5.4 Vermogen en energie p2



5.4 Vermogen en energie

1 / 12
volgende
Slide 1: Slide
newEditorNatuurkundeMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 3

In deze les zitten 12 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les



5.4 Vermogen en energie

Hoe zat het ook alweer?

Elektriciteit gebruiken

E berekenen

E = P x t 


E = Energiegebruik in kWh


P = Energie (power) in Watt


t = tijd in uren

Vermogen

De hoeveelheid energie die per seconde wordt omgezet


Symbool is P (Power), Wordt uitgedrukt in W (Watt)


Vermogen =  U: Spanning (in V)  x I: Stroomsterkte (in A)


P in W= U in V x I in A



Vermogen

Het vermogen van deze blender is 800 W.


Hij werkt op een spanning van 230 V (netspanning).


Hoeveel Ampere vraagt deze blender?



Vermogen

Op één groep van de huisinstallatie (230 V) worden drie apparaten aangesloten met vermogens van 2000, 1000 en 2200 W.


Het vermogen van apparaten dat op één groep is aangesloten, mag je bij elkaar optellen.

Totaal vermogen:


Bereken de totale stroomsterkte:

Tekenen van elektriciteit.


Schakelschema's

Aan de slag

Lees de tekst van 5.4

Maak de opdrachten

Kijk na

Verbeter

Teken af


Morgen in het leerhuis gaan we 5.3 en 5.4 afmaken.