Les 7. Terugblik op de lessen bewerkte versie jinn

Les 7. Terugblik op de lessen


1 / 34
volgende
Slide 1: Slide
newEditorDierverzorgingMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 1

In deze les zitten 34 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Les 7. Terugblik op de lessen


Wat weet jij nu allemaal al over dierenvoeding?

Gespecialiseerd voer

Gespecialiseerd voer = voer dat speciaal voor een bepaald dier gemaakt wordt. In dat speciale voer zit dan ook alles wat het dier nodig heeft. 

Snoepjes en koekjes 

  • Snoepjes en koekjes tellen ook mee als voer!

  • Te veel snoepjes naast het normale voer, 

maakt je hond of kat te dik. 

  • 50% van de honden en 30% van de katten is te dik in Nederland.

  • Het is dus goed dat je leert om een dier de 

juiste hoeveelheid voer te geven. 

Waarom is het zo belangrijk dat een dier naast zijn voeding veel vocht binnen krijgt?






Pup

Oude hond

Te dikke hond

Volwassen hond

Sportieve hond

Van welk eten zou jij willen weten hoe het wordt gemaakt?





Knaagdierenmix

Hondenbrokken

Insecten voor reptielen

Geitenbrokken




Als de ribben niet zichtbaar zijn, maar wel eenvoudig te voelen, wat is het dier dan?

A

Te mager

B

Normaal

C

Te dik

D


Als de ribben niet zichtbaar en te voelen zijn door een dikke vetlaag, wat is het dier dan?

A

Te mager

B

Normaal

C

Te dik

D


Als de ribben duidelijk zichtbaar zijn en eenvoudig te voelen door een dunne vetlaag, wat is het dier dan?

A

Te mager

B

Normaal

C

Te dik

D


Ruwvoer 

  • Ruwvoer is voer dat weinig tot niet is bewerkt. Voorbeelden zijn: gras, hooi, stro en luzerne. 

  • Deze voerders worden van het land gehaald. Ze worden versnipperd of gedroogd en daarna opgeslagen. 

  • Ruwvoer bestaat uit maar 1 grondstof -> enkelvoudig voedermiddel

Krachtvoer

  • Veel voedermiddelen gaan naar de fabriek om brokken te maken.

  • Daar worden verschillende voedingsstoffen gemengd en tot brokken geperst.

  • Deze brokken bevatten veel energie en eiwitten en worden krachtvoer genoemd.

  • Krachtvoer bestaat uit verschillende grondstoffen en heet daarom een samengesteld voedermiddel.

Enkelvoudig ruwvoer

Enkelvoudig krachtvoer

Meervoudig ruwvoer

Meervoudig krachtvoer

Voer afwegen

Wat heb je nodig?
Weegschaal, bakje en voer. 

1. Zet de weegschaal aan.
2. Zet het bakje op de weegschaal en druk op 0 of tarra. 

3. Controleer of het gewicht op 0 staat. 

4. Vul het bakje met het juiste hoeveelheid voer.


Voer berekenen en etiketten

  • Om precies te weten hoeveel je moet voeren, moet je kijken op de zak waar het voer in zit. 

  • Op de zak zit een etiket, daarop staat alle informatie die je nodig hebt. 

  • Op het etiket staan ingrediënten. Hiervan is het voer gemaakt. 

  • Naast de ingrediënten staat ook het voeradvies op het etiket.

  • Daarop kan je aflezen hoeveel jouw dier te eten moet krijgen. 

Wat kan jij al vertellen over de verschillende voereters?

Planteneter

Alleseter


Vleeseter


Herbivoor

Carnivoor

Omnivoor

Herbivoor

  • Een herbivoor is een planteneter

  • Herbivoren zijn meestal prooidieren en hebben hun 
    ogen aan de zijkant zitten. 

  • Planten hebben weinig voedingstoffen --> duurt lang om te verteren. 

  • Ze moeten dus veel en lang eten. 

Herbivoor

  • Herbivoren hebben snijtanden en plooikiezen. Snijtanden om de planten af te kunnen snijden en plooikiezen om de planten klein te raspen.  

  • Daarna gaat de voedselbrij naar de 
    maag en zorgt een hele lange darm 
    dat er zoveel mogelijk voedingsstoffen 
    uitgehaald worden. 

  • Ogen aan de zijkan

Welke diersoort is nog meer een herbivoor?

Omnivoor

  • Snijtanden zijn aanwezig, met kleine of grote hoektanden.

  • De kiezen hebben knobbels en worden knobbelkiezen genoemd.

  • Grote hoektanden dienen vaak ter verdediging.

  • De knobbels op de kiezen zijn bedoeld om planten en vlees te vermalen.

Omnivoor

  • Omnivoor is een dier dat planten en vlees eet.

  • Voordeel is dat het dier veel soorten dingen kan vinden om te eten. 

  • Ogen niet helemaal naar voor en niet 
    helemaal naar zijkant. Meer vlees eten 
    --> ogen meer naar voren gericht. 

  • Langere darm dan vleeseter, kortere 
    darm dan planteneter. 

Welke diersoort is nog meer een carnivoor?

Carnivoor

  • Carnivoren hebben duidelijke hele grote hoektanden. 
    Hiermee kunnen ze hun prooi goed vastpakken.

  • Ze hebben speciale knipkiezen om het vlees en 
    botten af te scheuren en te knippen. 

  • Ogen naar voren gericht

Carnivoor

  • Een carnivoor is een vleeseter.

  • Het lichaam is aangepast aan het vangen en doden van prooien.
    Carnivoren eten vlees, organen en soms botten om voedingsstoffen binnen te krijgen.

  • Omdat vlees makkelijk te verteren is,
    hebben ze een korte darm.

Welke diersoort is nog meer een omnivoor?




Aan de slag!

- Lees je boekje nog een keertje door.

- Maak de opdrachten waar je nog niet aan toe bent gekomen.