Intramusculair injecteren BOL

Skills les: intramusculair injecteren

1 / 23
volgende
Slide 1: Slide
newEditorVerpleging en verzorgingMBOStudiejaar 1,2

In deze les zitten 23 slides, met interactieve quiz en tekstslides.

time-iconLesduur is: 100 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Skills les: intramusculair injecteren

Check in

Slide tekst

Planning

  • Leerdoelen.

  • 6 j's en uitvoeringsverzoek.

  • Anatomie theorie.

  • Korte opdracht .

  • Injectiegebieden.

  • Filmpjes Thieme.

  • Ruimte om aan opdrachten te werken.


Aan het eind van deze les kun je...

  • Aan het eind van de les heb je kennis over intramusculair injecteren

  • Aan het eind van de les kan je aantonen dat je intramusculair kan injecteren volgens protocol

  • Aan het eind van de les kan je medicatie klaar maken volgens de juiste wijze.

Heb je ooit een intramusculaire injectie mee gemaakt of gezien?

Voor je gaat injecteren herhaling !

Uitvoeringsverzoek

● Naam opdrachtgever

● Naam, adres, geboortedatum cliënt

● Naam handeling

● Indicatie handeling

● Frequentie

● Geldigheidsduur verzoek

● Evt specifieke aandachtspunten

● Naam en dosering medicijn







Altijd de 6 j's van toepassing

Slide tekst

Anatomie injecteren

Slide tekst

Wat was subcutaan injecteren ook alweer?

Subcutaan

  • In het onderhuidse vetweefsel

  • Dit weefsel is minder doorbloed dan spierweefsel


Langzamere opname

  • Geschikt voor medicijnen die gelijkmatig en geleidelijk afgegeven moeten worden
    (bijv. insuline, bloedverdunners)

Intramusculair

Intramusculair (IM)

  • In de spierlaag.

  • Snelle opname door goede doorbloeding van de spier.

  • Geschikt voor medicijnen die snel moeten werken.

  • Vaccins (bv. tegen griep)

  • Pijnstillers

  • Vitamines (bv. B12)

Injectienaalden (herhaling)

  • Diverse lengtes en diktes​

  • Gebruik veilige naalden is verplicht​

  • Kleurcodering diameter/dikte (Gauge) van de naald​ 

  • Voor iedere injectiemethode gebruik je andere lengte en diameter​

  • Lengte is ook afhankelijk van cliënt ​


Injectienaalden

Welke naald gebruik je wanneer?

Subcutane injecties (SC) (vorige les )

  • Gebruik dunne naalden: 0,4–0,6 mm.

  • Deze worden geadviseerd voor loodrechte of huidplooitechniek SC-injecties.


Intramusculaire injecties (IM)

  • Gebruik een dikkere en langere naald, zodat het medicijn in de spier terechtkomt (1,2 mm, 40 mm).

Het geneesmiddel

Je hebt vloeibare vorm voor injecteren, en poedervorm om op te lossen.

Injectiegebieden (herhaling)


  • Buik -> rondom de navel (Subcutaan)

  • Billen (bovenste deel intramusculair )

  • Buitenkant bovenarm

  • Bovenbeen ( kan IM/ subcutaan zoals bijv insuline langwerkend)

Hoeveel maximaal IM injecteren

Armspier 1 – 2 ml

Dijbeenspier 1 – 5 ml

Bilspier Max 4 ml

Wat doen bij een prikaccident

Slide tekst

Opdrachten maken Thieme

Daarna? -> praktijk

Pauze

Slide tekst

Filmpjes Thieme

  • Hoek van 90 graden.

  • Rangeer techniek

  • Opdrachten Thieme


Praktijk

  • Klaarmaken medicatie

  • Intramusculair injecteren volgens protocol

Leerdoelen/ check out

  • Aan het eind van de les heb je kennis over intramusculair injecteren

  • Aan het eind van de les kan je aantonen dat je intramusculair kan injecteren volgens protocol

  • Aan het eind van de les kan je medicatie klaar maken volgens de juiste wijze.