Aan de slag met
Oostindische inkt
(structuren en texturen)
Aan de slag met
Oostindische inkt
(structuren en texturen)
Wat weet en kun je aan het einde van de les?
Je kunt werken met een kroontjespen
Je kunt werken met inkt
Je weet wat textuur is
Je weet wat structuur is
Je kunt verschillende texturen tekenen met inkt
Je kunt een klein dier tekenen en die invullen met min. 3 texturen in inkt.
Wat is Textuur?
Textuur is wat je ziet en kunt voelen.
De tafel heeft bijna geen textuur want die is vlak en glad.
De schors van een boom wel want die is ruw en grof.
De Vacht van een vos is weer zacht en harig.
Textuur hoe het voelt, structuur alles bij elkaar.
Kort samengevat:
Textuur = hoe het voelt
Structuur = hoe je het tekent en hoe het bij elkaar heet.
De bekenste vorm van structuur toe passen in de tekenkunst heet "arceren". Eigenlijk teken je allemaal hele kleine lijntjes. Hoe dichter je die lijntjes bij elkaar zet, hoe donkerder de arcering word.
Hoe verder je de lijntjes van elkaar af zet, hoe lichter het word. Zo maak je verschillende tonen of tinten met maar 1 kleur. Op de volgende slide zie je voorbeelden van verschillende tonen van structuur en een voorbeeld van een tekening met alleen maar dit soort lijntjes (gearceerd)
Afstand tussen de lijnen
richting van de lijnen
Dikte van de lijnen
De 1e opdracht
Probeer verschillende structuren te maken met je inkt en pen.
Denk aan;
* Natuurlijke (huid, vacht,microscoop) structuren
* Kunstmatige structuren
* Fantasiestructuren
De 2e opdracht
Nu heb je geoefend met structuur en inkt.
Nu ontwerp je een eigen fantasie dier met minimaal 3 verschillende dieren.
(meer dan 3 mag, maar minder niet)
Per dier breng je een structuur aan, dus hoe meer verschillende dieren, hoe meer verschillende structuren.
1. Maak 3 schetsen op schets papier ( max 1 lesuur)
2. Werk je beste schets uit op dikker papier, de structuren vul je later in met inkt.
3. Teken de verschillende structuren van je fantasie dier in met inkt.
Zorg dat je dieren goed aanluiten. Ook als ze bijvoorbeeld lange en korte poten hebben.
Gebruik echte dieren als voorbeelden, dus geen getekende plaatsjes. Daar wordt vaak geen structuur gebruikt
Beoordeling
* Bestaat het dier uit 3 soorten? (2 punten)
*Heeft de huid verschillende structuren? (2,5 punten)
*Is er een achtergrond? (2 punten)
*Hoe creatief ben je geweest? (2,5 punten)
Compositie (1 punt)