taaldomeinen en taalmethodes

Taaldomeinen en taalmethodes

Taalontwikkeling
Taalstimulering
Taaldomeinen
Taalmethodes + SLO doelen

1 / 16
volgende
Slide 1: Tekstslide
Pedagogisch werkMBOStudiejaar 1

In deze les zitten 16 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Taaldomeinen en taalmethodes

Taalontwikkeling
Taalstimulering
Taaldomeinen
Taalmethodes + SLO doelen

Slide 1 - Tekstslide

Aan het eind van de les
- Benoem je twee manieren hoe je de taalontwikkeling kunt stimuleren in de verschillende ontwikkelingsfases.
- Leg je uit wat de deelvakken zijn en geeft een omschrijving hiervan.
- Benoem je de vier taaldomeinen.


Slide 2 - Tekstslide

Taalontwikkeling:
Het proces dat kinderen doorlopen bij het leren van een taal.

In deze ontwikkeling spelen kindfactoren een rol, maar ook het taalaanbod (van volwassenen) is erg belangrijk.
Als onderwijsassistent zorg jij voor een rijke taalomgeving om zo de taalontwikkeling te stimuleren. 

Slide 3 - Tekstslide

Functies van taal:
-stimuleren cognitieve ontwikkeling
- stimuleren creatieve ontwikkeling
- stimuleren sociaal-emotionele ontwikkeling
- ordenen van indrukken en bieden van structuur
- contact maken met anderen
- uitwisselen van informatie
(basisboek hfst. 3)

Slide 4 - Tekstslide

Taalontwikkeling per leeftijd (basisboek hfst. 3)
Voortalige fase 0-1 jaar
3 maanden :brabbelen
6 maanden: echolalie/sociaal brabbelen
9 maanden: actief nadoen van klanken en woorden
1 jaar: éénwoordzin



Slide 5 - Tekstslide

Taalontwikkeling per leeftijd
Vroegtalige fase 1-2 jaar
- Woorden krijgen betekenis (semantisch aspect)
- Begrijpt zo'n 200 woorden
- Woorden hebben betrekking op personen, voorwerpen, dieren, handelingen
- Tweewoordenzinnen

Slide 6 - Tekstslide

Taalontwikkeling per leeftijd
Differentiatiefase 2-5 jaar
- Leert dat zinnen uit meerdere woorden bestaan (syntactisch aspect)
- Driewoordenzinnen met voorzetsels
- Kan simpele emoties benoemen

Slide 7 - Tekstslide

Taalontwikkeling per leeftijd
Fase van voltooiing : vanaf 5 jaar
- Ontdekt geschreven taal
- Gaat letters tekenen
- Leren lezen
- Automatiseren van letters
- Moeite met lezen als gesproken taal nog niet op niveau is

Slide 8 - Tekstslide

Taalstimulering
Beantwoord de volgende vragen:
1. Wat is taalstimulering?
2. Geef bij elke bouw twee voorbeelden:
- onderbouw
- middenbouw
- bovenbouw



Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Link

BPV-doel beroepstaak 2E (OA en KP)

Je werkt uit hoe op jouw school deze taaldomeinen aangeboden worden (welke methodes) en hoe daarbij de SLO doelen terugkomen.




Slide 11 - Tekstslide

Domeinen van taal
In het Referentiekader Taal staat voor vier domeinen beschreven wat de leerlingen eind groep acht moeten beheersen:
Mondelinge taalvaardigheid: gesprekken, luisteren en spreken;
Lezen: zakelijke teksten en fictie teksten;
Schrijven;
Begrippenlijst en taalverzorging.

Slide 12 - Tekstslide

Taalmethodes
Bekijk de verschillende taalmethodes:
- Taalactief groep 5
- Lekker Lezen
- GRIP op lezen
- S TAAL
- Veilig Leren Lezen
Schrijf bij elke methode op hoe de vier domeinen terugkomen in de lessen en bij welk(e) SLO-doelen (kerndoel) dit aansluit.

Slide 13 - Tekstslide

Slide 14 - Link

Taalstimulering: Wat kun je doen als onderwijsassistent?
- Stel open vragen aan kinderen. Bijvoorbeeld bij het meespelen in de hoeken in groep 1/2 of bij het buitenspelen.
- Stimuleer de interactie onderling. Laat leerlingen samenwerken en/of samen spelen 
- Wees bewust van je eigen taal. Gebruik zelf afwisselende woorden voor de woordenschat en geef het goede voorbeeld qua zinsbouw. 
- Lees voor en stimuleer het leesplezier.Lees interactief voor en stimuleer leerlingen om zelf te lezen. 
-Investeer in de woordenschatontwikkeling. Leg moeilijke woorden uit of vraag naar synoniemen. Herhaal dit regelmatig, zodat ze het kunnen onthouden

Slide 15 - Tekstslide

Aan het eind van de les
- Benoem je twee manieren hoe je de taalontwikkeling kunt stimuleren in de verschillende ontwikkelingsfases.
- Leg je uit wat de deelvakken zijn en geeft een omschrijving hiervan.
- Benoem je de vier taaldomeinen.


Slide 16 - Tekstslide