K2.4 Het weer

K2.4 Het weer
1 / 30
volgende
Slide 1: Tekstslide
NatuurkundeMiddelbare schoolvwoLeerjaar 5

In deze les zitten 30 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

K2.4 Het weer

Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Tekstslide

Na deze les kan ik ...
... de relatieve vochtigheid van de lucht berekenen. 

... het proces van wolkvorming uitleggen. 

... de invloed van hoge- en lagedrukgebieden op het weer verklaren. 

... de invloed van warmte- en koufronten op het weer verklaren.

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Video

Het dauwpunt
  • Tglas < Tlucht
  • Tlucht zal dalen en komt onder het dauwpunt.
  • De lucht wordt een verzadigde damp.
  • Het vocht in de lucht zal condenseren op het glas. 

Slide 5 - Tekstslide

Relatieve luchtvochtigheid

Relatieve vochtigheid




Verzadigingsdruk water 20 oC = 2340 Pa



BiNaS tabel 13A
=VerzadigingsdrukwaterDampdrukwater100

Slide 6 - Tekstslide

Condens op blikje
Een blikje van 6,0 oC staat in een ruimte van 20 oC. De vochtigheid is op dit moment 50%.

Laat met een berekening zien of er condens op het blikje zal komen. 

Slide 7 - Tekstslide

Een blikje van 6,0 oC staat in een ruimte van 20 oC. De vochtigheid is op dit moment 50%.
Laat met een berekening zien of er condens op het blikje zal komen.

Slide 8 - Open vraag

Welke factoren veroorzaken alle mogelijke weerverschijnselen?

Slide 9 - Open vraag

Op welke hoogte ontstaan er wolken?
A
10 m
B
200 m
C
2 km
D
10 km

Slide 10 - Quizvraag

Wolkvorming

Slide 11 - Tekstslide

Wolkvorming
  1. Warme 'luchtbel' stijgt op.
  2. Deze 'luchtbel' zet uit en koelt af. 
  3. De temperatuur bereikt het dauwpunt
  4. Het water in de lucht condenseert. 
  5. Er wordt een een wolk gevormd. 

Slide 12 - Tekstslide

Wolkvorming
De lucht zet uit en koelt daarom af. Hierbij wordt geen warmte afgegeven aan de omgeving. Dit noem je adiabatische expansie.

Slide 13 - Tekstslide

Hoge en lage- drukgebieden
Lagedrukgebied: Lucht stijgt op.
Hogedrukgebied: Lucht daalt

Slide 14 - Tekstslide

In welke richting waait het?
A
Hoge- naar lagedrukgebied
B
Lage- naar hogedrukgebied
C
In beide richtingen
D
Wind is niet afhankelijk van drukgebieden

Slide 15 - Quizvraag

Waar is de grootste kans op neerslag?
A
Lagedrukgebied
B
Hogedrukgebied
C
Beide
D
Neerslag is niet afhankelijk van drukgebieden

Slide 16 - Quizvraag

Hoge- en lagedrukgebieden
Lagedrukgebied: Lucht stijgt op       Wolken en neerslag

Hogedrukgebied: Lucht daalt       Zon


Wind gaat van hoog naar laag.

Slide 17 - Tekstslide

Hoge- en lagedrukgebieden
Wind gaat niet rechtstreeks. 
Dit komt door de draaiing van de aarde.
Dit wordt het  genoemd.

Slide 18 - Tekstslide

Slecht weer?

Slide 19 - Tekstslide

Slecht weer?
Stockholm

Slide 20 - Tekstslide

Goed weer?

Slide 21 - Tekstslide

Goed weer?
Azoren

Slide 22 - Tekstslide

Warmte- en koufronten
Weer Wessem 17 - 23 augustus 2025






Wanneer passeert er een koufront?

Slide 23 - Tekstslide

Warmte- en koufronten

Slide 24 - Tekstslide

Warmtefront
  • Warme lucht duwt koude lucht weg
  • Temperatuur stijgt
  • Dunne langgerekte bewolking
  • Lange miezerbuien

Slide 25 - Tekstslide

Koufront
  • Koude lucht duwt warme lucht weg
  • Temperatuur daalt
  • Stapelwolken
  • Hevige neerslag

Slide 26 - Tekstslide

Hoe ver kunnen we kijken?

Slide 27 - Tekstslide

Na deze les kan ik ...
... de relatieve vochtigheid van de lucht berekenen. 

... het proces van wolkvorming uitleggen. 

... de invloed van hoge- en lagedrukgebieden op het weer verklaren. 

... de invloed van warmte- en koufronten op het weer verklaren.

Slide 28 - Tekstslide

Ik heb de doelen behaald.
010

Slide 29 - Poll

Slide 30 - Tekstslide