• Wat? Werkbladen invullen:
grappige dieren of het voetbalveld.
opdracht 40 en 41 (p.241 in je boek.
• Hoe? In tweetallen: zacht praten met elkaar.
Zelfstandig (alleen): in stilte.
• Hulp? Overleg eerst met je buur.
Steek je hand op, ik kom naar je toe.
• Klaar? Werk in je boek (bij thema 1, 2 of 5, 6). Ben je bij thema 3? Maak de online opdrachten van thema 2..