SCHOOL OF ROCK · MIXTAPE 5 · DEEL 1/3
Jazz Festival
Van bebop tot triphop: hoe jazz na 1945 van dansmuziek kunstmuziek werd, en daarna overal in de pop opdook.
A
SCHOOL OF ROCK · MIXTAPE 5 · DEEL 1/3
Jazz Festival
Van bebop tot triphop: hoe jazz na 1945 van dansmuziek kunstmuziek werd, en daarna overal in de pop opdook.
A
Deze slide heeft geen instructies
LINER NOTES · LEERDOEL
Na deze les kun je…
de belangrijkste jazzstromingen na 1945 herkennen aan tempo, harmonie, ritme en bezetting, en uitleggen hoe elke stroming reageert op de vorige.
CENTRALE VRAAG
Waarom werd jazz na de oorlog “moeilijk”, en hoe kwam hij toch weer bij een groot publiek terecht?
De les is opgebouwd als een reeks reacties: bebop tegen swing, cool tegen bebop, hard bop tegen cool, free tegen alles, fusion en smooth als weg terug naar het publiek.
Waar denk je aan bij “jazz”? Noem één woord.
Verwacht: improvisatie, saxofoon, swing, moeilijk, lounge, New Orleans. Voor conservatoriumstudenten: vraag wie zelf jazz speelt en welke standards ze kennen.
SIDE A · TRACK 01 · VANAF 1940 · NEW YORK
Bebop
Ontstaat in jamsessies in Harlem (Minton’s Playhouse): muziek voor muzikanten, niet om op te dansen
Hoge tempi (vaak 250+ bpm) en snelle akkoordwisselingen
Uitgebreide harmonie: 9, ♯11, 13, ♭9; tritonus-substitutie
Contrafacten: nieuwe melodieën op de akkoorden van bestaande standards
Vorm: head – solo’s – head; kleine combo met de ride-cymbal als tijdlijn
Wordt zo underground: te complex voor het grote publiek
Charlie Parker
Anthropology
Een contrafact op de akkoorden van I Got Rhythm (rhythm changes).
Dizzy Gillespie
Hot House (met Parker)
Tadd Dameron schreef deze melodie op What Is This Thing Called Love.
Correctie: in de oude les stond "geen teksten maar scats". Bebop is vooral instrumentaal; scatzang (Ella Fitzgerald, Gillespie zelf) is een vocale tak ervan.
SIDE A · TRACK 02 · VANAF 1947
Latin jazz
Jazz met Afro-Cubaanse ritmes en percussie
1947: Dizzy Gillespie haalt de Cubaanse conguero Chano Pozo in zijn bigband
Ritmisch fundament: de clave, montuno-patronen, de habanera
Afro-Cubaanse jazz (mambo, cha-cha-chá, son) en later Braziliaanse jazz (samba, bossa nova, vanaf 1958)
Cubana Be, Cubana Bop (George Russell) is een van de eerste modale jazzstukken
Chano Pozo
Kort fragment (6 s)
De conga als solo-instrument in een jazzorkest: in 1947 nieuw.
Dizzy Gillespie
Manteca (1947)
Pozo’s conga-ostinato en een bebop-brug in swing: twee ritmische werelden in één stuk.
Dizzy Gillespie Orchestra – Cubana Be, Cubana Bop (1947)
Het fragment van 6 seconden bij Chano Pozo had in de oude les geen titel; controleer vóór de les wat het is. Correctie: salsa en merengue zijn latere (en deels niet-jazz) genres; bossa nova is Braziliaans, niet Afro-Cubaans.
Wat is een contrafact?
Een solo die de melodie letterlijk herhaalt
Een tegenmelodie van de trombone
Een nieuwe melodie op de akkoorden van een bestaande song
Een ritmepatroon uit de Cubaanse muziek
Anthropology op I Got Rhythm, Hot House op What Is This Thing Called Love. Handig om studenten zelf te laten zoeken: welke standard zit onder Donna Lee? (Indiana.) D is de clave.
SCHOOL OF ROCK · MIXTAPE 5 · DEEL 2/3
Cool, hard en free
Na bebop gaat jazz drie kanten op: kalmer, rauwer of helemaal vrij (1949-1965).
B
Deze slide heeft geen instructies
SIDE B · TRACK 01 · VANAF 1949
Cool jazz en modale jazz
Reactie op bebop: rustiger tempo, zachtere toon, meer arrangement
Birth of the Cool (1949-50): Miles Davis en arrangeur Gil Evans met hoorn en tuba erbij
Invloeden uit de klassieke muziek: contrapunt, klankkleur
Modale jazz (Kind of Blue, 1959): improviseren op toonladders in plaats van snelle akkoordwisselingen
Vandaag: “coffee table jazz” in Spotify-playlists
Miles Davis
Blue in Green (1959)
Een tienmaats-cyclus zonder duidelijke tonica. Bill Evans’ voicings zijn net zo belangrijk als Miles’ trompet.
Gil Evans
Willow Tree
Evans’ arrangementen: hoorns en houtblazers als één zachte wolk klank.
Deze slide heeft geen instructies
SIDE B · TRACK 02 · VANAF 1952 · CALIFORNIË
West Coast jazz
De Californische variant van cool jazz
Soms een ritmesectie zonder piano of gitaar: meer ruimte voor contrapunt tussen de blazers
Niet-jazzinstrumenten zoals hoorn en tuba
Experimenten met maatsoorten: Take Five in 5/4
Dave Brubeck
Take Five (1959)
Geschreven door saxofonist Paul Desmond. De pianovamp (E♭m–B♭m) telt 3+2.
Gerry Mulligan
My Funny Valentine (met Chet Baker)
Het pianoloze kwartet: bariton en trompet weven twee lijnen door elkaar.
Deze slide heeft geen instructies
SIDE B · TRACK 03 · VANAF 1954 · NEW YORK
Hard bop
Reactie op cool en West Coast: terug naar de Afro-Amerikaanse wortels
Bebop gemengd met rhythm-and-blues, gospel en blues
Ritmischer en “funkier” dan bebop
Het label Blue Note (New York), opgenomen door technicus Rudy Van Gelder
Art Blakey’s Jazz Messengers als opleiding voor een hele generatie
John Coltrane
Blue Train (1957)
Een mineurblues als thema; kijk naar de lengte van de solo’s.
Freddie Hubbard
Arietis (1962)
Blue Note-sound van de jaren 60: strak arrangement, felle trompet.
Correctie: Blue Note zat niet in Los Angeles maar in New York; de opnames werden gemaakt in de studio van Rudy Van Gelder in New Jersey.
SIDE B · TRACK 04 · VANAF 1959
Free jazz
De minst toegankelijke vorm van jazz
Nauwelijks of geen vooraf vastgelegde melodieën of akkoordenschema’s
Collectieve improvisatie, sterke dissonanten, vrij tempo
Bewust afwijken van conventies, ook als politiek statement (burgerrechtenbeweging)
Ornette Coleman, Free Jazz (1960); later Albert Ayler, Cecil Taylor
Ornette Coleman
Lonely Woman (1959)
Een snel drumpatroon onder een trage, klagende melodie: twee tempi tegelijk. Geen piano.
Frank Wright
The Earth
Luister naar de klank van de saxofoon: schreeuw, boventonen, geen melodie in klassieke zin.
Deze slide heeft geen instructies
Welke stroming reageerde op cool jazz door juist terug te gaan naar blues en gospel?
Hard bop
West Coast jazz
Free jazz
Bebop
Hard bop. Wie bebop kiest haalt de volgorde door elkaar: bebop komt vóór cool.
Zet deze jazzstromingen in de volgorde waarin ze ontstonden.
Swing (jaren 30) – bebop (jaren 40) – cool (1949) – hard bop (midden jaren 50) – free (1959/60) – fusion (1969/70).
SCHOOL OF ROCK · MIXTAPE 5 · DEEL 3/3
Jazz gaat elektrisch
Fusion, smooth jazz, nu jazz en triphop: jazz vindt de weg terug naar het publiek (1970-nu).
C
Deze slide heeft geen instructies
SIDE C · TRACK 01 · VANAF 1969
Fusion en jazzrock
Samensmelting (fusion) van jazz en rock, instrumentaal of met zang
Minder swing, meer rechte achtsten en funkgrooves; drums meer rock dan jazz
Elektrische instrumenten: Fender Rhodes, synthesizers, fretloze bas, effecten
Harmonisch rijker dan rock
Sleutelalbum: Bitches Brew van Miles Davis (1970)
Weather Report
Birdland (1977)
Joe Zawinuls synthesizers en Jaco Pastorius’ flageoletten op de fretloze bas in het intro.
Steely Dan
Aja (1977)
Steve Gadds drumsolo en Wayne Shorters saxofoon op een popplaat.
Deze slide heeft geen instructies
SIDE C · TRACK 02 · VANAF 1975
Smooth jazz
Populaire vorm van jazz, vooral in de jaren 80
Veel elementen uit soul en funk
Commercieel, radiovriendelijk, easy listening
Synthesizers en elektronica
Jazzcritici hebben er moeite mee: is het nog jazz?
Grover Washington Jr.
Just the Two of Us (met Bill Withers, 1980)
De akkoordreeks (IVmaj7–III7–vi7–v7–I7) heet onder muzikanten inmiddels “de Just the Two of Us-progressie”.
Al Jarreau
Roof Garden (1981)
Jarreau gebruikt zijn stem als instrument: scat en percussieve klanken.
Deze slide heeft geen instructies
SIDE C · TRACK 03 · VANAF 1990
Nu jazz
Vooral een elektronische vorm van jazz
Combinaties met house, downtempo en breakbeat
Samples van oude jazzplaten naast live-instrumenten
Weinig tot geen zang (soms gastzangers)
Veel ruimte voor experiment
The Cinematic Orchestra
Man with the Movie Camera (2002)
Een contrabas-ostinato, breakbeats en strijkers: jazzimprovisatie op een dj-fundament. Van het Ninja Tune-album Every Day.
St. Germain
So Flute (2000)
Een deep-housebeat rond 120 bpm onder een live fluit en Rhodes.
Correctie: in de oude les stond "traag tempo (<100 BPM)". Dat geldt voor downtempo, niet voor de housekant van nu jazz (St. Germain zit rond 120 bpm).
SIDE C · TRACK 04 · VANAF 1991 · BRISTOL
Triphop
Verwant aan nu jazz: downtempo
Elementen uit dance, hiphop, jazz, soul, reggae en rock
Samples uit films en van oude platen
Ontstaan in de producersscène van Bristol (Massive Attack, Portishead, Tricky)
Populair in de jaren 90 en 00; ook: lounge of chill-out
Massive Attack
Unfinished Sympathy (1991)
Een strijkorkest over een hiphopbeat, met de stem van Shara Nelson.
London Grammar
Strong (2013)
Een latere generatie: de sfeer van triphop in een popband.
Deze slide heeft geen instructies
Welk kenmerk hoort bij fusion, maar niet bij bebop?
Improvisatie over akkoorden
Kleine bezetting
Hoge tempi
Rechte achtsten en elektrische instrumenten
D. A en B horen bij beide; C is juist typisch bebop.
Welke jazzstroming uit deze mixtape zou jij het liefst spelen, en waarom?
Reflectie, geen goed antwoord. Vraag door op een concreet muzikaal argument: vrijheid (free), harmonie (bebop), groove (fusion, hard bop).
LINER NOTES · BEGRIPPEN
Begrippen
Bebop: snelle, harmonisch complexe jazz uit de jaren 40
Contrafact: nieuwe melodie op de akkoorden van een bestaande song
Rhythm changes: de akkoorden van I Got Rhythm, basis van talloze contrafacten
Tritonus-substitutie: een dominant vervangen door de dominant een tritonus verder
Head: het thema aan begin en eind van een jazzuitvoering
Modale jazz: improviseren op toonladders (modi) in plaats van snelle akkoordwisselingen
Clave: het ritmische sleutelpatroon van de Afro-Cubaanse muziek
Fusion: samensmelting van jazz met rock en funk
Downtempo: trage, sfeervolle elektronische muziek
Deze slide heeft geen instructies