Rekenen met geld

Rekenen met geld
Betalen en teruggeven
1 / 28
volgende
Slide 1: Tekstslide
RekenenLager onderwijs

In deze les zitten 28 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Rekenen met geld
Betalen en teruggeven

Slide 1 - Tekstslide

Doelen
Basisrekenvaardigheden
De leerling heeft inzicht in structuur van getallen.
Toepassingen, geld in levensechte situaties
De leerling heeft besef van de courante kostprijs
De leerling schat de totale kostprijs
De leerling breekt de totale kostprijs

Slide 2 - Tekstslide

Hoe schrijf je dit in een getal?

Slide 3 - Open vraag

Hoe schrijf je dit in een getal?

Slide 4 - Open vraag

Hoe schrijf je dit in een getal?

Slide 5 - Open vraag

Hoe schrijf je dit in een getal?

Slide 6 - Open vraag

Hoe schrijf je dit in een getal?

Slide 7 - Open vraag

Hoe schrijf je dit in een getal?

Slide 8 - Open vraag

Hoe schrijf je dit in een getal?

Slide 9 - Open vraag

Slide 10 - Tekstslide

Wat is de gemiddelde prijs voor 1 bolletje ijs?
A
2 EURO
B
6 EURO
C
4 EURO
D
8 EURO

Slide 11 - Quizvraag

Slide 12 - Tekstslide

Wat is de gemiddelde prijs van een flesje Prime 500 ml?
A
5 euro
B
15 euro
C
10 euro
D
20 euro

Slide 13 - Quizvraag

Slide 14 - Tekstslide

Hoeveel kost een curryworst in de frituur gemiddeld?
A
3 EURO
B
5 EURO
C
8 EURO
D
10 EURO

Slide 15 - Quizvraag

Slide 16 - Tekstslide

Hoeveel kost een skateboard van Santa Cruz gemiddeld?
A
25 EURO
B
50 EURO
C
75 EURO
D
100 EURO

Slide 17 - Quizvraag

Hoeveel kost 1 blikje Fanta (33cl) gemiddeld in het grootwarenhuis.
A
0,80 €
B
2,00 €
C
1,50 €
D
2,50 €

Slide 18 - Quizvraag

Welke twee getallen vormen samen €1?
€0,50
€0,75
€0,15
€0,20
€0,30
€0,55
€0,40
€0,35
€0,80
€0,65
€0,50
€0,70
€0,85
€0,25
€0,60
€0,45

Slide 19 - Sleepvraag

Enkele voorbeelden:
Ik koop: 
Ik betaal: €15
Ik krijg terug: 

Slide 20 - Tekstslide

Ik koop: 
Ik betaal: €15
Ik krijg terug: 

Slide 21 - Tekstslide

Ik koop: 
Ik betaal: €5
Ik krijg terug: 

Slide 22 - Tekstslide

Ik koop: 
Ik betaal: €5
Ik krijg terug: 

Slide 23 - Tekstslide

Ik moet €3,20 betalen
Ik betaal €5
Hoeveel krijg ik terug?
A
€2,80
B
€1,80
C
€8
D
€2

Slide 24 - Quizvraag

Ik moet €13 betalen.
Ik geef €15.
Hoeveel krijg ik terug?
A
€2
B
€20
C
€2,20
D
€0,20

Slide 25 - Quizvraag

Ik moet €17,30 betalen.
Ik geef €20.
Hoeveel krijg ik terug?
A
€3,70
B
€3
C
€2,30
D
€2,70

Slide 26 - Quizvraag

Ik moet €16,75 betalen.
Ik geef €20.
Hoeveel krijg ik terug?
A
€4,35
B
€4,25
C
€3,25
D
€3,35

Slide 27 - Quizvraag

Ik moet €12,15 betalen.
Ik geef €20.
Hoeveel krijg ik terug?
A
€7,95
B
€8,85
C
D
€7,85

Slide 28 - Quizvraag