KNM 3.6 - 3.7

Gezondheid
3.6 De zorgverzekering


3.7 Orgaandonatie








1 / 33
volgende
Slide 1: Tekstslide
NT2PraktijkonderwijsLeerjaar 2

In deze les zitten 33 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 120 min

Onderdelen in deze les

Gezondheid
3.6 De zorgverzekering


3.7 Orgaandonatie








Slide 1 - Tekstslide

3.6 De zorgverzekering

Slide 2 - Tekstslide

3.6 De zorgverzekering
We lezen samen de tekst blz. 61-62

Slide 4 - Tekstslide

3.6 De zorgverzekering
Het basispakket
vergoedt = betaalt
de huisarts, de ambulance, de meeste kosten in het ziekenhuis,
medicijnen.

Het is verplicht voor iedereen.

Slide 5 - Tekstslide

3.6 De zorgverzekering
aanvullende verzekering
 vergoedt = betaalt
extra

Bijvoorbeeld: tandarts, fysiotherapeut of een psycholoog.
Je betaalt elke maand extra geld.

Slide 6 - Tekstslide

3.6 De zorgverzekering
weinig geld - zorgtoeslag
Kinderen betalen geen premie
Binnen 4 maanden na de geboorte aanmelden bij de verzekering, de verzekering betaalt de zorgkosten.
eigen risico - vanaf 18 jaar moet je een deel van de kosten betalen.


Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Tekstslide

3.6 De zorgverzekering
Gespreid (spreiden)- soms kan je niet alles in één keer betalen omdat het te duur is. 

Je vraagt dan aan de verzekeringsmaatschappij of je gespreid kan betalen.



Slide 9 - Tekstslide

3.6 De zorgverzekering
Eigen bijdrage- soms betaalt de verzekering een deel. Je moet ook een deel zelf betalen, dat deel heet: eigen bijdrage

Je krijgt dan nog een rekening van de verzekeringsmaatschappij of zorgverlener.



Slide 10 - Tekstslide

Slide 11 - Tekstslide

Wie vergoedt wat?

Slide 12 - Tekstslide

Hoe kies je een zorgverzekering?
Tekst - blz. 63

Slide 13 - Tekstslide

3.6 De zorgverzekering
Premie  = het bedrag dat je iedere maand moet betalen aan de zorgverzekering

Wisselen = veranderen. Hier: een andere zorgverzekering kiezen








Slide 14 - Tekstslide

3.6 De zorgverzekering
declareren - soms moet je eerst zelf betalen, dan vraag je later terug aan de verzekering.

Je vult dan een formulier in en je stuurt een foto of kopie van de rekening naar de verzekeringsmaatschappij.



Slide 15 - Tekstslide

Slide 16 - Tekstslide

Slide 17 - Tekstslide

Zorgtoeslag - blz. 64

Slide 18 - Tekstslide

Is een zorgverzekering verplicht?
A
Ja, alle Nederlanders moeten een basisverzekering en de aanvullende verzekering hebben.
B
De basisverzekering is verplicht en de aanvullende verzekering is niet verplicht.

Slide 19 - Quizvraag

Wat is de premie?
A
een vergoeding
B
een eigen bijdrage
C
het eigen risico
D
het geld dat je betaalt voor de verzekering

Slide 20 - Quizvraag

Waar kun je zorgtoeslag aanvragen?

Slide 21 - Open vraag

Moet ik mijn kind aanmelden bij de zorgverzekering?
A
Ja
B
Nee

Slide 22 - Quizvraag

Waarvoor betaal je geen eigen risico?

Slide 23 - Open vraag

Kan ik het eigen risico zelf kiezen?
A
ja
B
nee

Slide 24 - Quizvraag

Wat is declareren?
A
het geld dat de verzekering je geeft
B
het geld dat je betaalt aan de verzekering
C
zeggen dat je schade hebt
D
geld terugvragen van de verzekeringsmaatschappij

Slide 25 - Quizvraag

3.6 Zorgverzekering
Terugkijken: Opdracht 11

Slide 26 - Tekstslide

3.7 Orgaandonatie

Slide 27 - Tekstslide

3.7 Orgaandonatie 
  • Tekst blz. 65 - 66 



Slide 28 - Tekstslide

3.7 Orgaandonatie
Organen
Longen 
Nieren  
Bloed 
Orgaandonatie
Donor 
Keuze 
Donorregistratie 
Geen bezwaar
 




Slide 29 - Tekstslide

Opdracht 5 

Slide 30 - Tekstslide

Wat is orgaandonatie?
A
Je organen geven aan iemand die ze nodig heeft
B
Je laten opereren aan je organen

Slide 31 - Quizvraag

3.8 Herhalen thema 3
Oefenen voor het examen met werkblad 3.8A
Weet je het antwoord niet? Kijk terug in het hoofdstuk

Slide 32 - Tekstslide

Terugkijken
Opdracht 7

Slide 33 - Tekstslide