future

Future
1 / 42
volgende
Slide 1: Tekstslide
EngelsMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 4

In deze les zitten 42 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Future

Slide 1 - Tekstslide

Will
2. Voorspelling zonder bewijs
Be going to
2. Voorspelling met bewijs

Slide 2 - Tekstslide



Will      





Be going to



1. iets (niet) van plan (Er staat al iets vast)
 1.aanbieden/belofte/aankondiging/besluit

 Intentie (Er staat nog niks vast)

Slide 3 - Tekstslide

Will
1.aanbieden/belofte/aankondiging/besluit


Intentie (Er staat nog niks vast)



2.Voorspelling zonder bewijs

Slide 4 - Tekstslide

Can you believe it? My brother __?__ Beyonce live in concert!
A
will see
B
is going to see
C
is seeing
D
sees

Slide 5 - Quizvraag

Slide 6 - Tekstslide

Our class __?__ in 20 minutes.
A
starts
B
is starting
C
will start
D
is going to start

Slide 7 - Quizvraag

Slide 8 - Tekstslide

I read in the papers that it __?__ tomorrow.
A
will rain
B
is going to rain
C
is raining
D
rains

Slide 9 - Quizvraag

No! Have you seen their list of injuries? Real __?__ !
A
won't win
B
isn't going to win

Slide 10 - Quizvraag

Slide 11 - Tekstslide

going to
1. iets (niet) van plan (Er staat al iets vast)

2. voorspelling met bewijs

am/is/are

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Tekstslide

Slide 14 - Tekstslide

Slide 15 - Tekstslide

Present continuous
Afspraken waarvan plaats en/of tijd al vast staat.
Present simple
Tijden volgens een vast schema.
openings/sluitings/vertrek/aankomst/etc

We're seeing a film tonight.

I'm working at the Supermarket until 6.

The shop closes at 7.

The match starts at 3 o'clock.

Slide 16 - Tekstslide

I bet you Real Madrid __?__ the champions league this year.
A
will win
B
is going to win

Slide 17 - Quizvraag

Will

1. intentie

2. voorspelling zonder bewijs

be going to

1. van plan

2. voorspelling met bewijs

Present simple
Tijden volgens vast schema
Present continuous
Afspraken waarvan tijd/plaats al vast staat.

Slide 18 - Tekstslide

Wait, I __?__ clean that mess.
A
will help
B
am going to help

Slide 19 - Quizvraag

Jason __?__ his homework tonight.
He said he is busy.
A
don't
B
isn't doing
C
won't do
D
isn't going to do

Slide 20 - Quizvraag

Slide 21 - Tekstslide

Slide 22 - Tekstslide

Slide 23 - Tekstslide



Will      





Be going to



1. iets (niet) van plan (Er staat al iets vast)
 1.aanbieden/belofte/aankondiging/besluit

 Intentie (Er staat nog niks vast)

Slide 24 - Tekstslide

Slide 25 - Tekstslide

Wait, I __?__ clean that mess.
A
will help
B
am going to help

Slide 26 - Quizvraag

Slide 27 - Tekstslide

Will

1. intentie

2. voorspelling zonder bewijs

be going to

1. van plan

2. voorspelling met bewijs

Present simple
Tijden volgens vast schema
Present continuous
Afspraken waarvan tijd/plaats al vast staat.

Slide 28 - Tekstslide

Jason __?__ his homework tonight.
He said he is busy.
A
don't
B
isn't doing
C
won't do
D
isn't going to do

Slide 29 - Quizvraag

Slide 30 - Tekstslide

going to
1. iets (niet) van plan (Er staat al iets vast)

2. voorspelling met bewijs

am/is/are

Slide 31 - Tekstslide

Slide 32 - Tekstslide

No! Have you seen their list of injuries? Real __?__ !
A
won't win
B
isn't going to win

Slide 33 - Quizvraag

Can you believe it? My brother __?__ Beyonce live in concert!
A
will see
B
is going to see
C
is seeing
D
sees

Slide 34 - Quizvraag

Our class __?__ in 20 minutes.
A
starts
B
is starting
C
will start
D
is going to start

Slide 35 - Quizvraag

Will
2. Voorspelling zonder bewijs
Be going to
2. Voorspelling met bewijs

Slide 36 - Tekstslide

Will
1.aanbieden/belofte/aankondiging/besluit


Intentie (Er staat nog niks vast)



2.Voorspelling zonder bewijs

Slide 37 - Tekstslide

I bet you Real Madrid __?__ the champions league this year.
A
will win
B
is going to win

Slide 38 - Quizvraag

I read in the papers that it __?__ tomorrow.
A
will rain
B
is going to rain
C
is raining
D
rains

Slide 39 - Quizvraag

Present continuous
Afspraken waarvan plaats en/of tijd al vast staat.
Present simple
Tijden volgens een vast schema.
openings/sluitings/vertrek/aankomst/etc

We're seeing a film tonight.

I'm working at the Supermarket until 6.

The shop closes at 7.

The match starts at 3 o'clock.

Slide 40 - Tekstslide

Slide 41 - Tekstslide

Future

Slide 42 - Tekstslide