Thema 6: Farmacologie en dringende medische hulpverlening Hoofdstuk 6: geneesmiddelen bij het gastro-intestinaal stelsel

Thema 6: Farmacologie en dringende medische hulpverlening

Hoofdstuk 6: geneesmiddelen bij het gastro-intestinaal stelsel

Sylvester Vanden Eede

26/06/2026

1 / 13
volgende
Slide 1: Slide
newEditorVerpleegkundeHoger onderwijsStudiejaar 3

In deze les zitten 13 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Thema 6: Farmacologie en dringende medische hulpverlening

Hoofdstuk 6: geneesmiddelen bij het gastro-intestinaal stelsel

Sylvester Vanden Eede

26/06/2026

Deze slide heeft geen instructies

6.1 Inhibitoren van de maagzuursecretie

Voorbeelden:

  • Refluxoesofagitis

  • Maagulcus

  • Maagpijn

Klachten:

  • Brandend maagzuur

  • Oprispingen

Deze slide heeft geen instructies

6.1 Inhibitoren van de maagzuursecretie

Protonpompinhibitoren:

Werking:

  • Verminderen maagzuurproductie

Voorbeelden:

  • Omeprazole

  • Nexiam

  • Pantoprazole

Belangrijk: innemen 30 minuten voor de maaltijd

6.1 Inhibitoren van de maagzuursecretie

Antacida:

Werking:

  • Neutraliseren maagzuur

  • Snel effect

Voorbeelden:

  • Gaviscon

  • Rennie

Innemen na de maaltijd en voor het slapen

Deze slide heeft geen instructies

6.2 Spasmolytica

Werking:

  • Verminderen darmkrampen

Voorbeelden:

  • Spasmomen ==> weinig anticholinergische effecten

  • Buscopan ==> anticholinerg ==> parasympaticolyticum

Bijwerkingen (buscopan):

  • Droge mond

  • Obstipatie

Deze slide heeft geen instructies

Wanneer neem je best een antacida in?

Deze slide heeft geen instructies

6.3 Anti- emetica

Werking:

  • Verminderen misselijkheid en braken

Gastroprokinetica: meest gebruikt

  • Motiulium

  • Primperan

Voorbeelden:

Deze slide heeft geen instructies

6.3 Anti- emetica

Bijwerkingen

  • Extrapiramidale symptomen = bewegingsstoornissen

Deze slide heeft geen instructies

Welke werking heeft het medicijn: Buscopan?

Deze slide heeft geen instructies

6.4 Laxativa

Werking:

  • Zachter maken stoelgang

Soorten:

  • Zwelmiddelen: stimuleren colon door verhoging volume stoelgang. Bv. Colofiber

  • Osmotische laxativa (lactulose, macrogol): bereikt volledig dikke darm, omgezet in zuren door darm die vocht vasthouden

Belangrijk: voldoende drinken!

Deze slide heeft geen instructies

6.4 Laxativa

Deze slide heeft geen instructies

6.5 Middelen tegen diarree

Soorten:

  • Probiotica: levende micro-organismen ==> verbeteren darmflora

  • Transitinhibitoren: verhogen tonus dunne darm en colon en verminderen peristaltiek

Deze slide heeft geen instructies

Waarom moet je veel drinken bij het innemen van laxativa?

Om verstopping te voorkomen

Om werking te verbeteren