methodisch handelen GVP

Lesdag 9 methodisch handelen
1 / 57
volgende
Slide 1: Tekstslide
WelzijnBeroepsopleiding

In deze les zitten 57 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Lesdag 9 methodisch handelen

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Lesdoelen
  • De volgende onderwerpen zijn tijdens deze lesdag besproken; 
  • PDCA
  • wetgeving zorgleefplan
  • PES
  • SMART
  • ABC methode
  • Diverse meetinstrumenten waaronder MMSE en SNAQ65+

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoe gaat het?
  • Lukt het met de proeve van bekwaamheid ?
  • De overige opdrachten?
  • Nog vragen van de stof tot nu toe?
  • Casuïstiek om te bespreken? 

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Proeve van bekwaamheid 
In deze module zitten 2 proeven van bekwaamheid (3 en 4).

  1. Proeve van bekwaamheid 3; maken zorgplan nieuwe cliënt en na 3 weken evaluatie. Inleveren Yvonne/Patricia en praktijkbeoordelaar
  2. Proeve van bekwaamheid 4; Voorbereiden en deelnemen MDO . Inleveren verslag praktijkbeoordelaar

Vergeten jullie proeve van bekwaamheid niet. Deze wordt beoordeeld door praktijkbeoordelaar

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat weet jij van methodisch werken?

Slide 5 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Methodisch werken
Methodisch werken= bewust handelen, volgens vooraf geplande stappen of een bepaalde wijze om een doel te bereiken. 

Slide 6 - Tekstslide

Methodisch werken is het handelen volgens vooraf bepaalde stappen!
Door methodisch te handelen, leer je op een gestructureerde manier je doel te bereiken.
Methodisch werken is niet persé een plan opstellen. Het komt vaker voor dan men denkt. Denk aan wat je dagelijks doet (vaste patronen).
Als professional moet je natuurlijk wel een plan opstellen! In welke organisatie je ook werkt, elke organisatie biedt hulp en ondersteuning aan cliënten met hulpvraag. Elke organisatie heeft nagedacht over de doelstellingen die ze nastreeft en welke visie ze daarbij gebruikt. Aan de hand daarvan kiest de organisatie de methoden waarmee gewerkt wordt.

Methodisch werken is niet persé een plan opstellen. Het komt vaker voor dan men denkt.

Geef een voorbeeld hoe jij zelf methodisch werkt.

Slide 7 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Methode
= een vaste, doordachte manier van werken om een bepaald doel te behalen. 

Kenmerken:
  • Over wie gaat het?
  • Wat wil ik met de methode bereiken
  • Hoe ga ik te werk?
  • Wanneer nee ik welke stap
  • Wat is de samenhang en de fasering
  • In welke omstandigheden wordt de methode toegepast

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

De vier belangrijke kenmerken van methodisch werken:
Bewust
situatie cliënt, 
doelen,
werkwijze, proces, 
eigen gevoelens, 
invloed eigen gedrag

Planmatig
weg waarlangs men werkt
 stap voor stap
Proces
matig
zit je op de goede weg, bijsturen
Doel
gericht
vooruitkijken en terugkijken

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Bij welk kenmerk van methodisch werken hoort de onderstaande uitspraak?

Je werkt volgens een stappenplan om een doel te bereiken.
A
Bewust
B
Procesmatig
C
Planmatig
D
Doelgericht

Slide 10 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Bij het aanbieden van een activiteit denk je na over de doelen die je voor de cliënt wilt bereiken. Daarbij ben je je bewust van de cliënt, de doelen, de visie van de organisatie waar je werkt, de werkwijze, het proces en je eigen gedrag.
A
Bewust
B
Doelgericht
C
Planmatig
D
Procesmatig

Slide 11 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Dit is vooruitkijken en terugkijken: Wat is het doel? Hebben we het doel bereikt?
A
Bewust
B
Doelgericht
C
Planmatig
D
Procesmatig

Slide 12 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Tijdens de uitvoering van een activiteit moet je erop letten of je nog steeds op de goede weg zit of dat je het proces misschien moet bijsturen.
A
Procesmatig
B
Doelgericht
C
Planmatig
D
Bewust

Slide 13 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Volgens welke methode wordt er bij jullie op de locatie gegevens verzameld voor het zorgleefplan?

Wordt er gewerkt met de 4 levensdomeinen of een andere methode?

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Voor het zorgleefplan heb je te maken met wetgeving. Binnen hoeveel tijd moet een voorlopig zorgleefplan geschreven zijn?
A
72 uur
B
48 uur
C
24 uur

Slide 18 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat moet er allemaal in een voorlopig zorgplan gezet worden?

Slide 19 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Verplichte info voorlopig zorgleefplan
  • Kennismakingsgesprek
  •  cliënttypering
  •  primaire hulpvraag
  •  dieet
  • wat te doen bij calamiteiten
  • medicatie, et cetera

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Binnen hoeveel weken moet er volgens de wetgeving een definitief zorgplan zijn gemaakt?
A
3 weken
B
6 weken
C
9 weken
D
12 weken

Slide 21 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 23 - Tekstslide

  1. Een zorgplan heeft diverse doelen:
  2. duidelijke afspraken tussen zorgvrager en beroepsbeoefenaren over de individuele verzorging;
  3. zorgverlening volgens de afspraken (beroepsbeoefenaren houden zich aan de afspraken);
  4. vastleggen van prioriteit (belangrijkheid) in de zorgverlening;
  5. coördinatie van verrichtingen bij of gesprekken met de zorgvrager (afstemming tussen verschillen beroepsbeoefenaren);
  6. evaluatie van (de doelen van) de verzorging;
  7. inzichtelijk maken van afspraken tussen zorgvrager, zorgverlening en indicatiestelling (CIZ vanuit de Wlz en/of wijkverpleegkundige vanuit de Zvw).

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Benoem een voorbeeld van een feitelijk probleem?

Slide 25 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 26 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Benoem een voorbeeld van een te verwachten probleem

Slide 27 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Waar staat PES voor?

Slide 29 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 30 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Casus PES

Mevrouw de Boer is bij jou op de afdeling opgenomen. Ze zegt dat ze de laatste drie dagen heel slecht slaapt omdat het zo lawaaierig is op de gang. ​

Ze geeft aan dat ze door haar slaapgebrek erg veel overdag slaapt en erg prikkelbaar is.

Slide 31 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is het probleem?

Slide 32 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is de oorzaak?
(etymologie)

Slide 33 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat zijn de klachten?
(signs and symptoms)

Slide 34 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 35 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 36 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat weten jullie van SMART doelen?

Slide 37 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Slide 38 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 39 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 40 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 41 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Bevat een SMART doel een eindtijd?
A
Ja
B
Nee

Slide 42 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Op 1 december 2021 weeg ik 65 kilo
A
Wel SMART geformuleerd
B
Niet SMART geformuleerd

Slide 43 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Ik wil dat mevr. Jansen tijdens het ontbijt voldoende eet.
A
Wel SMART geformuleerd
B
Niet SMART geformuleerd

Slide 44 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Waarom moeten doelen SMART geformuleerd worden?
A
Dat is slimmer
B
Om te checken of ze behaald zijn
C
Het staat mooier
D
Om tussentijds te checken of je de goede dingen doet

Slide 45 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

SMART wordt gebruikt voor:
A
Het schrijven van een ondersteuningsplan
B
Controleren of je je dagtaken op werk hebt uitgevoerd
C
Het formuleren van doelen

Slide 46 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 47 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stappenplan

https://www.zorgvoorbeter.nl/probleemgedrag-ouderen/stappenplan

Slide 48 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wordt deze methode op alle locaties DL gebruikt? 

Slide 49 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

ABC methode
De ABCs-methode bestaat uit vier stappen. 
Helpt je om onbegrepen gedrag van mensen met dementie te begrijpen en op te lossen. 
 
Je krijgt tips om om te gaan met gedrag of emoties, zoals depressie en angsten, apathie, onrustig gedrag, en wanen en hallucinaties.

Slide 50 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Waar staat het voor?
A - Actie: welk gedrag vertoont jouw cliënt met dementie?
B - Bewegers: wat is de aanleiding voor het probleemgedrag?
C - Consequenties: welke gevolgen heeft het gedrag?
s - samen: bespreek mogelijkheden voor verandering met andere betrokkenen.

De ABCs-methode werkt het beste als je veel contact houdt
 met je cliënt en zijn naasten. Maak duidelijke afspraken met elkaar en bedenk met elkaar mogelijke oplossingen. Betrek je team als dat nodig is.

Slide 51 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 52 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wettelijk moet er binnen 14 dagen een risicosignalering zijn gemaakt. Wat wordt hiermee bedoeld?

Slide 53 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 54 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

aan de slag in tweetallen

Slide 55 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

https://meetinstrumentenzorg.nl/instrumenten/
  • MMSE
  • MOCA
  • Snack65+
  • Barthel index
  • kloktest tekenen opzoeken internet

Slide 56 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 57 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies