Werkvormen: Expertgroepen

Verschillende strafzaken

1 / 22
volgende
Slide 1: Slide
newEditorAardrijkskundeBurgerschapskunde+4BasisschoolMiddelbare schoolMBOHBOBeroepsopleidingGroep 1-8

In deze les zitten 22 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 15 min
Dit is niet oké

Introductie

Op zoek naar een activerende werkvorm waarmee leerlingen elkaar lesgeven én actief met de lesstof aan de slag gaan? Maak kennis met de expert-werkvorm: een krachtige didactische aanpak die samenwerken, verdiepen en uitleggen combineert.

Instructies

Wat is het?
De werkvorm expertgroepen is een activerende samenwerkingsvorm waarbij leerlingen zich verdiepen in een deelonderwerp en hun opgedane kennis vervolgens delen met medeleerlingen. De klas wordt eerst verdeeld in expertgroepen. Iedere groep krijgt een specifiek onderwerp of aspect van de lesstof. Na het bestuderen van het onderwerp keren de leerlingen terug naar hun basisgroep, waarin van elk deelonderwerp één expert zit. Zo wordt de totale leerstof door leerlingen aan elkaar uitgelegd.

Deze werkvorm stimuleert verdieping, verantwoordelijkheid en actieve verwerking van lesstof.

Waarom is de werkvorm zo krachtig?
De expert-werkvorm:
  • Activeert leerlingen: ze krijgen een actieve rol in het leren van anderen.
  • Stimuleert samenwerking: leerlingen werken eerst samen met experts en daarna met diverse basisgroepen.
  • Versterkt begrip: uitleggen aan anderen dwingt tot verdieping.
  • Maakt differentiatie mogelijk: leerlingen kunnen zich specialiseren in een onderwerp dat bij hun niveau of interesse past.
  • Biedt structuur en veiligheid: door vaste werkfasen en groepsrollen.
Het past uitstekend binnen activerend en formatief handelen, en bevordert 21e-eeuwse vaardigheden als samenwerken, communiceren en kritisch denken.

Hoe maak je het?
In LessonUp kun je de expert-werkvorm eenvoudig vormgeven. Volg deze stappen:
  1. Maak een instructieslide waarin je uitlegt hoe de expert- en basisgroepen werken.
  2. Maak voor ieder deelonderwerp een aparte expertgroep-dia met een video, afbeelding, tekst of interactieve vraag.
  3. Zet de LessonUp-les in differentiatiemodus (klik op de ‘Differentiatie’ knop in de editor). Hiermee kun je leerlingen laten kiezen of toewijzen welke slides zij moeten bekijken, afhankelijk van hun expertise.
  4. Na de expertfase voeg je een of meerdere basisgroep-opdrachten toe, bijvoorbeeld een open vraag waarin ze elkaars kennis combineren.
  5. Sluit af met een quiz of poll om te checken of iedereen de volledige lesstof beheerst.
Praktische tip: Gebruik bij de expert-dia’s interactieve werkvormen als sleepvragen, open vragen of quizzen voor directe verwerking van informatie.

Hoe zet je hem in?
Een andere krachtige manier om de expert-werkvorm voor elk vak in te zetten, is door te starten met één overkoepelende hoofdvraag die relevant is voor het onderwerp van de les. De klas wordt vervolgens verdeeld in expertgroepen, waarbij elke groep één deelvraag onderzoekt die bijdraagt aan het beantwoorden van die hoofdvraag. Na de expertfase delen de leerlingen hun bevindingen in basisgroepen of klassikaal, waarna gezamenlijk de hoofdvraag wordt beantwoord. Zo bouw je gestructureerd kennis op, laat je leerlingen gericht samenwerken én stimuleer je dat ze de samenhang tussen verschillende onderdelen van de lesstof herkennen. De werkvorm is breed toepasbaar. Voorbeelden:
  • Aardrijkskunde: leerlingen worden expert in weersextremen (droogte, hittegolven, overstromingen, stormen).
  • Geschiedenis: groepen verdiepen zich in verschillende revoluties (Franse, Industriële, Digitale, Agrarische).
  • Biologie: experts werken aan verschillende organen of ziekten binnen het menselijk lichaam.
  • Economie: leerlingen verdiepen zich in vormen van belastingen, inflatie, loonontwikkeling, of begrotingstekort.
  • Nederlands: groepen worden expert in verschillende tekstsoorten of argumentatiestructuren.
  • Engels: leerlingen behandelen verschillende hoofdstukken van een leestekst of types Engelse uitdrukkingen.
Wil je deze werkvorm direct toepassen? 
In deze les staat een voorbeeld voor het vak Aardrijkskunde. Zet deze direct in, in jouw les of laat je inspireren. Sla jouw favoriete slide op via de 'Bewaar' knop en pas de lesslides eenvoudig aan voor jouw les.

Onderdelen in deze les

Verschillende strafzaken

Wat doen we tijdens deze les?

Verhaal uit: De Zweetvoetenman

Terugblik vorige lessen

Leerdoelen

Aan de slag in expertgroepen met verschillende strafzaken

Quiz


5 minuten start

Wat weet je nu over een rechtszaak?

Leerdoelen

Ik kan in een strafzaak herkennen welk misdrijf is gepleegd. (toepassen)


Ik kan in een strafzaak herkennen welke risicofactoren voor crimineel gedrag een rol spelen. (toepassen)


Ik kan uitleggen wat de rol is van de officier van justitie, advocaat en rechter in een strafzaak. (begrijpen)


Ik kan mijn strafzaak uitleggen aan andere leerlingen. (toepassen)


1️⃣ De klas wordt verdeeld in 5 expertgroepen:

  • Man schuldig aan vechtpartij in Arnhem

  • Arnhemmer cel in voor meerdere winkelovervallen

  • Militair krijgt 8 maanden cel voor drugshandel en wapenbezit

  • Jeugddetentie voor poging tot ontploffing en brandstichting bij Pizzazaak

  • Strafzaak Mallorca, lagere straffen

2️⃣ Word expert in jouw strafzaak

3️⃣ Daarna vorm je nieuwe groepen

4️⃣ Leg jouw strafzaak uit aan anderen

Jij wordt expert van een strafzaak!

Man schuldig aan vechtpartij in Arnhem


Onderzoek jullie strafzaak

  • Welk misdrijf is gepleegd?

  • Welke risicofactoren herken je?

  • Welke personen uit de rechtszaak komen voor?

  • Wat eist de officier van justitie?

  • Wat beslist de rechter?

  • Welke soort straf wordt gegeven?


Werkwijze: schrijf de antwoorden kort op post-its en plak ze op het artikel.

Arnhemmer cel in voor meerdere winkelovervallen


Onderzoek jullie strafzaak

  • Welk misdrijf is gepleegd?

  • Welke risicofactoren herken je?

  • Welke personen uit de rechtszaak komen voor?

  • Wat eist de officier van justitie?

  • Wat beslist de rechter?

  • Welke soort straf wordt gegeven?


Werkwijze: schrijf de antwoorden kort op post-its en plak ze op het artikel.

Militair krijgt 8 maanden cel voor drugshandel en wapenbezit


Onderzoek jullie strafzaak

  • Welk misdrijf is gepleegd?

  • Welke risicofactoren herken je?

  • Welke personen uit de rechtszaak komen voor?

  • Wat eist de officier van justitie?

  • Wat beslist de rechter?

  • Welke soort straf wordt gegeven?


Werkwijze: schrijf de antwoorden kort op post-its en plak ze op het artikel.

Jeugddetentie voor poging tot ontploffing en brandstichting bij Pizzazaak


Onderzoek jullie strafzaak

  • Welk misdrijf is gepleegd?

  • Welke risicofactoren herken je?

  • Welke personen uit de rechtszaak komen voor?

  • Wat eist de officier van justitie?

  • Wat beslist de rechter?

  • Welke soort straf wordt gegeven?


Werkwijze: schrijf de antwoorden kort op post-its en plak ze op het artikel.

Strafzaak Mallorca, lagere straffen


Onderzoek jullie strafzaak

  • Welk misdrijf is gepleegd?

  • Welke risicofactoren herken je?

  • Welke personen uit de rechtszaak komen voor?

  • Wat eist de officier van justitie?

  • Wat beslist de rechter?

  • Welke soort straf wordt gegeven?


Werkwijze: schrijf de antwoorden kort op post-its en plak ze op het artikel.

Experts controleren

Zijn jullie klaar om expert te zijn?

Iedereen uit de groep moet kunnen vertellen:

Wat is er gebeurd?
Welke risicofactoren zijn er?
Wat eist de officier?
Wat doet/zegt de advocaat?
Wat beslist de rechter?
Welke straf wordt opgelegd?

Nieuwe groepen maken


In je expertgroep krijgt iedereen een nummer: 1, 2, 3, 4 of 5.

Daarna ga je bij de leerlingen zitten met hetzelfde nummer.


Zo zit in elke basisgroep:

  • 1 expert van de vechtpartij

  • 1 expert van de winkelovervallen

  • 1 expert van de militair

  • 1 expert van de pizzazaak

  • 1 expert van Mallorca








Experts vertellen


De expert heeft drie minuten de tijd om over de zaak te vertellen.

De rest van de groep vult het schema in








3

m

00

s

Wie bepaalt uiteindelijk welke straf een verdachte krijgt?


A

De rechter

B

De politie

C

De advocaat

D

De officier van justitie

Wat doet de officier van justitie tijdens een strafzaak?


A

De uiteindelijke straf bepalen

B

De verdachte verdedigen

C

Namens het Openbaar Ministerie een straf eisen

D

Alle getuigen arresteren

Welke straf kreeg de militair voor drugshandel en wapenbezit?

A

Taakstraf

B

8 maanden gevangenisstraf

C

2.5 jaar gevangenisstraf

D

Geldboete

Welke risicofactor herken je duidelijk bij de Arnhemmer die winkels overviel?

A

Alcohol en drugs

B

Onveilige thuissituatie

C

Biologische factoren

D

Spijbelen

Wat voerde de advocaat aan bij de vechtpartij in Arnhem?


A

Dat de verdachte minderjarig was

B

Dat de verdachte uit noodweer handelde

C

Dat er geen slachtoffer was

D

Dat de politie fouten had gemaakt

Waarom kreeg de jongen in de zaak van De Pizzabakkers niet alleen jeugddetentie, maar ook begeleiding?


A

Omdat hij beter moet leren omgaan met druk van anderen

B

Omdat hij geen misdrijf had gepleegd

C

Omdat hij zelf de rechter had gevraagd om begeleiding

D

Omdat hij alleen had gespijbeld


Waarom werd Sanil B. in hoger beroep vrijgesproken van het medeplegen van doodslag op Carlo Heuvelman?


A

Omdat hij minderjarig was

B

Omdat er te weinig wettig en overtuigend bewijs was

C

Omdat de advocaat geen pleidooi hield

D

Omdat de officier geen straf had geëist

De rechter moet altijd dezelfde straf geven als de officier van justitie heeft geëist.


A

Waar

B

Niet waar

C


D