Les 1 Media gebruiken

Thema 7 Media
1 / 29
volgende
Slide 1: Tekstslide
BurgerschapMBOStudiejaar 2

In deze les zitten 29 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Thema 7 Media

Slide 1 - Tekstslide

Startopdracht
Dit thema gaat over media. Je gebruikt allerlei verschillende soorten media. Bijvoorbeeld als je naar een serie op tv kijkt of als je een foto op Instagram plaatst. 

Slide 2 - Tekstslide

Welke dingen hebben met media te maken?
Waarvoor kun je de media op de afbeelding gebruiken?

Slide 3 - Tekstslide

In deze les leer je:
- wat met media wordt bedoeld.
- wat sociale media zijn en waarvoor je ze kunt gebruiken.
- de media invloed hebben op hoe je denkt.

Slide 4 - Tekstslide

Theorie Media
Bladzijde 198

Slide 5 - Tekstslide

Slide 6 - Tekstslide

Welke media gebruik jij?

Slide 7 - Woordweb

Theorie Sociale media
Bladzijde 201

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Tekstslide

Oefenen
Opdracht 2 a + b + c
Bladzijde 202

Slide 10 - Tekstslide

Gesprek in de klas

1. Steek je vinger op als je iets wilt zeggen
2. Laat elkaar uitpraten
3. Luister naar elkaar
4. Blijf vriendelijk

Slide 11 - Tekstslide

Stelling 1
Ik leer meer van wat ik op internet zie dan van de lessen op school. 

Slide 12 - Tekstslide

Stelling 2
Mijn familie mag niet zien wat ik op sociale media plaats.

Slide 13 - Tekstslide

Stelling 3
Ik vind praten op sociale media leuker dan praten in het "echte leven".

Slide 14 - Tekstslide

Theorie invloed van media
Blz. 204 + 208

Slide 15 - Tekstslide

Slide 16 - Video

Ben jij verslaafd aan sociale media?
Ja
Nee
Een beetje

Slide 17 - Poll

Aan het werk of klassikaal meedoen
Blz. 208 t/m 210 opdracht 3 maken

of

Kijken filmpje.

Slide 18 - Tekstslide

KIJKVRAAG:
Wat vinden de mensen in het filmpje moeilijk aan social media?

Slide 19 - Tekstslide

Slide 20 - Video

Wat vinden de mensen in het filmpje moeilijk aan sociale media?

Slide 21 - Open vraag

Wat wordt er bedoeld met sociale media?
A
Advertenties die je op internet ziet.
B
Apps die bedoeld zijn om nieuws te verspreiden.
C
Middelen waarmee je online met mensen in contact bent.

Slide 22 - Quizvraag

Wat zijn voorbeelden van sociale media?
Er zijn twee goede antwoorden.
A
Instagram
B
Radio 538
C
RTL4
D
TikTok

Slide 23 - Quizvraag

Slide 24 - Tekstslide

Waarvoor gebruikt het meisje media?

A
om iets nieuws te leren
B
om informatie te versturen
C
om zich te vermaken

Slide 25 - Quizvraag

Slide 26 - Tekstslide

Welke zin past bij dit bericht?
A
Je kunt verschillende soorten sociale media gebruiken.
B
Je kunt via sociale media informatie opzoeken.
C
Je kunt via sociale media snel veel mensen bereiken.

Slide 27 - Quizvraag

Wat wordt er bedoeld met media?
A
Een onderwerp dat in korte tijd veel aandacht krijgt.
B
Middelen om informatie te versturen en ontvangen.
C
Regels over hoe je met elkaar moet omgaan.

Slide 28 - Quizvraag

Wat heb je in deze les geleerd?

Slide 29 - Tekstslide