Communicatie - waarnemen en interpreteren les 1

Waarnemen en interpreteren

Les 1
1 / 26
volgende
Slide 1: Tekstslide
CommunicatieMBOStudiejaar 1

In deze les zitten 26 slides, met interactieve quiz, tekstslides en 2 videos.

Onderdelen in deze les

Waarnemen en interpreteren

Les 1

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Leerdoelen les 1 en 2
1. Je kan in eigen woorden het verschil uit leggen tussen interpreteren en waarnemen.
2. Je kan uitleggen waarom niet iedereen op dezelfde manier betekenis geeft aan een waarneming.

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Lessenserie
‘Observeren en rapporteren. Cliëntgegevens verzamelen. Observatiemethoden en technieken, feitelijk waarnemen, etc.’

Les 1, 2 en 3: Waarnemen en interpreteren
Les 4: Observatiemethoden en -technieken
Les 5: Rapporteren
Les 6: Cliënt gegevens verzamelen
Les 7: uitleg eindopdracht
Les 9: werken aan de eindopdracht

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Boeken
MZ- 
Communicatie en ondersteuning- Module 1- 1.3.1, 1.3.2 en module 2
Methodiek en gedragsbevordering Module 2 1.3.1, 1.3.2, 1.3.3.
En module 2 (cliënt gegevens verzamelen)

PW- Methodiek- Module 3
Communicatie- Module 3
 

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Afronding
1. In de lessen gaan jullie met lesopdrachten aan de slag. De uitwerking van deze opdrachten worden per les ingeleverd.
2. Jullie gaan een observatie doen op jullie BPV. (eindopdracht)


Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

0

Slide 6 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Wat zie je?

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Zet twee even lange strepen onder elkaar

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 9 - Tekstslide

Mensen die leven in gebieden met minder lijnen en meer organische vormen zien dit niet zo.

Mensen in een omgeving met meer groen kunnen ook meer verschillende tinten groen onderscheiden.
Welke kleur heeft de jurk?

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 11 - Tekstslide

Het is dus niet zo vanzelfsprekend dat iemand anders hetzelfde waarneemt.
Thema 5 Waarneming en gedrag

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Pen en papier of laptop bij de hand?

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat zie je? Schrijf op
timer
2:00

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat zag je allemaal?

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Bij vorige foto
- zet een streep onder de woorden die feitelijk zijn;
- zet een cirkel rond je interpretaties

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Algemene Definities
Een waarneming is iets wat een camera kan opnemen of een microfoon kan registreren (feitelijk/ objectief).
Maar hoe feitelijk is dat eigenlijk?

Een interpretatie is een persoonlijk (subjectief), beredeneerd oordeel van die waarneming. (wikipedia)

Slide 17 - Tekstslide

Denk aan de kleur van de jurk.

Er zijn bomen die de één heerlijk vind ruiken, terwijl de ander denkt, het stinkt hier naar kattenpis.
Waarnemingsproces
Het waarnemingsproces is het proces waarbij er informatie bij je binnenkomt en je betekenis geeft aan deze informatie.

Interpreteren is het geven van betekenis aan je waarneming.

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Betekenis geven aan je waarneming
Prikkels komen binnen via de zintuigen. Ons brein zet de prikkel om in informatie. (Bijvoorbeeld een rode bal) Een tot informatie verwerkte prikkel is een ervaring.

Ervaringen krijgen betekenis als ze worden gekoppeld aan eerdere opgeslagen ervaringen en emoties van dat moment en zorgen voor kleur aan hoe je iets beleeft.
(misschien heb je onlangs een bal tegen je hoofd gekregen, of heb je juist net zin om een beetje in beweging te komen.) 

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Lesopdracht  1
Geef aan welke uitspraak uitsluitend een concrete waarneming is, en licht je antwoord toe:
• Theo is een agressieve kerel.
• Jenny ging maandag een uur met lunchpauze.
• Herman was onzeker tijdens zijn presentatie.
• Mijn zoontje vindt die film heel saai.
• Ans vroeg niet naar mijn mening tijdens de vergadering.





Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Interpretatie is afhankelijk van:

• Het gedrag van die ander in eerdere situaties;
• Of je die persoon leuk vind of niet;
• Hoe wij zelf op dat moment in ons vel zitten;
• Ons referentiekader (=geheel van meningen, normen en waarden).

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 22 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Lesopdracht 2
Beschrijf één korte situatie die je deze week hebt meegemaakt. Beschrijf deze situatie enkel en alleen vanuit wat je hebt waargenomen (dus wat je hebt gezien, geroken, geproefd, …). Probeer elke interpretatie uit je verhaal weg te laten.
Bespreek deze oefening met een medestudent.

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Lesopdracht 3
Voeg met andere kleur je eigen interpretatie toe aan de in oefening 2 beschreven situatie. Beschrijf het verschil.

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Volgende week 
Verder met waarnemen en interpreteren
Zintuigen

Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Tips en tops van deze les

Slide 26 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies