les 4: humor

SOORTEN HUMOR
p. 58-63
1 / 10
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsSecundair onderwijs

In deze les zitten 10 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

SOORTEN HUMOR
p. 58-63

Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Link

Wat vind jij nu echt grappig?

Slide 3 - Open vraag

HUMOR?
= erg persoonlijk
= verbonden aan de mate waarin je een taal beheerst
= verbonden aan je cultuur

Slide 4 - Tekstslide

Slide 5 - Video

non-verbale humor =
A
taalhumor
B
absurde humor
C
zwarte humor
D
situatiehumor

Slide 6 - Quizvraag

Het tegenovergestelde zeggen van wat je bedoelt =
A
sarcasme
B
zwarte humor
C
ironie
D
taalhumor

Slide 7 - Quizvraag

een afwijzende, negatieve houding benadrukken, een negatief beeld hebben van de dingen =
A
sarcasme
B
cynisme

Slide 8 - Quizvraag

CURSUS P. 58-59
oef. 3: Maak een schema van de theorie

Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Link