THE END!

'Ello old chaps
Looking back
Correct the mistakes
PTA 3/4 EX
1 / 28
volgende
Slide 1: Tekstslide
EngelsMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 3

In deze les zitten 28 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

'Ello old chaps
Looking back
Correct the mistakes
PTA 3/4 EX

Slide 1 - Tekstslide

What is a formal letter?
To whom do you write such a letter?

Slide 2 - Woordweb

What is the correct orde?
First and Last name
address recipient 
Your own address
Opening (aanhef)
Your text(inhoud)
The date
yours sincerely/ faithfully
closing sentence (slotzin)

Slide 3 - Sleepvraag

With which word can you both open an informal and formal letter?

Slide 4 - Open vraag

How do you close an informal letter?

Slide 5 - Open vraag

How do you close a FORMAL letter?

Slide 6 - Woordweb

What is wrong with this sentence:
I am writhing you because i am going to tell you what i did in the may holiday.

Slide 7 - Woordweb

I
I= Ik
We write it ALWAYS in CAPITAL letters.
It helps the reader to read is as I(the individual/ik) instead of a random letter in the middle of a sentence.

Slide 8 - Tekstslide

What is wrong/missing in this sentence?
my sister was born on the 26th of august 1987 on a wednesday

Slide 9 - Woordweb

What else do you write in capital letters? Names of

Slide 10 - Open vraag

This sentence is wrong, improve it:
I hope next year to Spain to go .

Slide 11 - Open vraag

Wat is de juiste volgorde van een Engelse zin?
(je mag ook een voorbeeld zin geven in de juiste volgorde)

Slide 12 - Woordweb

Woordvolgorde
Wie doet wat waar wanneer.
I hope to go to Spain next year.

Slide 13 - Tekstslide

to mend/to be / to do / to work etc.
= een verb/ werkwoord
komt meestal na een zelfstandig naamwoord
kun je aanpassen/vervoegen

Slide 14 - Tekstslide

What does (to) invite mean in Dutch?

Slide 15 - Open vraag

vervoeg het werkwoord "to invite"
(denk aan present/past simple/continuous, present perfect)

Slide 16 - Woordweb

Make a sentence with: (to) invite.

Slide 17 - Woordweb

Wat betekent "worn-out"?

Slide 18 - Open vraag

worn-out
= een adjective
zegt iets over het zelfstandig naamwoord
zet je meestal voor of na het zelfstandig naamwoord

Slide 19 - Tekstslide

Make a sentence with: worn-out.

Slide 20 - Woordweb

What does lavatory in Dutch mean?
A
laboratorium
B
toilet
C
wolkenkrabber
D
vulkaan

Slide 21 - Quizvraag

Make a sentence with: lavatory.

Slide 22 - Woordweb

Empty =
A
proost
B
toevoegen
C
leeg
D
empathie

Slide 23 - Quizvraag

grape =
A
druif
B
aardbei
C
banaan
D
bes

Slide 24 - Quizvraag

waiter
A
wachter
B
kelner
C
dienblad
D
beurtbalk

Slide 25 - Quizvraag

to tear(niet traan)=
A
versleten
B
verwateren
C
scheuren
D
schrijven

Slide 26 - Quizvraag

sleeve =
A
mand
B
meer
C
mouw
D
maker

Slide 27 - Quizvraag

PTA3/4
PTA3/4 EX = woordenschat (GEEN woordenboeken)
PTA 3/4 gewoon neem al je woordenboeken van heel de wereld mee. NE-ENG en ENG-NE.(eigen verantwoordelijkheid)

Slide 28 - Tekstslide