REFERENTIEKADER

Referentiekader
1 / 13
volgende
Slide 1: Tekstslide
BurgerschapSecundair onderwijs

In deze les zitten 13 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 100 min

Onderdelen in deze les

Referentiekader

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 2 - Woordweb

🧩 Lesverloop
1️⃣ Instap (10 minuten) – “Wat zie jij?”
Werkvorm: klassikale observatie + gesprek
Materiaal: prent of filmpje (bv. de optische illusie “oude vrouw – jonge vrouw”)
Opdracht:
De leerkracht toont de afbeelding.
Leerlingen zeggen wat ze zien.
De leerkracht vraagt: “Hoe kan het dat we iets verschillends zien, terwijl we naar hetzelfde kijken?”
Doel: nieuwsgierigheid opwekken en linken naar “we kijken allemaal door onze eigen bril”.

Slide 3 - Woordweb

🧩 Lesverloop
1️⃣ Instap (10 minuten) – “Wat zie jij?”
Werkvorm: klassikale observatie + gesprek
Materiaal: prent of filmpje (bv. de optische illusie “oude vrouw – jonge vrouw”)
Opdracht:
De leerkracht toont de afbeelding.
Leerlingen zeggen wat ze zien.
De leerkracht vraagt: “Hoe kan het dat we iets verschillends zien, terwijl we naar hetzelfde kijken?”
Doel: nieuwsgierigheid opwekken en linken naar “we kijken allemaal door onze eigen bril”.

Slide 4 - Woordweb

🧩 Lesverloop
1️⃣ Instap (10 minuten) – “Wat zie jij?”
Werkvorm: klassikale observatie + gesprek
Materiaal: prent of filmpje (bv. de optische illusie “oude vrouw – jonge vrouw”)
Opdracht:
  1. De leerkracht toont de afbeelding.
  2. Leerlingen zeggen wat ze zien.
  3. De leerkracht vraagt: “Hoe kan het dat we iets verschillends zien, terwijl we naar hetzelfde kijken?”
Doel: nieuwsgierigheid opwekken en linken naar “we kijken allemaal door onze eigen bril”.
Situatie
“De gsm aan tafel”

Tijdens het avondeten pakt Sam zijn gsm erbij om een bericht te sturen.
Zijn mama wordt boos en zegt: “Leg die gsm weg, aan tafel praten we met elkaar!”
Sam vindt dat ze overdrijft.

Slide 5 - Tekstslide

Vragen die je aan leerlingen kunt stellen:
  1. “Wie heeft er gelijk, denk jij? Of hebben ze allebei een punt?”
  2. “Waarom denken ze verschillend?”
  3. “Wat zou jouw mening zijn — en waar komt die vandaan?”
Waarom denken we anders?

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Door wat word jij beïnvloed?

Slide 7 - Woordweb

Mini-opdracht:
Leerlingen vullen een werkblad in met een getekende bril: in elk glas schrijven ze wat hen beïnvloedt.
Referentiekader
“Je referentiekader is als een bril waardoor je naar de wereld kijkt.”
“Wat je hebt geleerd thuis, op school, van vrienden of via je cultuur, beïnvloedt hoe je denkt.”

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Groepswerk
Opdracht:
Elke groep krijgt een situatiekaart, bv.: Je vriend wil geen vlees eten.
Stap 1: Bespreek in groep:
  • Hoe zou jij reageren?
  • Waarom denk je dat jij er zo over denkt?
  • Zou iemand anders dat anders kunnen zien?

Stap 2: Elke groep deelt één situatie met de klas.

Slide 9 - Tekstslide

3️⃣ Toepassing (20 minuten) – “Hoe zou jij reageren?”
Werkvorm: hoekenwerk of kleine groepjes

Opdracht:
Elke groep krijgt een situatiekaart, bv.:
Je vriend wil geen vlees eten.
Iemand draagt religieuze kledij op school.
Je hoort iemand een mop vertellen over een andere cultuur.
Je ouders willen dat je om 21u thuis bent, maar je vrienden mogen langer blijven.

Stap 1: Bespreek in groep:
Hoe zou jij reageren?
Waarom denk je dat jij er zo over denkt?
Zou iemand anders dat anders kunnen zien?

Stap 2: Elke groep deelt één situatie met de klas.
Doel: inzicht krijgen in verschillende referentiekaders.
Wat heb je vandaag geleerd over jezelf?

Slide 10 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Is het erg dat mensen anders denken? Waarom wel of niet?

Slide 11 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Hoe kun je respect tonen voor andere meningen?

Slide 12 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Door welke bril kijk jij?
Knutsel je eigen bril!

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies