Les 2 betoog

Wat doen we vandaag?
1. Lezen 
2. Bouwplan betoog
3. Wat is een goede inleiding? (werkblad)
4. Aan de slag
5. Afsluiting




Wat leer/doe je deze les?
1. Je hebt een stelling voor je betoog gekozen en het bouwplan is uitgewerkt.
2. Je weet waar een krachtige inleiding aan voldoet.
3. Je maakt een start met je betoog (inleiding)
timer
1:00
1 / 33
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsVoortgezet speciaal onderwijsLeerroute 1

In deze les zitten 33 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Wat doen we vandaag?
1. Lezen 
2. Bouwplan betoog
3. Wat is een goede inleiding? (werkblad)
4. Aan de slag
5. Afsluiting




Wat leer/doe je deze les?
1. Je hebt een stelling voor je betoog gekozen en het bouwplan is uitgewerkt.
2. Je weet waar een krachtige inleiding aan voldoet.
3. Je maakt een start met je betoog (inleiding)
timer
1:00

Slide 1 - Tekstslide

Stelling
Positief, helder en duidelijk formuleren.

1: Bij code oranje moeten alle scholen dicht
2: Er moet en maximumsalaris komen voor professionele voetballers
3: Een telefoonverbod op school is onterecht

NIET:
Vapes moeten verboden worden zodat jongeren gezonder zijn
Telefoons moeten terugkomen op school bijvoorbeeld in de pauzes
Vapes moeten verboden worden.

Het gebruik van vapes moet verboden worden.

De verkoop van vapes aan jongeren moet verboden worden.

Slide 2 - Tekstslide

Betoog 
Eindproduct: Deze periode maak je een schriftelijk betoog en dit presenteer je uiteindelijk voor de klas. 

Voor het schriftelijk betoog en de presentatie
krijg je één cijfer dat 2x meetelt. 


Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Tekstslide

Slide 5 - Tekstslide

Scholen moeten latere begintijden hanteren
Als scholen latere begintijden hanteren kunnen leerlingen langer in bed liggen en zijn ze meer uitgerust. Ze kunnen dan langer slapen en hoeven later op school te zijn. 


Slide 6 - Tekstslide

Scholen moeten latere begintijden hanteren
Mijn eerste argument gaat over de biologische klok van jongeren. Deze werkt namelijk  anders in de puberteit: het slaapritme verschuift met een paar uur. Dit betekent dat jongeren 's avonds minder moe zijn en laat gaan slapen en dus ook later wakker worden. Toch verwacht school dat ze vroeg in de klas zitten om te werken. Zo bouwen ze dus een slaaptekort op. Zo zie je bijvoorbeeld dat leerlingen tijdens het eerste uur weinig motivatie hebben, omdat ze nog half slapen. Laat staan als ze dan een toets moeten maken. 

Slide 7 - Tekstslide

Scholen moeten latere begintijden hanteren
Mijn eerste argument gaat over de biologische klok van jongeren. Deze werkt namelijk  anders in de puberteit: het slaapritme verschuift met een paar uur. Dit betekent dat jongeren 's avonds minder moe zijn en laat gaan slapen en dus ook later wakker worden. Toch verwacht school dat ze vroeg in de klas zitten om te werken. Zo bouwen ze dus een slaaptekort op. Zo zie je bijvoorbeeld dat leerlingen tijdens het eerste uur weinig motivatie hebben, omdat ze nog half slapen. Laat staan als ze dan een toets moeten maken. 

Slide 8 - Tekstslide

Kiezen
1. Je kiest één van de voorgaande stellingen die je iets verder uitwerkt (of een andere stelling).
2. Je schrijft één alinea met één argument voor de stelling.

Argumenten uitwerken volgens AUB
Een argument goed uitleggen doe je door het nemen van drie stappen:
1. Eerst zeg je wat het argument (A) is
2. Dan leg je het argument uit (U)
3. Tot slot geef je een voorbeeld: "Dit zien we bijvoorbeeld (B) bij..."

Slide 9 - Tekstslide

Huiswerk
De volgende les neem je een stelling mee die je wilt gebruiken voor je betoog!

Moeite mee? Kijk op schooldebatteren.nl/stellingen

Slide 10 - Tekstslide

Betoog stappenplan
1. Voorbereiding: onderwerp kiezen + standpunt innemen
2. Argumenten bedenken (2/3 voor, 1 tegen + weerlegging) + onderzoek doen (bronnen)+ bouwplan maken.
3. Schrijven van je betoog: inleiding, middenstuk, slot
4. Pakkende titel toevoegen

Hierna pas voorbereiden op de presentatie.


Slide 11 - Tekstslide

Waaraan moet een stelling aan voldoen?
Kies: werk alleen of in tweetal

1. Ga naar deze site en klik op: 'download criteria'.
2. Zoek op aan welke 7 criteria een goede stelling moet voldoen. 
3. Noteer alle 7 criteria in je schrift.


Slide 12 - Tekstslide

Test stellingen: goed of fout?
Test stellingen: goed of fout?




Slide 13 - Tekstslide

Aan de slag!
Maak de brainstormopdracht.

Klaar? Top! 
Werk je betoog verder uit.



Slide 14 - Tekstslide

Mogelijke stellingen
1. Accounts van influencers die fake news verspreiden moeten tijdelijk gedeactiveerd worden. 
2. Alcoholproducten moeten twee keer zo duur worden.
3. Bijles moet worden afgeschaft.
4. Duurzaamheid en klimaat moet een verplicht vak op school worden.
5. Filmpjes op social media waarin gerookt of gevapet wordt, moeten direct offline gehaald worden.
6. Alleen mensen met een IQ hoger dan 70 mogen stemmen.
7. Alleen landen die vrouwenrechten respecteren hebben recht op ontwikkelingshulp.
8. Energiedrankjes moeten verboden worden.
9. De overheid moet een limiet stellen aan de schermtijd van jongeren.
10. Een uur per dag bewegen moet op iedere school verplicht in het lesprogramma zitten.

Tip voor stellingen: www.schooldebatteren.nl

Slide 15 - Tekstslide

Aan de slag
1. Werk nakijken: huiswerk vorige week + opdr. 2 strafschoppen 

2. Maken: opdracht 1 blz. 168/169


Huiswerk: dinsdag 21 maart oefentoets hoofdstuk 5 maken uit je boekje!




timer
1:00

Slide 16 - Tekstslide

Slide 17 - Tekstslide

Slide 18 - Tekstslide

Weerlegging van een argument
Mogelijke argumenten tegen je standpunt benoemen en laten zien dat ze niet kloppen (weerlegging). 

Je ontkracht een argument of tegenargument. 

Slide 19 - Tekstslide

Slide 20 - Tekstslide

Programma komende periode
Formuleren: hoofdstuk 1, 2, 3, 4, 6, --> toets 
Schrijven: schrijfdossier maken, 4 opdrachten maken en inleveren via Teams--> o/v/g

Je kan:
1. Zinnen correct begrenzen en verbindingswoorden gebruiken.
2. Informatie over het woordgeslacht gebruiken om de verwijswoorden deze, die, dit, dat correct gebruiken.
3. Signaalwoorden gebruiken om verbanden tussen zinnen aan te geven.
4. Verwijswoorden correct gebruiken.
6. Regels voor de verwijswoorden hen/hun, dat/wat en waarmee/met wie correct gebruiken.

Slide 21 - Tekstslide

Aan de slag/huiswerk
In plenda noteren DONDERDAG 2 februari
                                       Opdr. 1, 2, 4 blz. 123

Geschatte tijd: 15 minuten.


Klaar? Top! Zelf nakijken en daarna bezig met je dossier of lezen.

Slide 22 - Tekstslide

Schrijfdossier
Je werkt aan je opdrachten in het schrijfdossier.

Aan het eind van deze les:
Opdracht 1, 2, 3 zijn af!

Let op: Volgende week 8 februari lever je je dossier in.


timer
25:00

Slide 23 - Tekstslide

Opdracht 1 en 2 van blz. 92/93

Klaar? Top!! Zelf (kritisch) nakijken op blz.

Alweer klaar? Lekker bezig! Kies:
- Lezen in je leesboek
- Werken aan je schrijfdossier (opdracht 1, 2 moeten af zijn volgende week!)

Slide 24 - Tekstslide

Slide 25 - Tekstslide

Verwijzen naar de- en het- woorden
Bekijk dit filmpje over hoe je verwijst naar de- en het- woorden.

Slide 26 - Tekstslide

Formuleren hoofdstuk 1 (blz. 32/33)
Bekijk dit filmpje over zinnen correct begrenzen.

Theorie H.2 
?
Klik op de afbeelding om deze te vergroten.

Slide 27 - Tekstslide

Mediatheek?
Wil je tijdens deze lockdown boeken lenen?
-> Mail dan naar: mediatheek@cvo-nf.nl wat je nodig hebt. De boeken/materialen worden voor je klaargelegd en kun je de volgende dag ophalen tussen 9.00-10.00 uur op Groot Mariënburg!

-> De catalogus kun je bekijken via de Aura app OF www.csg-comenius.nl => inloggen leerlingen (links onderaan pagina) => klik op “Catalogus mediatheek”.
Maak nu opdracht 1 van blz. 62 in je schrift. 
Voorbeelden:
1. Het bataljon  -> Onzijdig
2. De dienst -> Mannelijk

Slide 28 - Tekstslide

Mediatheek?
Wil je tijdens deze lockdown boeken lenen?
-> Mail dan naar: mediatheek@cvo-nf.nl wat je nodig hebt. De boeken/materialen worden voor je klaargelegd en kun je de volgende dag ophalen tussen 9.00-10.00 uur op Groot Mariënburg!

-> De catalogus kun je bekijken via de Aura app OF www.csg-comenius.nl => inloggen leerlingen (links onderaan pagina) => klik op “Catalogus mediatheek”.
Maak nu opdracht 2 van blz. 63 in je schrift. 
Voorbeeld: 
1. De aanvoerder, die de zilveren bokaal omhooghield, kwam het podium op.

Uitleg: aanvoerder is een de-woord, dus verwijzen met die of deze.

Slide 29 - Tekstslide

Mediatheek?
Wil je tijdens deze lockdown boeken lenen?
-> Mail dan naar: mediatheek@cvo-nf.nl wat je nodig hebt. De boeken/materialen worden voor je klaargelegd en kun je de volgende dag ophalen tussen 9.00-10.00 uur op Groot Mariënburg!

-> De catalogus kun je bekijken via de Aura app OF www.csg-comenius.nl => inloggen leerlingen (links onderaan pagina) => klik op “Catalogus mediatheek”.
Maak nu opdracht 3 van blz. 63 in je schrift. 
Voorbeeld: 
1. De gemeente legt hier een nieuw fietspad aan, dat de veiligheid moet vergroten.

Uitleg: fietspad is een het-woord, dus verwijzen met dit of dat.

Slide 30 - Tekstslide

Mediatheek?
Wil je tijdens deze lockdown boeken lenen?
-> Mail dan naar: mediatheek@cvo-nf.nl wat je nodig hebt. De boeken/materialen worden voor je klaargelegd en kun je de volgende dag ophalen tussen 9.00-10.00 uur op Groot Mariënburg!

-> De catalogus kun je bekijken via de Aura app OF www.csg-comenius.nl => inloggen leerlingen (links onderaan pagina) => klik op “Catalogus mediatheek”.
Maak nu opdracht 4 van blz. 63 in je schrift. 
Voorbeeld: 
1. Het meisje dat daar loopt vind ik echt heel leuk. 
(dat verwijst naar meisje en meisje is een het-woord.)

2. Doe dit alleen bij je eigen zinnen. 

Slide 31 - Tekstslide

Controleren
Kun jij nu:

- zinnen correct begrenzen met de juiste leestekens?
- zinnen correct begrenzen met behulp van verbindingswoorden?
- de verwijswoorden deze, die, dit en dat correct gebruiken?

Kijk je werk na. De antwoorden vind je in Teams onder bestanden->formuleren-> antwoorden. 

Slide 32 - Tekstslide

Slide 33 - Tekstslide