Las preferencias de Leila

Mededeling: plannen en organiseren 
Mooite met een planning te maken voor de toetsweek?  De school kan je helpen! 
• Woensdag 16 sept. Van 15.00 tot 16.30.
• Donderdag 24 sept. Van 15.00 tot 16.30
De leerlingen kunnen inlopen op de afdeling bij 1003 

1 / 30
volgende
Slide 1: Tekstslide
SpaansMiddelbare schoolvmbo k, havoLeerjaar 2

In deze les zitten 30 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Mededeling: plannen en organiseren 
Mooite met een planning te maken voor de toetsweek?  De school kan je helpen! 
• Woensdag 16 sept. Van 15.00 tot 16.30.
• Donderdag 24 sept. Van 15.00 tot 16.30
De leerlingen kunnen inlopen op de afdeling bij 1003 

Slide 1 - Tekstslide

Mededeling: Bowlen 

Slide 2 - Tekstslide

Afspraken in de lessen

1. Ik eet niet tijdens de les.
2. Ik onderbreek de docent niet.
3. Ik steek mijn vinger op als ik iets wil zeggen of antwoorden.
4. Ik stel alleen vragen die met de les te maken hebben.

Slide 3 - Tekstslide

Afspraken in de les 
5. Ik blijf op mijn plek.
6. Tijdens zelfstandig werken maak ik mijn opdrachten.
7. Ik gooi geen spullen door het lokaal.
8. Ik leid andere leerlingen niet af.

Slide 4 - Tekstslide

Consequenties 
1e waarschuwing: ik pas mijn gedrag aan. 

2e waarschuwing: laatste waarschuwing (naam op het bord) 
3e waarschuwing :  streepje naast je naam 

4e waarschuwing: ik werk zelfstandig verder buiten het lokaal.
Opdrachten  niet gemaakt buiten het lokaaL:
Tot 16:00 uur blijven. 

Slide 5 - Tekstslide

Mentor leren kennen. Raad eens wat de voorkeuren van de mentor zijn

Slide 6 - Tekstslide

1. ¿Qué tipo de película me gusta más?

A
Thrillers
B
Horror
C
Drama
D
Science fiction

Slide 7 - Quizvraag

2. ¿Qué comida me gusta más?

A
La paella
B
La pizza
C
El sushi
D
La tortilla de patatas

Slide 8 - Quizvraag

3. ¿Qué me gusta hacer en las vacaciones?

A
Leer, comer, nadar en el mar
B
Caminar, museos, bailar
C
Leer, hacer yoga, meditar
D
Ir de compras, cocinar, leer

Slide 9 - Quizvraag

4.¿Qué ciudad me gusta más?
A
Paris
B
Londres
C
Barcelona
D
Rio de Janeiro

Slide 10 - Quizvraag

5. Een leugen over mij is dat...
( Er zijn 3 waarheden en 1 leugen)
A
Ik heb op de langste zwarte piste van Europa gekied.
B
Ik heb twee jaar in Spanje gewoond
C
Ik ben ook docent Portugees
D
Ik ben opgeleid tot yoga docent

Slide 11 - Quizvraag

¿Qué vas a hacer? 
-Schrijf één leugen en twee waarheden over jezelf.
-Laat je klasgenoot deze niet zien.
-Iedere leerling leest de drie zinnen voor aan je klasgenoot. 
- Je klasgenoot probeer te raden wat de leugen is 

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Tekstslide

Slide 14 - Tekstslide

Individuele gesprekken 
12:45 uur: Saar en Sophie
13:00 uur: Anne Fleur en Winnie 

Slide 15 - Tekstslide

CUESTIONARIO

Slide 16 - Tekstslide

De gerundio
  • Wat is de gerundio?
  • Hoe maak je de gerundio?
  • Uitzonderingen op de regel🙄.

Slide 17 - Tekstslide

Wat is de gerundio?
  • Je wilt zeggen dat iets aan de gang is of
  • dat je ergens mee bezig bent. 

Nederlands: Michiel is aan het bellen.
Engels: John is talking on the phone. 

Slide 18 - Tekstslide

Hoe maak je de gerundio?
Necesitas dos verbos:
(koppelwerkwoord) estar + gerundio
                        [Engels: to be + ww -ing] 

             HABLAR                     COMER                           ESCRIBIR_______
       stam+ANDO              stam+IENDO                    stam+IENDO
Él está hablando.          Él está comiendo.          Él está escribiendo.

Slide 19 - Tekstslide

Gerundio

Slide 20 - Tekstslide

Net even anders...
Bij ww met een klinkerwisseling:
  • dormir [slapen]-  durmiendo
  • pedir [vragen] -  pidiendo
  • reír [lachen] -  riendo
Maar ook: 
  • ir [gaan] -  yendo
  • leer [lezen] -  leyendo

Slide 21 - Tekstslide

Vamos a escuchar
Módulo página 23 ejercicio A






1
2
3
4
5
6
7
8
Leerdoel: gerundio

Slide 22 - Tekstslide

Ir + a + infinitivo
Yo
voy
vas
Él/ Ella/ Usted
va
Nosotros/-as
vamos
Vosotros/-as
vais
Ellos/ Ellas/ Ustedes
van
+ A
+ infinitivo

Slide 23 - Tekstslide

Slide 24 - Tekstslide

25 a
<div><b>1).soy
</b></div><div><b>2).es
</b></div><div><b>3).son
</b></div><div><b>4).eres
</b></div><div><b>5).sois
</b></div><div><b>6).son</b></div>
25 b
<div><b>1).estoy
</b></div><div><b>2).estamos</b></div><div><b>3).están&nbsp;</b></div><div><b>4).estás&nbsp;</b></div><div><b>5).están</b></div><div><b>6)están</b></div>
25c
!Hola! Somos dos chicos (Pepe y Fran). (1) <b>Tenemos</b>&nbsp; 13 y 14 años y somos muy fans del Real Madrid. Mañana (2) <b>vamos</b>&nbsp; a un partido de fútbol en el estadio Santiago Bernabéu. Si (3) <b>tenéis</b> ganas también, (4) <b>tenemos</b>&nbsp; una sorpresa: yo (Pepe) (5) <b>tengo</b>&nbsp; dos entradas extra, y mi amigo Fran (6) <b>tiene</b>&nbsp; tres porque nuestros amigos no (7) <b>van</b> . Yo (8) <b>voy</b>&nbsp; a vender las entradas aquí en Internet. Fran (9) <b>va</b>&nbsp; a vender sus entradas en la puerta del estadio, mañana a las ocho de la tarde.
25d
<b>1)están
</b><div><b>2)tienes
</b></div><div><b>3)tengo
</b></div><div><b>4)va
</b></div><div><b>5)es
</b></div><div><b>6)tienes
</b></div><div><b>7)vais
</b></div><div><b>8)tienen
</b></div><div><b>9)soy
</b></div><div><b>10)está
</b></div><div><br></div>
Hacer ejercico 25

Slide 25 - Tekstslide

Escucha 26 a
26b
<b>1)el futuro inmediato
</b><div><b>2)presente
</b></div><div><b>3)el futuro inmediato
</b></div><div><b>4)el futuro inmediato
</b></div><div><b>5)presente
</b></div><div><b>6)presente
</b></div><div><b><br></b></div>
26c
<b>1)Ik ga een boek lezen.
</b><div><b>2)Heb je een rode jurk aan?
</b></div><div><b>3)We gaan de metro nemen
</b></div><div><b>4)Mijn vader gaat een cadeau kopen
</b></div><div><b>5)Ik ga naar de supermarkt.
</b></div><div><b>6)we gaan naar de les.</b></div><div><br></div>

Slide 26 - Tekstslide

27a
<b>1)Voy a comprar unos vaqueros esta tarde.
</b><div><b>2)Mis padres van a llegar esta noche.
</b></div><div><b>3)Esta noche vamos a cenar en un restaurante.
</b></div><div><b>4)¿Vas a salir con Carlos ahora?
</b></div><div><b>5)Merche va a ver la tele esta noche.
</b></div><div><br></div>
27b
<b>1)Voy a vivir
</b><div><b>2)Vamos a hablar
</b></div><div><b>3)Va a escuchar
</b></div><div><b>4)Va a llevar
</b></div><div><b>5)Van a comer
</b></div><div><b>6)Vais a comprar
</b></div><div><br></div>
Hacer: 27 + 28 (WB pág. 60- 61)
28
<span style="font-weight: bold">2)van a tomar un café en el centro
</span><div><span style="font-weight: bold">3)de la tarde Carmen va a hacer compras con su mamá en el supermercado.
</span></div><div><span style="font-weight: bold">4)van a comprar un regalo en el centro.
</span></div><div><span style="font-weight: bold">5)de la tarde Carmen y Sandra van a tomar un café en una terraza del Parque del Buen Retiro.
</span></div><div><span style="font-weight: bold">6)Carmen va a preparar una tortilla.
</span></div><div><span style="font-weight: bold">7)de la noche Carmen y Juana van a cenar tortilla.
</span></div><div><span style="font-weight: bold">8)de la noche Carmen va a ver una peli en el cine.
</span></div><div><br></div>

Slide 27 - Tekstslide

Escuchar frases clave (TB pág. 48)
Hacer 29 + 30 + 31 (WB pág. 62 - 63)
frases clave

Slide 28 - Tekstslide

Futuro inmediato 
(toekomende tijd) 

Slide 29 - Tekstslide

IR      A      HELE WERKWOORD
+
+

 

Slide 30 - Tekstslide