Optellen & Aftrekken Decimale getallen

Hoofdstuk 3.2 Decimale getallen optellen & aftrekken
1 / 10
volgende
Slide 1: Tekstslide

In deze les zitten 10 slides, met tekstslides.

Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Hoofdstuk 3.2 Decimale getallen optellen & aftrekken

Slide 1 - Tekstslide

Planning van de les
- Terugblik vorige les
- Leerdoelen bespreken
- Instructie decimale getallen optellen en aftrekken
- Zelfstandig verwerken 
- Afsluiting 

Slide 2 - Tekstslide

Terugblik vorige les

Slide 3 - Tekstslide

- Ik kan decimale getallen tot 100 met 1 of 2 decimalen cijferend optellen.

- Ik kan decimale getallen tot 100 met 1 of 2 decimalen cijferend aftrekken.
Leerdoel van deze les

Slide 4 - Tekstslide

Instructie 
Stap 1: Zet de som onder elkaar met de komma's recht onder elkaar.
Stap 2: Kijk of de getallen hetzelfde aantal getallen achter de komma hebben. Niet? Zet een 0 op de lege plek.
Stap 3: Reken hem hetzelfde uit als bij het optellen van hele getallen zonder komma. 

Slide 5 - Tekstslide

3,98 + 2,05 =
18,6 + 3,86 =

Slide 6 - Tekstslide

Instructie 
Stap 1: Zet de som onder elkaar met de komma's recht onder elkaar.
Stap 2: Kijk of de getallen hetzelfde aantal getallen achter de komma hebben. Niet? Zet een 0 op de lege plek.
Stap 3: Reken hem hetzelfde uit als bij het aftrekken van hele getallen zonder komma. (Lenen bij de buren)

Slide 7 - Tekstslide

4,23 - 1,99 =
16,2 - 5,43 =

Slide 8 - Tekstslide

Aan de slag!
Hoe?
Zelfstandig
Ik loop rond voor vragen
Blz.
Hoofdstuk 3.2 
begint op blz. 92

Opdr.
11, 12, 13, 16, 17, 18, 19, 20, 21
Er moet een berekening bij!

Klaar?
Iets voor jezelf doen op je laptop, waarbij je niemand anders stoort. 


timer
15:00

Slide 9 - Tekstslide

Afsluitende vraag
6,21 + 12,89 =
1,45 + 56,9 =

85,53 - 11,69 =
7,48 - 0,8 =

Slide 10 - Tekstslide