cross

M1/H1 - Tellen tot 1000

BONJOUR !!!
  • Rangez les portables
  • Prenez le chromebook
  • Prenez votre cahier
  • SILENCE...
1 / 18
volgende
Slide 1: Tekstslide
FransMiddelbare schoolhavoLeerjaar 1

In deze les zitten 18 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

BONJOUR !!!
  • Rangez les portables
  • Prenez le chromebook
  • Prenez votre cahier
  • SILENCE...

Slide 1 - Tekstslide

LESDOEL
NA VANDAAG KAN JE TOT 1000 TELLEN IN HET FRANS

WANNEER GEBRUIK JE DIT?
-winkelen, betalen, tijd, afstand,  je telefoonnummer geven...

Slide 2 - Tekstslide

Hoe zat het ook alweer?
  • kan je tot 20 tellen
  • ken je de tientallen
  • weet je wanneer je 'ET' gebruikt
  • weet je wanneer er een streepje staat
  • ken je de 'gekke getallen'

-> Dus kan je tot 100 tellen ?!?

Slide 3 - Tekstslide

Tientallen
10 = dix
20 = vingt
30 = trente
40 = quarante
50 = cinquante
60 = soixante

Slide 4 - Tekstslide

Wanneer gebruik je
ET?

Slide 5 - Woordweb

ET
Dit woordje betekent EN, en gebruik je bij....

eenentwintig         vingt et un
eenendertig           trente et un                     -> zonder streepjes!
eenenveertig         quarante et un
                  etc.

Slide 6 - Tekstslide

Wanneer gebruik je
een streepje?

Slide 7 - Woordweb

Het streepje -
... gebruik je als je twee cijfers direct aan elkaar koppelt.

vingt-trois
trente-cinq
quarante-six
cinquante- neuf
Maar dus nooit bij EENEN + twintig/dertig/etc. !!!

Slide 8 - Tekstslide

De gekke getallen
70  = 60 + 10        = soixante-dix
                                    en dan tel je door met elf, twaalf, dertien...
80  = 4 x 20          = quatre-vingts
                                    en dan tel je door met één, twee, drie, ...
90  = 4 x 20 + 10  = quatre-vingt-dix
                                     en dan tel je door met elf, twaalf, dertien

Slide 9 - Tekstslide

En dan kan je tot 100 tellen !
100 = cent
1000 = mille

                                                          Maar let op...

Slide 10 - Tekstslide

Notez !
  • 81 en 91 hebben NIET het woordje ET
  • 20 en 100 krijgen een S, als het het einde van een cijfer is:        (-> quatre-vingts, trois cents) 
  • máár (-> quatre-vingt-trois, trois cent douze)
  • 1000 is onveranderlijk (-> deux mille)

Slide 11 - Tekstslide

Ik kan....
LEREN: tellen tot 1000 in het Frans

MAKEN: opdracht 4, 5, 6 paragr. 3.4

Ga oefenen met Memrise Hst. 3, of leer voca 2 & 3!

Slide 12 - Tekstslide

4x20+17
A
87
B
97
C
41
D
127

Slide 13 - Quizvraag

4x20+5
A
29
B
95
C
85
D
79

Slide 14 - Quizvraag

78
A
soixante-dix-neuf
B
quatre-vingt-dix-huit
C
soixante-dix-huit
D
soixante-huit

Slide 15 - Quizvraag

96
A
soixante-seize
B
soixante-neuf
C
quatre-vingt-six
D
quatre-vingt-seize

Slide 16 - Quizvraag

71 72 .... 74 .... 76 77 78 ....

soixante-....
A
treize, quatorze, dix-neuf
B
quatorze, seize, dix-neuf
C
treize, quinze, dix-neuf
D
treize, quinze, dix-huit

Slide 17 - Quizvraag

Wanneer ben ik geboren?
mille neuf cent soixante et onze

Slide 18 - Open vraag