Terugblik Kracht en beweging

8.1 + 8.2 Even herhalen
1 / 17
volgende
Slide 1: Tekstslide
Nask / TechniekMiddelbare schoolvmbo b, kLeerjaar 2

In deze les zitten 17 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

8.1 + 8.2 Even herhalen

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat gebeurt er met de wielrenner als deze stopt met trappen?
A
dan staat de fiets ineens stil
B
dan wordt de snelheid langzaam kleiner
C
dan gaat de fiets met dezelfde snelheid verder
D
dan gaat de fiets achteruit

Slide 2 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Kracht en Beweging
Om iets in beweging te brengen heb je kracht nodig:
  • Spierkracht
  • Windkracht
  • Veerkracht
  • Zwaartekracht
  • Motorkracht
  • Wrijvingskracht

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

 Wat hoort bij elkaar? 

Fiets
Katapult
Knijprem
Zeilboot
Parachute
Spierkracht
Veerkracht
Windkracht
Wrijvingskracht
Zwaartekracht

Slide 4 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

KRACHTEN TIJDENS HET FIETSEN

  • Spierkracht
  • Windkracht (luchtweerstand)
  • Zwaartekracht
  • Wrijvingskracht (rolweerstand)
  • Motorkracht (elektrische fiets)
KRACHTEN DIE MEEWERKEN:
 



(WRIJVINGS)KRACHTEN DIE TEGENWERKEN



Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

KRACHTEN TIJDENS HET FIETSEN
KRACHTEN DIE MEEWERKEN:
 Spierkracht (het trappen)
zwaartekracht (berg omlaag) en motorkracht (elektrische fiets)

(WRIJVINGS)KRACHTEN DIE TEGENWERKEN
luchtweerstand (wind tegen), zwaartekracht (berg omhoog) en rolweerstand (de banden over het wegdek)


Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welke krachten zorgen ervoor dat je VOORUIT gaat als je fietst?
A
luchtweerstand
B
spierkracht
C
rolweerstand
D
motorkracht

Slide 7 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welke krachten geven WEERSTAND als je fietst?
A
rolweerstand
B
zwaartekracht
C
luchtweerstand
D
spierkracht

Slide 8 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

WRIJVINGSKRACHTEN VERKLEINEN


  • Smalle banden
  • Banden goed hard oppompen
  • Aerodynamische vorm (ovale buizen, helm)

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

motorkracht
zwaartekracht
luchtweerstand

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welke kracht zorgt ervoor dat de parachutist naar beneden gaat?
A
zwaartekracht
B
windkracht
C
luchtweerstand
D
opwaartse kracht

Slide 12 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Waarom gaat bergaf fietsen makkelijker dan bergop?

Slide 13 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Krachten meten
Een kracht meet je in de eenheid ______________

Je meet een kracht met een _______________________

Slide 14 - Tekstslide

Een kracht (symbool F ) meet je in de eenheid Newton

Je meet de kracht met een krachtmeter

Op de krachtmeter zit een schaal (verdeling)
De verdeling van de schaal op de krachtmeters (zie afbeelding hiernaast) 
hebben een verschillend meetbereik


Krachten meten
Een kracht meet je in de eenheid Newton (N)

Je meet een kracht met een Krachtmeter
 
                    x 10         x 1000
               N            Kg              gr
                    : 10           : 1000

                          

Slide 15 - Tekstslide

Een kracht (symbool F ) meet je in de eenheid Newton

Je meet de kracht met een krachtmeter

Op de krachtmeter zit een schaal (verdeling)
De verdeling van de schaal op de krachtmeters (zie afbeelding hiernaast) 
hebben een verschillend meetbereik


Oefenpracticum krachten meten
Voorwerp
kleur
Newtonmeter / krachtmeter
Newton
(zwaartekracht)
Kilogram
(massa)
Gram
(massa)
schaar
0
metalenblokje

               N            Kg           gr


                          
                   Krachten meten

Slide 16 - Tekstslide

voorwerp: schaar
kleur krachtmeter: geel of blauw
Newton (zwaartekracht): 0,2N
Kilogram (massa): 0,02 kg (0,2: 10)
Gram (massa): 0,02 X 1000= 20 gr

N---------> Kg----------->gr
      :10                 x1000

N <--------- Kg <-----------gr
           X10               :1000



SAMENVATTING BASIS
  • Je kunt voorbeelden van krachten noemen
  • Je weet dat wrijvingskrachten een beweging tegenwerken
  • Je weet dat je met een aerodynamische vorm minder luchtweerstand hebt
  • Je weet welke krachten komen kijken bij het fietsen

(Vanaf hier gaat het verder voor kaderniveau)

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies