 = 71,5 uur
Let op: wat je achter de komma overhoudt, moet je vermenigvuldigen met 60 om het aantal minuten uit te rekenen. Want 0,5 uur is geen 50 minuten maar een half uur (30 min).
Een wasprogramma duurt 97 minuten. Afgesproken is dat je na 21:30 uur niet meer wast. Hoe laat kun je uiterlijk de wasmachine aanzetten? Rond af naar beneden op een kwartier.
Uiterlijk zet je de wasmachine aan om (......):(.....) uur.
19:45 uur
20:45 uur
19:30 uur
20:30 uur
Uitwerking
21:30 uur
60 minuten af (1 uur)
20:30 uur
37 minuten over haal 30 minuten ervan af
20:00 uur
7 minuten eraf
19:53 minuten --> naar een kwartier beneden afronden! DUS 19:45 uur!
Opdrachten maken
2.5 Tijd opdracht 3 t/m 10
Toetsweek
Hoofdstuk 2 Grootheden en eenheden
2.1 t/m 2.5
De toets is op papier!! Neem een pen en rekenmachine mee AUB!