6.4 Stad en land in onze tijd

Cursus 6
6.4  Stad en land in onze tijd
1 / 31
volgende
Slide 1: Tekstslide
Mens & MaatschappijMiddelbare schoolvmbo bLeerjaar 1

In deze les zitten 31 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

Onderdelen in deze les

Cursus 6
6.4  Stad en land in onze tijd

Slide 1 - Tekstslide

planning
  1. opstart
  2. leerdoelen bespreken.
  3. uitleg
  4. leerdoelen checken
  5. aan de slag.
  6. Afsluiten

Slide 2 - Tekstslide

Wat is het grootste verschil tussen een stad en een dorp?

Slide 3 - Open vraag

In een landelijk gebied wonen veel mensen.
A
Waar
B
Niet waar

Slide 4 - Quizvraag

Boeren en burgers
Geestelijken
Edelen

Slide 5 - Sleepvraag

Leerdoelen
  1. Je kan aan het einde van de les de opbouw van een nederlandse stad benoemen.
  2. Aan het einde van de les kun je uitleggen wat de Randstad is.
  3. aan het einde van de les kun je uitleggen wat het Groene hart is.
leerdoelen volgende les:

Slide 6 - Tekstslide

Leerdoelen
Leerdoelen volgende les:
Je kan  aangeven wanneer een gebied dun of dichtbevolkt is.
Je kan aan het einde van de les uitleggen wat bevolkingsdichtheid is.
Je kan het begripForensen en woon-werkverkeer uitleggen.
Je kan op een kaart aanwijzen wat hoofdverbindingen zijn.

Slide 7 - Tekstslide

De stad
Historische binnenstad

Bijna alle (oude) Nederlandse steden zijn op deze manier gebouwd

Slide 8 - Tekstslide

Voorbeeld
Stadspoort

Alles binnen deze poorten is de historische binnenstad. Alles hierbuiten is er later pas bijgebouwd. 

Slide 9 - Tekstslide

De stad groeit
Van de jaren 1960 tot 1990 werden er veel flats en huizen bijgebouwd.

Nieuwbouwwijken vanaf 1990 noemen we ook wel Vinex.

Slide 10 - Tekstslide

Slide 11 - Video

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Tekstslide

Slide 14 - Tekstslide

Slide 15 - Tekstslide

Leerdoelen
Leerdoelen volgende les:
Je kan  aangeven wanneer een gebied dun of dichtbevolkt is.
Je kan aan het einde van de les uitleggen wat bevolkingsdichtheid is.
Je kan het begripForensen en woon-werkverkeer uitleggen.
Je kan op een kaart aanwijzen wat hoofdverbindingen zijn.

Slide 16 - Tekstslide

Slide 17 - Tekstslide

Slide 18 - Tekstslide

Bevolkingsdichtheid
Wonen er veel mensen bij elkaar in de buurt, dan noem je dat dichtbevolkt.

Andersom is dunbevolkt.

Slide 19 - Tekstslide

Slide 20 - Tekstslide

Nederland wordt dichtbevolkt genoemd. Hoe zou dat komen?

Slide 21 - Open vraag

Verkeer
Forensen = mensen die moeten reizen naar hun werk

Hierdoor ontstaan er veel files in Nederland

Slide 22 - Tekstslide

Slide 23 - Tekstslide

Wat zijn de vier grootste steden in de Randstad?

Slide 24 - Open vraag

Leg het verschil uit tussen dichtbevolkt en dunbevolkt.

Slide 25 - Open vraag

Hoe wordt de historische stadskern van een stad vaak genoemd?

Slide 26 - Open vraag

In welke periode zijn er veel flats in Nederland gebouwd?
A
1800-1900
B
1900-1960
C
1960-1990
D
1990-2010

Slide 27 - Quizvraag

In welke wijk woon jij? Is dit in de binnenstad, of in een VINEX wijk? Leg uit waarom wel of niet.

Slide 28 - Open vraag

0

Slide 29 - Video

Bekijk de video. Hoeveel toeristen bezoeken Amsterdam elk jaar?

Slide 30 - Open vraag

In welke provincies is de Randstad te vinden?

Slide 31 - Open vraag