Les 3 verbaal en Non verbaal

Les 3 Comm. Vaardigheden
Welkom! Log in via Lesson up met je eigen naam. Je tas van tafel, telefoons op stil.
Soms zegt een lach meer dan 1000 woorden..
1 / 20
volgende
Slide 1: Tekstslide
Sociale vaardighedenMBOStudiejaar 1

In deze les zitten 20 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

Onderdelen in deze les

Les 3 Comm. Vaardigheden
Welkom! Log in via Lesson up met je eigen naam. Je tas van tafel, telefoons op stil.
Soms zegt een lach meer dan 1000 woorden..

Slide 1 - Tekstslide

Wat gaan we vandaag doen
Terugblik les 2
soorten Non verbale communicatie
Oefeningen lichaamstaal
oefening intonatie
Opdracht  eerste indruk, interpretatie
Nabespreken les
vooruitblik les 4

Slide 2 - Tekstslide

Slide 3 - Tekstslide

Mats werkt in de gehandicaptenzorg. Hij vraagt aan Jerrel of hij hulp nodig heeft bij het aankleden. Jerrel geeft aan dat dat niet nodig is.
Schrijf op: Zender/boodschap/medium/ontvanger

Slide 4 - Open vraag

Is Jerrel aan het einde de zender of de ontvanger?

Slide 5 - Open vraag

Verbale communicatie
 is een vorm van communicatie waarbij je je uit met woorden of geluiden. Verbale communicatie kan zowel gesproken als geschreven zijn. Voorbeelden van verbale communicatie zijn: het voeren van een gesprek of het schrijven van een e-mail. 

Slide 6 - Tekstslide

Non verbaal
Het is belangrijk dat je goed let op de non-verbale signalen die een cliënt geeft, en deze probeert te herkennen. 
Door je bewust te zijn van de non-verbale signalen die de cliënt geeft, kun je hem beter begrijpen. Dit bevordert de communicatie.

Slide 7 - Tekstslide

Onbewuste zaken
. Denk bijvoorbeeld aan geuren en kleuren. Onbewust hebben deze dingen invloed op de manier waarop je communiceert met de cliënt of zijn sociaal netwerk. Zo kan een bepaalde kleur bij een cliënt onbewust heel veel bij jou naar boven halen. De kleur zorgt op dat moment voor een bepaalde stemming.

Slide 8 - Tekstslide

Tijd en ruimte
De ruimte waarin communicatie plaatsvindt heeft invloed op gedrag van de zender en de ontvanger. In een volle lift laat je ander gedrag zien dan wanneer je in een open ruimte staat. Jouw interpretatie van gedrag van de zender zal in een kleine drukke ruimte anders zijn dan in een grote rustige ruimte. De tijd is ook van invloed. Misschien geef je ’s ochtends als je net wakker bent wel heel andere signalen dan ’s avonds.

Slide 9 - Tekstslide

Lichaamstaal
Communiceren met lichaamstaal noem je pre-verbaal. Denk aan je houding, je manier van bewegen en je gezichtsuitdrukking. Door je houding zend je informatie naar de ontvanger over hoe je je voelt of hoe je ergens over denkt

Slide 10 - Tekstslide

Groepsoefening 1
We gaan een oefening doen met lichaamstaal.
We delen de groep op in twee groepen.
aan de hand van de houding die iemand aan neemt gaan we een test doen.

Slide 11 - Tekstslide

Groepsoefening II
We gaan in de twee groepen kijken of we de mimiek en houding kunnen raden.
Welke emotie/mentale toestand denk jij dat jouw klasgenoot uitbeeldt? 
Schrijf ze op, hoeveel heb jij er goed? Wat zegt dat over jouw vermogen om goed te communiceren?

Slide 12 - Tekstslide

Je kunt niet niet communiceren
ik heb 3 mensen nodig die een kaartje krijgen.

Slide 13 - Tekstslide

alle non verbale elementen
Tijd en ruimte ( hoelaat, kleine ruimte)
Lichaamstaal ( houding, mimiek
onbewuste zaken ( Geur, kleur, geluid, voorafgaande gebeurtenis)
Uiterlijke kenmerken + kleding stijl

Slide 14 - Tekstslide

Stem en intonatie
 De boodschap die je aan de ontvanger zendt, kan anders op hem overkomen door bijvoorbeeld de toon van je stem, je intonatie of je spreektempo. Hierbij gaat het er dus om hoe je iets zegt tegen de ander.

We gaan oefenen met onze stem en intonatie

Slide 15 - Tekstslide

We gaan kijken zonder geluid
Wat zie je? Wat voel je erbij?

We gaan nu alleen luisteren naar het geluid
Wat hoor je allemaal?


Slide 16 - Tekstslide

1

Slide 17 - Video

00:35
Wat voor stemgebruik hoor je allemaal en intonatie bij de presentator?

Slide 18 - Open vraag

Geoefend met verbale en non verbale communicatie
Jullie hebben net al gemerkt dat de houding die iemand aan neemt, het uiterlijk en mimiek een bepaald signaal afgeven.
Ons brein interpreteert dit altijd anders en is niet altijd juist.
We gaan een opdracht doen over de kracht van interpretatie

Slide 19 - Tekstslide

Volgende week
Meta communicatie ( Mis communicatie)
Inhouds en betrekkings niveau van communicatie
Ruis

Slide 20 - Tekstslide