MH2 Thema 1 verbranding en ademhaling bs 5 gezonde luchtwegen SKD

Thema 1 verbranding en ademhaling

B5 Gezonde luchtwegen
1 / 34
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieMiddelbare schoolmavo, havoLeerjaar 2

In deze les zitten 34 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 5 videos.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Thema 1 verbranding en ademhaling

B5 Gezonde luchtwegen

Slide 1 - Tekstslide

Les planning
* Herhalen bs 3 en 4
* Bespreken bs 5
* Zelfstandig werken aan HW 

Slide 2 - Tekstslide

Als je ademt vindt er gaswisseling plaats in de longen. Hierbij gaat er                  in de rode bloedcellen en                 vanuit die rode bloedcellen de longblaasjes in. 

Bloed dat naar de longblaasjes toestroomt bevat                  zuurstof en        koolstofdioxide en heet dus                 bloed. 

Bloed dat van de longblaadjes wegstroomt, bevat                  zuurstof en      koolstofdioxide en heet dus                 bloed. 
Herhaling basisstof 3 en 4: Ademhalen
Veel
Veel
Weinig
Weinig
Zuurstofrijk
Zuurstofarm
Zuurstof
Koolstofdioxide

Slide 3 - Sleepvraag

Herhaling basisstof 3 en 4: Ademhalen
Bij de borstademhaling/buikademhaling bewegen de ribben en het borstbeen. Door het samentrekken van de tussenribspieren bewegen je ribben omhoog/omlaag en wordt de borstholte groter/kleiner.

Bij de borstademhaling/buikademhaling bewegen het middenrif en de buikwand. Door het samentrekken van je middenrif worden de longen groter/kleiner, zodat je inademt/uitademt.

Borstademhaling
Buikademhaling
Omhoog
Omlaag
Groter
Kleiner
Groter
Kleiner
Inademt
Uitademt

Slide 4 - Sleepvraag

middenrif
longblaasje
Luchtpijptakje
haarvaatje
luchtpijp
mondholte
keelholte
neusholte
long

Slide 5 - Sleepvraag

Wat gebeurt er bij verslikken?
A
Er komt voedsel in de luchtpijp
B
Er komt lucht in de slokdarm

Slide 6 - Quizvraag

Hoe verplaatst
CO2 zich?
A
Van het longblaasje naar het bloedvat
B
Van het bloedvat naar het longblaasje

Slide 7 - Quizvraag

Enkele delen van het ademhalingsstelsel zijn de bronchiën, de longblaasjes en de luchtpijp. In volgorde: Waardoor komt de lucht binnen bij een diepe ademhaling? 
bronchiën - longblaasjes - luchtpijp
bronchiën - luchtpijp - longblaasjes 
longblaasjes - bronchiën - luchtpijp 
longblaasjes - luchtpijp - bronchiën 
luchtpijp - bronchiën - longblaasjes 
luchtpijp - longblaasjes - bronchiën 

Slide 8 - Sleepvraag

Ademhaling door de neus is beter dan door de mond. Welke reden klopt niet?
A
Door de neus kan ik ruiken of de lucht goed is.
B
Door de neus worden stofdeeltjes opgevangen in het slijmvlies
C
Door de neus kan de lucht beter verwarmt worden.
D
Door de neus kan de lucht sneller in de longen komen.

Slide 9 - Quizvraag

Thema 1 bs 5
gezonde luchtwegen

Slide 10 - Tekstslide

BS 5 Gezonde luchtwegen
Leerdoelen:
  • Je kunt uitleggen wat je zelf kunt doen om je luchtwegen gezond te houden
  • Je kunt beschrijven wat hooikoorts, astma en COPD zijn

Belangrijke begrippen:
  • Smog
  • Ventilatie

Slide 11 - Tekstslide

moeite met ademen

- slechte luchtkwaliteit (smog)
- ziekte  (astma)
- overgevoeligheid voor bepaalde stoffen (allergie)
- zelf toedienen van slechte stoffen (roken)

Slide 12 - Tekstslide

Smog
  • Luchtvervuiling
  • Uitlaatgassen
  • Fijnstof
  • Windstil 

Slide 13 - Tekstslide

Slide 14 - Video

Slide 15 - Video

Wat is wel goed voor je longen?
  • Bewegen 
  • Zingen 
  • Muziek maken 
  • Veel ventilatie!!!

Slide 16 - Tekstslide

aandoeningen
*  bronchitis
*  astma
*  COPD
*  hooikoorts
*  allergie

Slide 17 - Tekstslide

acute bronchitis

- na een griep of verkoudheid
- tijdelijk
- ontstoken      bronchiën/luchtpijptakjes
- meer slijmproductie

Slide 18 - Tekstslide

acute bronchitis


ontstoken bronchiën/luchtpijptakjes

Slide 19 - Tekstslide

Slide 20 - Tekstslide

Slide 21 - Video

Slide 22 - Tekstslide

Slide 23 - Video

Slide 24 - Tekstslide

Slide 25 - Video

Slide 26 - Tekstslide

Slide 27 - Tekstslide

Bij deze aandoening krijg je last van plotselinge aanvallen
A
COPD
B
Astma
C
Hooikoorts

Slide 28 - Quizvraag

Twee ziekten van het ademhalingsstelsel zijn astma en COPD.

Bij welke van deze ziekten zijn de luchtwegen steeds ontstoken?

A
Alleen bij astma
B
Alleen bij COPD
C
Bij astma en bij COPD
D
Bij geen van beiden

Slide 29 - Quizvraag

Wordt door roken astma veroorzaakt?
En COPD?
A
Alleen Astma
B
Alleen COPD
C
Beide
D
Geen van Beide

Slide 30 - Quizvraag

Stelling: voor mensen met COPD is het coronavirus gevaarlijker dan voor mensen zonder COPD (of andere longziekten)
A
Waar
B
Niet waar

Slide 31 - Quizvraag

                                   is de stof in sigaretten die ervoor zorgt dat mensen verslaafd raken aan roken. 

                                   in tabaksrook beschadigt de binnenkant van de luchtwegen. 

Als je                                     inademt, wordt het opgenomen in je bloed. Daardoor is er in het bloed minder plaats voor zuurstof. 
Koolstofmonoxide
Nicotine
Teer

Slide 32 - Sleepvraag

Wat zijn de risico's en gevolgen van roken?
A
longkanker
B
hartinfarct
C
hooikoorts
D
corona

Slide 33 - Quizvraag

Zelfstandig werken

Lezen:
 blz. 40 t/m 42
Maken:
 blz. 42 t/m 44
Opdr :1 t/m 4
Klaar? mk opdr 5t/m 9

Slide 34 - Tekstslide