Schakelingen 9.3 Schakelen met een relais K4

1 / 42
volgende
Slide 1: Tekstslide
NatuurkundeMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 3

In deze les zitten 42 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoofdstuk 1: Nask
Welkom Kader-4





Benodigheden
- laptop
- Binas
- Rekenmachine 


Welkom Kader 4!

Ga zitten en start met:

Maak opdracht 11 en 12 van 9.2

START IN: 




Tassen op de grond
Jas over je stoel
Telefoons in de zakkie
timer
5:00
Schoolspullen op tafel: Boek, Chromebook, JdW-map, etui 

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

We gaan starten! 
                                                               Wachttijd:
stopwatch
00:00

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

SE1-kader4-2526
H1 Elektriciteit
§ 1.1 Elektrische stroom
§ 1.2 Elektriciteit in huis
§ 1.3 Vermogen en energie
§ 1.4 Elektriciteit en veiligheid

H3 Krachten
§ 3.1 Krachten herkennen
§ 3.2 Krachten meten
§ 3.3 Netto-kracht
§ 3.4 Krachten in werktuigen

H5 Licht
§ 5.1 Licht, schaduw en spiegels
§ 5.2 Van infrarood tot ultraviolet
§ 5.3 Beelden maken met een lens
§ 5.4 Oog en bril


H9 Schakelingen
§ 9.1 Weerstanden
§ 9.2 LDR en NTC
§ 9.3 Schakelen met een relais
§ 9.4 Elektronische schakelingen

H10 Werktuigen
§ 10.1 Krachten
§ 10.2 Hefbomen
§ 10.3 Katrollen en takels
§ 10.4 Druk

H12 Elektriciteit
§ 12.1 Stroom en spanning
§ 12.2 Spanning transformeren
§ 12.3 Serie- en parallelschakeling
§ 12.4 Elektriciteit en veiligheid



Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

H9: Schakelingen 
  • § Introductie voorkennis

  •           § 9.1 Weerstanden
  •           § 9.2 LDR en NTC
  •           § 9.3 Schakelen met een relais 
  •           § 9.4 Elektronische schakelingen

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

  1. Huiswerk controle
  2. Terugblik
  3. Leerdoelen
  4. Instructie (uitleg)
  5. Zelfstandig werken
  6. Afsluiting
  7. Huiswerk volgende les

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


  1. Nova digitale boek koppelen
  2. Voorkennis/Terugblik
  3. Leerdoelen
  4. Instructie (uitleg)
  5. Zelfstandig aan de slag
  6. Nabespreking
  7. Afsluiting 
Les programma

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Opgaven bespreken

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Huiswerk voor vandaag:

  1. Lees paragraaf 9.2 LDR en NTC
  2. Maak de opdrachten af van 9.2 1 t/m 10

Dank voor jullie aandacht!


Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welke vraag/vragen 
vonden jullie lastig?

Slide 10 - Woordweb

2. Voorkennis activeren
De docent activeert relevante voorkennis aan de hand van een terugblik-opdracht, waarbij eventueel een beroep op de thuistalen wordt gedaan. Op deze manier biedt de docent een kapstok om nieuwe stof te verbinden aan de eerder geleerde stof en richting te geven aan het verdere verloop van de les. Tegelijkertijd worden hiermee misconcepties van leerlingen zichtbaar gemaakt, waar de docent vervolgens gericht op in kan spelen. 

  1. Je kunt de drie delen beschrijven waaruit een eenvoudige automatische schakeling bestaat. R
  2. Je kunt uitleggen wanneer de weerstand van een LDR toeneemt en wanneer hij afneemt. T2
  3. Je kunt een schakeling tekenen waarin de hoeveelheid licht met een LDR wordt gemeten. T2
  4. Je kunt uitleggen wanneer de weerstand van een NTC toeneemt en wanneer hij afneemt. T2
  5. Je kunt een schakeling tekenen waarin een NTC als temperatuursensor wordt gebruikt. T1
  6. Je kunt de vervangingsweerstand van een serieschakeling berekenen. T1
  7. Je kunt beschrijven hoe je de weerstandswaarde van een schuifweerstand kunt instellen. T2
  • automatische schakeling
  • sensor
  • schakelaar (in een automatische schakeling)
  • actuator
  • LDR & NTC
  • vervangings-weerstand
  • schuif-weerstand
9.2 LDR en NTC
Leerdoelen behaald?

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Door welke schakeling loopt de grootste stroom?
A
de Linker schakeling
B
de Rechter schakeling
C
Beide evenveel

Slide 12 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

De weerstand van een LDR kan in korte tijd sterk veranderen.
Wanneer wordt de weerstand van een LDR kleiner?
A
Meer licht op de LDR
B
Minder licht op de LDR
C
Temperatuur van de LDR daalt
D
Temperatuur van de LDR stijgt

Slide 13 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Hoe noemt men het volgende symbool:

A
Voltmeter
B
LDR
C
Schakelaar
D
Spanningsmeter

Slide 14 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wanneer er meer licht op een LDR valt, wordt de weerstand ...... en de stroomsterkte door de LDR ......
A
Groter, Kleiner
B
Kleiner, Groter
C
Groter, Blijft Gelijk
D
Kleiner, Kleiner

Slide 15 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

De weerstand van een NTC kan in korte tijd sterk veranderen.
Wanneer wordt de weerstand van een NTC groter?
A
Meer licht op de NTC
B
Minder licht op de NTC
C
Temperatuur van de NTC daalt.
D
Temperatuur van de NTC stijgt.

Slide 16 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

  1. Je kunt de onderdelen beschrijven waaruit een elektromagneet is opgebouwd. R
  2. Je kunt uitleggen hoe een elektromagneet een stroomkring kan inschakelen. T2
  3. Je kunt met symbolen tekenen hoe je een relais in een schakeling opneemt. T1
  4. Je kunt toelichten hoe een relais wordt toegepast in een automatische schakeling. T2
  5. Je kunt uitleggen hoe je een reedcontact in een schakeling als sensor gebruikt. T2
  • anker
  • breekcontact
  • elektromagneet
  • maakcontact
  • noordpool
  • reedcontact
  • relais
  • spoel
  • zuidpool

9.3 Schakelen met een relais 

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Een relais is een automatische schakelaar die je in allerlei apparaten kunt tegenkomen: wasmachines, televisies, magnetrons, buitenlampen, enzovoort.

Je kunt een relais herkennen aan het klikkende geluid dat het tijdens het schakelen maakt.
In een relais wordt gebruikgemaakt van een elektromagneet (afbeelding 1): een lange, geïsoleerde koperdraad die rond een ijzeren kern is gewikkeld. 

Zo’n spiraalvormig gewikkelde koperdraad noem je
een spoel. Als je stroom door een spoel laat lopen, wordt hij
magnetisch. Net als bij een staafmagneet heb je een noordpool
aan de ene kant en een zuidpool aan de andere kant.
9.3 Schakelen met een relais
Elektromagneten

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies




In de bovenste afbeelding zie je een relais.
De elektromagneet, met zijn wikkelingen van geïsoleerd
koperdraad, bevindt zich links.

Rechts zijn de contactpunten te zien waartussen het
relais kan schakelen. Aan de onderkant bevinden zich
metalen pinnen waarmee je het relais kunt aansluiten
(onderste afbeelding).

9.3 Schakelen met een relais
Elektromagneten (1)

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies




Er zijn dus twee verschillende stroomkringen:

  1. de stroomkring van de elektromagneet;
  2. de stroomkring van de actuator 
  3. (in afbeelding 3 is dat de lamp).


9.3 Schakelen met een relais
Elektromagneten (2)

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies



In afbeelding hiernaast is schematisch getekend
hoe je een lamp met een relais kunt in- en
uitschakelen. 
Als er geen stroom door de spoel
loopt, is de spoel S niet magnetisch.
Een veer trekt het beweegbare anker A dan
omhoog (zie afbeelding ).
Daardoor wordt het anker tegen
contactpunt 1 aangedrukt.
Er kan dan geen stroom lopen via
contactpunt 2: de lamp is uit.
9.3 Schakelen met een relais
De werking van een relais

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies



De spoel wordt magnetisch als je er stroom doorheen laat 
lopen. Hij trekt dan het ijzeren anker naar zich toe. 
Daardoor wordt het anker tegen contactpunt 2 aangedrukt
(afbeelding hiernaast).

Dit veroorzaakt het typische klikgeluid van een relais. 
De stroomkring via contactpunt 2 is hierdoor gesloten:
de lamp begint te branden.

Anker
Beweegbaar ijzeren onderdeel van een relais.

9.3 Schakelen met een relais
De werking van een relais

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Het relais is een schakelaar die wordt bediend door een elektromagneet.
Een elektromagneet bestaat uit een spoel en een ijzeren kern.

9.3 Schakelen met een relais

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies



Zoals je aan het schakelsymbool hier kunt zien,
heeft een relais vijf aansluitpunten.

De aansluitpunten 1 en 2 zijn voor:
het aansluiten van de spoel.

Hiermee maak je stroomkring 1.
Op de aansluitpunten 3, 4 en 5 die je rechts ziet,
kun je een actuator aansluiten.
Hiermee maak je stroomkring 2.
9.3 Schakelen met een relais
Een startmotorschakeling
Het symbool voor een relais

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies



Zoals je aan het schakelsymbool hier kunt zien,
heeft een relais vijf aansluitpunten.

De aansluitpunten 1 en 2 zijn voor:
het aansluiten van de spoel.
Hiermee maak je stroomkring 1.

Op de aansluitpunten 3, 4 en 5 die je rechts ziet,
kun je een actuator aansluiten.
Hiermee maak je stroomkring 2.
9.3 Schakelen met een relais
Een startmotorschakeling
Het symbool voor een relais

Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies



Van de drie aansluitpunten voor de actuator
gebruik je de onderste aansluiting (5) altijd.

Je houdt dan twee aansluitpunten over:
het maakcontact M (3) en het breekcontact B (4).

Het hangt van het doel van de schakeling af of je
het maakcontact gebruikt of het breekcontact.
Soms worden zelfs beide contacten in één
schakeling gebruikt.

9.3 Schakelen met een relais
Een startmotorschakeling
Het symbool voor een relais

Slide 26 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

9.3 Schakelen met een relais
Startmotor auto met relais
-Sleutel in slot
-Spoel magnetisch
-Anker naar M
-Motor aan.

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

9.3 Schakelen met een relais
Een inbraakalarm
In de afb. zie je een schakeling die wordt gebruikt als inbraakalarm bij een winkelruit van een juwelier.
In deze schakeling wordt het
breekcontact van het relais gebruikt. Zolang de stroomkring door de ruit gesloten blijft, loopt er stroom door de spoel. De elektromagneet trekt in deze situatie het anker naar zich toe. 
Hierdoor kan er geen stroom via het 
breekcontact lopen: de sirene staat uit.

Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

9.3 Schakelen met een relais
Raambeveiliging
Er bestaan ook alarmsystemen waarmee 
je openslaande ramen kunt beveiligen. 
Op de volgende slide zie je het 
schakelschema van zo’n inbraakalarm. 
Het alarm gaat af op het moment dat 
het raam wordt opengemaakt.


In deze alarmschakeling wordt gebruikgemaakt van een reedcontact. Dat is een schakelaar die reageert op een magneet.

In afbeelding hiernaast zie je hoe dat werkt.
Als je een magneet bij het reedcontact houdt,
klikken de twee stalen strips tegen elkaar aan. 

Zo wordt de stroom ingeschakeld. Als je de magneet weghaalt, veren de strips weer bij elkaar vandaan. Dan wordt de stroom uitgeschakeld.

Slide 29 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

9.3 Schakelen met een relais
Voorbeeldschakeling raambeveiliging

Slide 30 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

9.3 Schakelen met een relais
Uitleg Reedcontact

Wordt gebruikt als schakelaar / sensor
schakelaar die werkt op een magneet
Magneet bij reedcontact => gesloten contact => stroom


Toepassingen:
- positie/niveau sensor
- fietscomputer/ km-teller


Slide 31 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

9.3 Schakelen met een relais

Slide 32 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

 reedcontact
9.3 Schakelen met een relais

Slide 33 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

9.3 Schakelen met een relais

Slide 34 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

anker
Beweegbaar ijzeren onderdeel van een relais.

breekcontact
Contactpunt in een relais; als de elektromagneet is uitgeschakeld, kan er stroom via het breekcontact lopen.

elektromagneet
Lange, geïsoleerde koperdraad die rond een ijzeren kern is gewikkeld.

maakcontact
Contactpunt in een relais; als de elektromagneet wordt ingeschakeld, kan er stroom via het maakcontact lopen.

noordpool
Eén van de uiteinden van een staafmagneet of elektromagneet.
.











Begrippen: 
reedcontact
Schakelaar die de stroom inschakelt als je er een magneet bij houdt, en de stroom uitschakelt als je de magneet weghaalt.

relais
Automatische schakelaar die de stroom met behulp van een elektromagneet in- en uitschakelt.

spoel
Geïsoleerde koperdraad die in de vorm van een spiraal is gewikkeld.

zuidpool
Eén van de uiteinden van een staafmagneet of elektromagneet.



Slide 35 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

timer
10:00

Maak:
Opdracht 1 t/m 11 van paragraaf 1.1 

Je mag samenwerken!

rood = Iedereen is stil


oranje = Iedereen is stil, docent beantwoord wel vragen

groen = Je mag zachtjes overleggen met je buurman/buurvrouw

Maak:
van paragraaf 9.3 opdracht 1 t/m 10 

Slide 36 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

  1. Je kunt de onderdelen beschrijven waaruit een elektromagneet is opgebouwd. R
  2. Je kunt uitleggen hoe een elektromagneet een stroomkring kan inschakelen. T2
  3. Je kunt met symbolen tekenen hoe je een relais in een schakeling opneemt. T1
  4. Je kunt toelichten hoe een relais wordt toegepast in een automatische schakeling. T2
  5. Je kunt uitleggen hoe je een reedcontact in een schakeling als sensor gebruikt. T2
  • anker
  • breekcontact
  • elektromagneet
  • maakcontact
  • noordpool
  • reedcontact
  • relais
  • spoel
  • zuidpool

9.3 Schakelen met een relais 
Leerdoelen behaald?

Slide 37 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Vragen?

Slide 38 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Schrijf 3 dingen op die
je deze les hebt geleerd

Slide 39 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies


Stel 1 vraag over iets dat je
deze les nog niet zo goed hebt begrepen

Slide 40 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Volgende les:
Huiswerk:

  1. Lees paragraaf 9.3 Schakelen met een relais  
  2. Maak de opdrachten af van 9.3 1 t/m 10

Dank voor jullie aandacht!


Slide 41 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Nask Toolbox

Slide 42 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies