present simple vs present continuous

PRESENT SIMPLE VS 
PRESENT CONTINUOUS


present simple vs present continuous 
plus extra uitleg van www.engelsgemist.nl sowieso een goede site als je wat extra oefeningen en/of uitleg nodig hebt

1 / 33
volgende
Slide 1: Tekstslide
EngelsMiddelbare schoolhavoLeerjaar 2,4

In deze les zitten 33 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

PRESENT SIMPLE VS 
PRESENT CONTINUOUS


present simple vs present continuous 
plus extra uitleg van www.engelsgemist.nl sowieso een goede site als je wat extra oefeningen en/of uitleg nodig hebt

Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Tekstslide

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Tekstslide

Present simple:

Wat is de regel van de present simple?
A
ww + ed
B
shit = bij she/he/it : ww + (e)s alle andere personen: hele ww
C
vorm van to be + ww+ing
D
ww + ing

Slide 5 - Quizvraag

PRESENT CONTINUOUS

Slide 6 - Tekstslide

PRESENT CONTINUOUS

Slide 7 - Tekstslide

PRESENT CONTINUOUS

Slide 8 - Tekstslide

PRESENT CONTINUOUS

Slide 9 - Tekstslide



Wanneer gebruik je de present continuous?
A
Wanneer iets altijd, nooit of regelmatig gebeurt.
B
Wanneer iets nu bezig of aan de gang is.
C
Wanneer iets in het verleden is gebeurd.
D
Wanneer iets in het verleden is begonnen en nu nog bezig is.

Slide 10 - Quizvraag

Wat zijn signaalwoorden voor de present continuous?
A
(right) now, at the moment
B
already, yet, since, for, just
C
last week, in 1962, three years ago
D
always, ever, never, often, usually, every day

Slide 11 - Quizvraag

Present continuous:

Wat is de regel van de present continuous?
A
hele ww+ -ed
B
shit = hele ww+ -s
C
vorm van to be (am/are/is) + hele ww+ -ing
D
ww + ing

Slide 12 - Quizvraag

Slide 13 - Tekstslide

Slide 14 - Link

Present Simple
Present Continuous

Slide 15 - Tekstslide

Present simple vs Present continuous
Shaun usually __________ (walk) to school.
A
walks
B
is walking
C
walking
D
walk

Slide 16 - Quizvraag

usually = normaal gesproken. Het geeft dus een gewoonte aan = 
present simple!

Slide 17 - Tekstslide

Present simple vs Present continuous
__________ (Len / watch) the news regularly?

A
Does he watch
B
Is he watching
C
Watch he
D
Watches he

Slide 18 - Quizvraag

regularly geeft aan dat iets regelmatig gebeurt = 
present simple

Slide 19 - Tekstslide

Present simple vs Present continuous
The school bag weighs 8 kgs. It ________ (be) very heavy.
A
is
B
is being
C
was
D
are

Slide 20 - Quizvraag

Dit is een feitje, 
present simple = IS

Slide 21 - Tekstslide

Present simple vs Present continuous
Look! Esmee _______ (leave) the house.
A
leaves
B
is leaving
C
leave
D
leaving

Slide 22 - Quizvraag

Look! is een signaalwoord voor de present continuous!

Slide 23 - Tekstslide

Present simple vs Present continuous
You always _________ (arrive) late.
A
arrive
B
are arriving
C
is arriving
D
arrives

Slide 24 - Quizvraag

always geeft aan dat iets altijd is, dus de present simple

Slide 25 - Tekstslide

Present simple vs Present continuous
Every Sunday we _______ (visit) our grandparents.
A
are visiting
B
visits
C
visiting
D
visit

Slide 26 - Quizvraag

Every Sunday = elke zondag = regelmaat= present simple

Slide 27 - Tekstslide

Present simple vs Present continuous
Liis ________ (sleep) right now.
A
sleeps
B
sleeping
C
sleep
D
is sleeping

Slide 28 - Quizvraag

right now (nu) = signaalwoord voor de present continuous

Slide 29 - Tekstslide

Present simple <> Present continuous
Jasper and Hao Min _________ (play) Monopoly at the moment.
A
play
B
playing
C
are playing
D
plays

Slide 30 - Quizvraag

At the moment = nu, op dit moment = present continuous

Slide 31 - Tekstslide

I usually ... (work) as a cashier but this week I ... ( bake) bread.
A
am working - bake
B
work - am baking
C
have worked - have baked
D
am working - am baking

Slide 32 - Quizvraag

usually = normaal gesproken, dus simple present
BUT this week (uitzondering): iets wat alleen deze week gebeurt = present continuous

Slide 33 - Tekstslide