2.1

1 / 28
volgende
Slide 1: Tekstslide
AardrijkskundeMiddelbare schoolvwoLeerjaar 2

In deze les zitten 28 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Tekstslide

§2.1 Alpen
Opdr. 

Slide 3 - Tekstslide

Wat zijn endogene en exogene krachten?

Slide 4 - Woordweb

B97 Endogene en exogene krachten
De aarde is een bol van gloeiend heet gesteente met
daaromheen een dunne aardkorst.
De aardkorst verandert voortdurend van vorm door 
natuurkrachten van twee kanten:
  1. Van binnenuit door endogene krachten:
    Aarde bestaat uitaardkernaardmantel en
      aardkorst. Hoe dieper, hoe warmer
     -> door hitte ontstaan convectiestromen die 
    breuken veroorzaken in de aardkorst
  2. Van buitenaf door exogene krachten: verwering
    en erosie (temperatuur, wind, water, etc.)


Slide 5 - Tekstslide

Het ontstaan van de Alpen
De Alpen zijn het hoogste gebergte van Europa.
Vroeger: tropische zee -> daarom: dikke lagen sedimentgesteenten (zand, planten- en dierenresten, stenen)

Door endogene krachten zijn breuken in de aardkorst ontstaan



Slide 6 - Tekstslide

Het ontstaan van de Alpen
A 80 miljoen jaar geleden: de plaat waarop Afrika
ligt beweegt naar het noorden.
B De zeebodem tussen Europa en Afrika boog,
plooide en brak.
C 30 miljoen jaar geleden: de Alpen worden
tegen Europa aan geduwd.
D Deel Europa gerimpeld als een tafellaken:
opheffing. Ontstaan plooiingsgebergte

Slide 7 - Tekstslide

Het ontstaan van de Alpen
De aardkorst bestaat uit bewegende schollen / platen. 

3 soorten bewegingen: 
1. uit elkaar
2. naar elkaar 
3. langs elkaar

-> naar elkaar: er ontstaan gebergten

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Video

Verwering
Verschillen in jong en oude gebergten door: exogene krachten.
  • Slijten de harde gesteenten van de bergen langzaam af.
  • Rotsblokken verbrokkelen tot grind
  • Grind vergruist tot zand en klei

Verwering = uiteenvallen van gesteente onder invloed van
weer en plantengroei.
2 soorten:
1. Mechanische verwering
2. Chemische verwering

Slide 10 - Tekstslide

Mechanische verwering
Mechanische verwering (fysische verwering) = het gesteente valt uiteen zonder van samenstelling te veranderen.
  • Vorstverwering / vorstwerking:
1 water dat in spleten van gesteente is gezakt, bevriest.
2 door de bevriezing zet het water een beetje uit.
3 de spleten worden steeds breder.
4 er brokkelen stukjes steen af (= verwering)
  • Verwering door grote verschillen in dag- en nachttemperaturen -> in woestijnen en hooggebergten.
  • Verwering door uiteendrukken van gesteenten door plantenwortels

Slide 11 - Tekstslide

Chemische verwering
 Chemische verwering = als de chemische samenstelling wél verandert. De mineralen reageren met zuurstof of water.
  1. Voorbeeld van chemische verwering: kalkgesteente - gesteente lost op in zuur grond- of regenwater.
    Karst = landschapsvormen die hierdoor ontstaan.
  2. Ander voorbeeld: Een mineraal (ijzer) gaat roesten. Het gesteente wordt minder hard wordt en kan verkruimelen.

Slide 12 - Tekstslide

Opdrachten
Huiswerk woensdag: paragraaf 2.1 opdrachten 1 t/m 5
Leren LessonUp dia 4 t/m 13

Slide 13 - Tekstslide

De Alpen zijn ontstaan door
A
Exogene krachten
B
Endogene krachten

Slide 14 - Quizvraag

Hooggebergte
Middelgebergte
Heuvelland
Laagland
Tussen 500-1500 m
Hoger dan 1500m
Tussen de 200-500 m
Onder de 200 m

Slide 15 - Sleepvraag

Welke twee soorten verwering bestaan er?

Slide 16 - Open vraag

Vorstverwering is een voorbeeld van
A
Mechanische verwering
B
Chemische verwering

Slide 17 - Quizvraag

Karst ontstaat door het oplossen van ..... in .....

Slide 18 - Open vraag

B110 Reliëf
Hoogteverschillen in het landschap = reliëf 

Er zijn vier verschillende reliëfvormen: 
  1. Hooggebergte: de meeste toppen zijn hoger
    dan 1.500 m.
  2. Middelgebergte: de meeste toppen zijn tussen 
    de 500 en 1.500 m hoog.
  3. Heuvelland: de meeste toppen zijn tussen  de 200 en 500 m.
  4. Laagland: het is vrijwel overal lager dan 200 meter.




Slide 19 - Tekstslide

Het ontstaan van de Alpen
A 80 miljoen jaar geleden: de plaat waarop Afrika
ligt beweegt naar het noorden.
B De zeebodem tussen Europa en Afrika boog,
plooide en brak.
C 30 miljoen jaar geleden: de Alpen worden
tegen Europa aan geduwd.
D Deel Europa gerimpeld als een tafellaken:
opheffing. Ontstaan plooiingsgebergte

Slide 20 - Tekstslide

Soorten gebergten
De Alpen zijn een jong gebergte.


Jonge gebergten
Oude gebergten
Hoog
Lager
Steile hellingen
Flauwe hellingen
Spitse bergtoppen
Afgeronde toppen
Diepe dalen
Minder diepe / bredere dalen

Slide 21 - Tekstslide

Verwering
Verweringsmateriaal = het ontstane puin na verwering. Het verweringsmateriaal blijkt ter plekke liggen bij verwering.

Onder invloed van de zwaartekracht kan dit verweringsmateriaal naar beneden rollen of schuiven = massabeweging


 

Slide 22 - Tekstslide

Slide 23 - Video

Erosie
Verweringsmateriaal kan zich later verplaatsen door:
  • eerst de zwaartekracht
  • daarna water, wind en ijs (gletsjers, landijs, sneeuw)


Tijdens dit transport vindt erosie plaats. Erosie = afschuren en uitschuren van gesteente door  met verweringsmateriaal beladen water, ijs of wind.  
Hoe ouder een gebergte, hoe meer verwering en erosie. -> gevolgen: vlakker, lager, minder steil, bredere dalen.
Tot slot: sedimentatie: het meegevoerde materiaal wordt ergens neergelegd.
Het landschap wordt weer opgebouwd.

Slide 24 - Tekstslide

Slide 25 - Tekstslide

Het ontstaan van de Alpen
Kalksteen -> hoge druk en temperatuur -> miljoenen jaren -> marmer

Voorbeeld van een metamorf gesteente: gesteente dat een gedaanteverwisseling ondergaat.  

Slide 26 - Tekstslide

Opdrachten maken
Huiswerk maandag: opdrachten 6 t/m 9 + herhaling
Leren 2.1 
Klaar? Kruiswoordpuzzel
Op papier of online via link LessonUp (dia 28)

Slide 27 - Tekstslide

Slide 28 - Link