22 juni

Wat doen we vandaag?
  • Vragen grammatica?
  • Bespreken Symboulè 2D
  • Bespreken oefeningen 2D. 
1 / 16
volgende
Slide 1: Tekstslide
GrieksMiddelbare schoolvwoLeerjaar 2

In deze les zitten 16 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Wat doen we vandaag?
  • Vragen grammatica?
  • Bespreken Symboulè 2D
  • Bespreken oefeningen 2D. 

Slide 1 - Tekstslide

Vragen grammatica?

Slide 2 - Open vraag

Symboulè 2D

Slide 3 - Tekstslide

1a: 3 functies van de dativus?

Slide 4 - Open vraag

1b: 3 voorbeelden

Slide 5 - Open vraag

2a: hoofdzin, bijzin, voegwoord?

Slide 6 - Open vraag

2b: hoofdzin, bijzin, voegwoord?

Slide 7 - Open vraag

2c: werkwoordsvormen en verschil in vertaling?

Slide 8 - Open vraag

2d: Samengestelde zin, tijd van de persoonsvorm en vergelijking 2c.

Slide 9 - Open vraag

3: vorm en tijdsstam? Hoe weergeven?

Slide 10 - Open vraag

Oefening 1
nominativus                 genitivus
θάνατος                           θεράποντος
ἀγαθός                             παιδός
υἱός                                   σώματος
γεραιός                            ὕδατος
ἰατρός                               δαίμονος
ξένος
ἄνθρωπος
ποταμός
χρόνος

Slide 11 - Tekstslide

Oefening 2
dativus          werkwoordsvorm
παισί               ἀκούουσι
θεράπουσι     λέγουσι
δαίμοσι
σώμασι

Slide 12 - Tekstslide

Oefening 3
1 ψυχαί nom. mv, de rest dat ev
2 ὥρα nom. ev vrl., de rest nom. mv onz.
3 ἤδη bijwoord, de rest zelfst. naamw.
4 διά voorzetsel, de rest voegwoord
5 ὁδός zelfst. naamw., de rest bijv. naamw.
6 οὕτω bijwoord, de rest werkwoord
7 σῶμα zelfst. naamw., de rest bijwoord

Slide 13 - Tekstslide

Oefening 4
1 κωλύω Ik houd de vreemdeling tegen.
2 ἔξεστιν Het is mogelijk voor de goddelijke arts ziektes te beëindigen.
3 ἔλειπον De mannen lieten Aspasia in het huis achter.
4 ἔλεξεν Dat zei Agariste tegen Philippos.
5 ἐθέλω Ik wil de tempel niet binnengaan.
6 δεῖ Het is nodig dat te doen.
7 πίνω Ik drink geen wijn.

Slide 14 - Tekstslide

Oefening 5
1 ἐπροβαινον moet zijn προέβαινον
2 ξένε moet zijn ξένοι of ἐθέλετε moet zijn ἐθέλεις
3 τοὺς νόσους moet zijn τὰς νόσους
4 εἶχον moet zijn εἶχεν
5 τοὺς θεράποντες moet zijn τοὺς θεράποντας
6 ὁ δαίμονος moet zijn ὁ δαίμων
7 κωλύουσιν moet zijn κωλύειν

Slide 15 - Tekstslide

Aan het werk.
  • Maak 2D, oefening 5. 

  • Leer de woordjes en grammatica van Serie 1 en 2.

Slide 16 - Tekstslide